21 juli 2019

Toerisme als ziekte


'Niemand houdt van een zieke. Ook niet een andere zieke', schreef de onvergetelijke schaakmeester Jan-Hein Donner in een verzamelboekje van zijn columns (Slecht nieuws voor iedereen, Bert Bakker, 1987), en Donner sprak met kennis van zaken.

Hetzelfde kun je ook zeggen over toeristen meen ik.
Niemand houdt van hen, je wil ze niet, al zeker niet in je eigen stad maar ook niet als je elders zélf toerist bent. Het gezicht van weer een bende die achter de opgestoken paraplu van een cicerone aanstrompelt is stuitend en bederft het genoegen van de plaatselijke bewoner. Hij kan zijn eigen stad niet meer zien en moet gedurig het trottoir af voor barbaren die selfies aan het maken zijn.

Bij de besturen van bijvoorbeeld Barcelona, Venetië of Parijs lijkt het besef te groeien dat men te ver is gegaan. We mogen hopen dat ook in provinciesteden als Gent de geesten rijpen.

Niet dat ik zover wil gaan als Stendhal in Rome begin negentiende eeuw, maar ik begrijp wat hij bedoelde.* Hij had een geliefkoosd zinnetje waarmee hij zijn boeken, ook het onderstaande besloot: To the happy few.

Het genot van een reiziger verdwijnt bijna geheel zodra er in het Colosseum andere nieuwsgierigen arriveren. In plaats van zich in sublieme en boeiende dromerijen te verliezen, merkt hij zijns ondanks de belachelijkheden van de nieuwgekomenen, en hem lijken ze er steevast veel te vertonen. Het leven wordt verlaagd tot wat het is in een salon: ongewild luister je toch naar de banaliteiten die ze vertellen. Als het in mijn macht lag, was ik een tiran en liet ik voor de tijd van mijn verblijven in Rome het Colosseum sluiten.

Dès que d'autres curieux arrivent au Colysée, le plaisir du voyageur s'éclipse presque en entier. Au lieu de se perdre dans des rêveries sublimes et attachantes, malgré lui il observe les ridicules des nouveaux venus, et il lui semble toujours qu'ils en ont beaucoup. La vie est ravalée à ce qu'elle est dans un salon : on écoute malgré soi les pauvretés qu'ils disent. Si j'avais le pouvoir, je serais tyran, je ferais fermer le Colysée durant mes séjours à Rome.

Promenades dans Rome (1829)
Édition établie et annotée par Victor Del Litto, Gallimard 1973, xxxi + 874 pp.

_________

* Plus on admire Stendhal et plus on est intelligent (André Suarès).

7 juli 2019

Mooi gesprek over het verse EU-personeel


De gechevronneerde BBC-man Andrew Neil legde de correspondente van France24, Bénédicte Paviot, een paar feiten voor waartegen zij niets, maar dan ook niets wist in te brengen, hoe goed ze het ook meent met de EU. En even later maakte Michael Portillo (ex-Lagerhuislid, nu journalist) het werkje mooi af.
Ik vraag me af of dergelijke onbarmhartige gesprekken ook bij ons op de buis kunnen, met ter vervanging van die arme Bénédicte misschien onze eigen EU-fan, professor dr. Hendrik Vos? Wat zou deze brave Hendrik aan Andrew en Michael geantwoord hebben? Zullen we het ooit te weten komen?

Andrew Neil: Ik begrijp nog altijd niet waarom u denkt dat de EU nu in veiligere, beter zelfs, in optimistischere handen is met een mislukte Duitse defensieminister, een mislukte Belgische eerste minister, een voormalige financiënminister veroordeeld voor schuldig verzuim in een euroschandaal dat over miljoenen pond ging, en een Spaanse politicus die stond te juichen bij de repressie in Catalonië. Waarom is Europa in goede handen bij zulke mensen?
Bénédicte Paviot: Wel, dat is een …een mening, en zoals u vast weet is er kritiek gekomen op Ursula von der Leyen.
Andrew Neil: Zij is de tweede meest …in de poll van Der Spiegel deze maand was zij de op één na minst populaire president …euh politica in Duitsland. Rond haar departement loopt een onderzoek naar corruptieschandalen en netelige defensiecontracten. De Spaanse politicus, de man die nu het buitenland doet voor de EU, is veroordeeld voor handel met voorkennis. Hoe kunnen deze lui, hoe kan Europa’s toekomst veilig in handen van zulke mensen gegeven worden?
Bénédicte Paviot: Ik denk dat het belangrijk is voor ogen te houden dat de defensieminister, die u een ‘mislukte defensieminister’ noemt…
Andrew Neil: Het waren de Duitsers die haar zo noemden.
Bénédicte Paviot: Wel, niet alle Duitsers.
Andrew Neil: De meeste Duitsers wel, inbegrepen het rapport van de Bundestag over het gebrek aan paraatheid van Duitsland. Zestig procent van hun vliegtuigen kunnen niet vliegen, en honderd procent van hun onderzeeërs kunnen niet ter zee. Ze hebben het Duitse leger naar een arctische NAVO-oefening gestuurd met bezemstelen voor geweren! En die vrouw is nu voorzitter van de Europese Commissie.


[om Bénédicte even op adem te laten komen laste ik hier een muziekje in: Ode an die Freude ...wat volgens Karel van het Reve oorspronkelijk Ode an die Freiheit had moeten zijn, maar Schiller, zo vermoedt hij, durfde dat niet aan in het Europa van die dagen]


Michael Portillo: Laat me zeggen dat ik het met Andrew oneens ben. Ik wens Europa niet te zien bloeien want de richting die deze mensen het willen uitsturen, is die naar het Europees federalisme. Ik voel genoeg mee met mijn mede-Europeanen om te denken dat een federale Europese Staat niet het antwoord is, niet voor ons alleen, ook niet voor hen. Iets dat ondemocratisch is, is niet de oplossing voor Duitsland, of voor Frankrijk of Italië, of voor Griekenland. De Grieken weten al dat het voor hen geen antwoord is, want zij zijn door de EU geruïneerd, door het aandringen op het aanvaarden van de euro, waar zij totaal niet in aanmerking voor kwamen, de euro een puur politiek project zijnde. Omdat de EU graag de symbolen van een eenheidsstaat wilde creëren, ontwierpen ze de eenheidsmunt, ontwierpen ze een vlag en ontwierpen ze een nationale hymne, en daarom was het gerechtvaardigd daar geen respect voor te betonen. Zulke dingen doen is verkeerd, want die dingen sturen ons een ondemocratische richting uit…
Bénédicte Paviot: Dat is echt respectloos… een theatertruc.
Michael Portillo: …en daarom kan de aanstelling van lui die ongevoelig zijn voor de Europese bevolking …meen ik in zekere zin een goede zaak zijn, want de revolte tegen deze wereldvreemde elite zal aanhouden.




Andrew Neil: I still don’t understand why you think the EU is now in safer, even better, optimistic hands, with a failed German defence minister, a failed Belgian prime minister, a former finance minister found guilty of negligence in a multimillion pound euro scandal, and a Spanish politician who’s been a cheerleader for repression in Catalonia. Why is Europe in good hands with people like that?
Bénédicte Paviot: Well, the, that is a …an opinion, and certainly as you know, Ursula von der Leyen has been criticised.
Andrew Neil: She’s the second most… in the Der Spiegel poll last month, she was the second most unpopular president, um …politician in Germany. Her department has been under investigation for corruption scandals and dodgy defence contracts, the Spanish politician who is now the EU’s foreign policy man, was done for insider trading. How can these people, how can Europe’s future be safe in these people’s hands?
Bénédicte Paviot: I think that the important thing to remember is that the ...um defence secretary that you are calling a 'failed German defence secretary'…
Andrew Neil: It was the Germans who called her that.
Bénédicte Paviot: Well, not all Germans.
Andrew Neil: Most Germans do, including the Bundestag report on Germany’s unpreparedness. Sixty percent of their planes can’t fly, a hundred percent of their submarines can’t take to the sea. They sent the German army into the arctic Nato exercise with broomsticks for guns! That’s the woman who is now president of the European Commission.

o-o-o-o-o
Michael Portillo: Let me say that I disagree with Andrew: I don’t want Europe to prosper because the direction in which these people want to lead it is towards European federalism. I have enough feeling for my fellow Europeans to think that a federal state of Europe is not the answer, not only for us, but not for them. Something which is nondemocratic is not the answer for Germany or for France or for Italy, or for Greece. The Greeks already know it’s not the answer for them, because they have been ruined by the European Union, by the insistence on creating a euro for which they were totally unsuitable. The euro being an entirely political project. Because the European Union wanted to create the symbols of a single state, so they created single currency, they created a flag, and they created an anthem, which is why it was right to show disrespect for it. Because these things are wrong things to do, because they take us in a nondemocratic direction…
Bénédicte Paviot: That is just disrespectful… it’s a gimmick.
Michael Portillo: …and therefore the appointment of people who have no sensitivity for the European population, I think in a way may be a good thing because the revolt against this out of touch elite will continue.

2 juli 2019

Het werk aan de ruwe steen


In moreel opzicht heeft Karel De Gucht de laatste jaren vooruitgang geboekt, onmiskenbaar, maar om van een wedergeboorte te spreken is het misschien wat vroeg want helemaal koosjer is zijn gedachtewereld nog niet. Zo gebruikte hij vrijdag bij Ivan De Vadder wat slordig de term ‘racisten’, terwijl hij wellicht bedoelde te zeggen dat er mensen bestaan die de islam afkeuren, of immigratie geordend willen zien verlopen.

Maar kom, over de kiezers van Vlaams Belang zei Karel: ‘Ik toon daar ook respect voor,’ en even later nog eens: ‘Ik verketter die kiezers niet, en ik denk dat men daar inderdaad het gesprek moet mee aangaan.’ – hij zal beseft hebben dat velen hem niet op zijn eerste woord geloven, vandaar die herhaling. Kwaadwilligen zullen hier immers denken aan de episode destijds toen hij Balkenende een Harry Potter had genoemd in een interview met Jan Segers van Het Laatste Nieuws ...en vervolgens ontkende dat hij dat gezegd had. In hoge nood beweerde hij zelfs dat dat interview niet had plaatsgehad.

Zand erover, wellicht waren de mysteriën van Osiris’ wedergeboorte hem nog niet goed uitgelegd, wat zou verklaren hoe hij het kiesvolk van het Belang in die tijd eenvoudigweg ‘mestkevers’ kon noemen – naar de Egyptische kever, de Scarabaeus sacer die in de Osiriscultus een heilige taak had.

Maar die term ‘mestkevers’ neemt Karel niet langer in de mond, een bewijs dat zijn ruwe steen intussen flink is bijgeschaafd. Hoe hij overigens dat ‘gesprek met de kiezers’ wil aangaan en tegelijk de partij van die kiezers wil negeren is niet duidelijk. Karel, die volgens alle media een verstandig man is, zal het antwoord kennen. Misschien denkt hij aan een ‘grand débat national’?

Nu vind ik weer niet dat elk ad hominem en alle beledigingen en invectieven uit het politieke spraakgebruik moeten gebannen worden. Een duidelijke term is vaak een verademing, en woorden verbieden of verbannen is geen nette praktijk. Wel moet men trachten stijlvol te blijven, dat vond tweehonderd jaar geleden Joseph de Maistre toch, een van tijd tot tijd mystiek aangelegde maçon die geen enkel woordgevecht uit de weg ging, ook niet als dat ruwe termen meebracht. À tout seigneur tout honneur, zegt Maistre, en ik meen dat ook Karel De Gucht hier schuchter op de goede weg is.
In een brief schreef Maistre:


Aan M. Deplace, in Lyon.
28 september 1818.

Ik kom terug op enkele van uw opvattingen, naarmate ze me te binnen schieten. In een van uw vorige brieven hebt u me ertoe aangespoord ongegeneerd voor mijn standpunten uit te komen, daarbij evenwel de personen ontziend. U mag ervan overtuigd zijn, mijnheer, dat het hier om een Franse illusie gaat. Die koesteren we allemaal, en u hebt mij al meegaand genoeg gezien, in de regel toch, om niet geschandaliseerd te raken als ik u vertel dat men tegen een opinie niets heeft ondernomen zolang men niet de persoon zelf heeft aangepakt. Nu zeg ik erbij dat in dit soort aangelegenheden zoals in andere, er grote waarheid schuilt in het gezegde: ere wie ere toekomt; voegen we enkel nog toe: zonder slaafs te worden.

À M. Deplace, à Lyon.
28 septembre 1818.
Je reprends quelques-unes de vos idées, à mesure qu'elles me reviennent. Dans une de vos précédentes lettres, vous m'exhortiez à ne pas me gêner sur les opinions, mais à respecter les personnes. Soyez bien persuadé, Monsieur, que ceci est une illusion française. Nous en avons tous, et vous m'avez trouvé assez docile, en général, pour n'être pas scandalisé si je vous dis qu'on n’a rien fait contre les opinions tant qu'on n’a pas attaqué les personnes. Je ne dis pas cependant que, dans ce genre comme dans un autre, il n'y ait beaucoup de vérité dans le proverbe: À tout seigneur tout honneur; ajoutons seulement: sans esclavage.


http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html