Posts tonen met het label Giscard-d'Estaing | Valéry. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Giscard-d'Estaing | Valéry. Alle posts tonen

1 november 2025

Nog geen 'Ite, missa est'

Éric Zemmour heeft een boekje uit waarin hij Europa en Frankrijk beschrijft als judéo-chrétien, joods-christelijk. De beginzin is: "Ik ben niet katholiek, zelfs niet christelijk. Ik ben opgevoed in de joodse traditie van mijn voorouders."

Hij besluit zijn inleiding met: La France sans le christianisme n'est plus la France. Et je veux continuer à vivre en France. Zonder christendom is Frankrijk niet langer Frankrijk, en ik wil in Frankrijk blijven wonen.

Dat klinkt heel anders dan de cynische Dehaene en de lichtzinnige Giscard destijds, die geen verwijzing naar de christelijke wortels van Europa wilden in de preambule van hun 'Grondwet'. Dat vonden die twee niet verbindend waarschijnlijk, misschien zelfs provocatief. Geen van beiden kende blijkbaar het begrip cultuur.

Overigens schrikt Zemmour er niet voor terug om Maurice Barrès (1862-1923) te citeren, een auteur die allerminst een jodenvriend was. Barrès vreesde –in een interview in Le Matin van 7 februari 1907– dat het stervende Europese christendom vervangen zou worden door een andere ideologie, het communisme. Geen gekke gedachte in die tijd.

"Bij ons heeft het katholicisme de uitmuntende eigenschap te zijn gezeefd, afgezwakt en gefilterd door eeuwen van geestescultuur, zodat er nog net genoeg van overblijft om aan de religieuze behoeften van de mens te voldoen, zonder fanatieke exaltatie bij hem op te wekken... Schaf het katholicisme af en er zal een nieuwe religie nodig zijn; die zal heftiger, dogmatischer en intoleranter zijn..."

Zemmour ziet vandaag een ander gevaar.

La messe n'est pas dite
Pour un sursaut judéo-chrétien
Collection Pensée libre
Fayard, octobre 2025

10 april 2025

Palestrina - Bach - Heine - Marx - Lenin ...Cioran

 

Nu de christelijke ramadan bijna voorbij is, en Pasen nadert, zullen we op de radio veel Bach horen, of Palestrina, religieuze muziek, en dat is zeer welkom, ook voor mensen die zich niet tot enige religie geroepen voelen.

Over religie zei Karl Marx in 1844, in Zur Kritik der Hegelschen Rechtsphilosophie: Zij is de opium van het volk, „das Opium des Volkes.“ Vladimir Lenin verving het voornaamwoord door een voorzetsel: „Religion ist Opium für das Volk.“ …en dat maakt een groot verschil, zoals Karel van het Reve al toelichtte. Voor Marx is religie door de mensen zélf uitgevonden, voor Lenin wordt zij door de heersende klasse opgelegd, om de kleine man onder de duim te houden.

Nu was een paar jaar daarvoor, in 1840, een boek verschenen onder de titel Heinrich Heine über Ludwig Börne (latere uitgaven kregen als titel Ludwig Börne. Eine Denkschrift), met daarin een lofzang op de religie:

De hemel is uitgevonden voor mensen aan wie de aarde niets meer te bieden heeft... Heil aan deze uitvinding! Heil aan een religie die een paar zoete, slaapverwekkende druppels goot in de bittere beker van de lijdende mensheid, spirituele opium, een paar druppels liefde, hoop en geloof!

Marx bewonderde Heine, bezocht hem ook in Parijs, en had dat boek natuurlijk gelezen. Het was een soort schandaalboek trouwens, een bestseller.

Later werd Heine ziek en raakte verlamd. Fanny Lewald, een Duitse vriendin, bezocht hem in zijn ‘matrassengraf’ en laat hem aan het woord in haar herinneringen:

Tegenwoordig kan ik eigenlijk alleen nog mijn armen en handen vrij bewegen. En dat alles, ging hij door, terwijl er een lachje over zijn van pijn vervulde trekken gleed, dat alles moet ik nu verdragen zonder de bijstand van Onze Heer Jezus Christus! Maar ik heb toch ook mijn geloof. Geloof maar niet dat ik het zonder religie red. Opium is ook een religie. Als zo’n beetje grijze stof in mijn vreselijk pijnlijke brandwonden wordt gestrooid en de pijn daarna onmiddellijk ophoudt, moeten we dan niet zeggen dat dit dezelfde verzachtende kracht is die in religie werkzaam is? Er is meer verwantschap tussen opium en religie dan de meeste mensen zich in hun dromen durven voorstellen.


Begegnungen mit Heine
Berichte der Zeitgenossen
II: 1847-1856
Herausgegeben von Michael Werner
Hoffmann und Campe Verlag, Hamburg 1973

Tegenwoordig worden auteurs die wij altijd voor goede atheïsten hadden gehouden plots katholiek, en dat overkwam ook Heine ...bijna. Maar u zult het met mij eens zijn: hij had daar ook een goede reden voor:

Franscheska had besloten deze nacht, al knielend en biddend alleen tot heil van haar ziel te benutten. Tevergeefs bood ik aan om te delen in haar gebedsoefeningen; – toen ze bij haar kamer kwam, sloot ze de deur voor mijn neus. Tevergeefs stond ik een vol uur buiten, smekend om binnengelaten te worden, alle mogelijke zuchten slakend en vrome tranen veinzend, en de heiligste eden zwerend – natuurlijk, onder geestelijk voorbehoud. Ik voelde me langzamerhand jezuïet worden.* Ik werd er helemaal slecht van, en bood ten langen leste zelfs aan om voor die ene nacht katholiek te worden.

“Franscheska!” riep ik, “ster van mijn gedachten! Gedachte van mijn ziel! vita della mia vita! mijn mooie, vaak gekuste, slanke, katholieke Franscheska! voor deze ene nacht die je me nog gunt, wil ikzelf katholiek worden – maar dan alleen voor deze ene nacht! Oh, de mooie, zalige, katholieke nacht! Ik lig in je armen, streng-katholiek geloof ik in de hemel van je liefde, met onze lippen kussen we elkaar het zoete geloof, het woord wordt vlees, naar vorm en gedaante wordt het geloof verzinnelijkt, wat een religie! Jullie, papen, jubelen ondertussen jullie Kyrie eleison uit, klingelen en branden wierook, luiden de klokken, laten het orgel daveren, laten Palestrina's mis weerklinken. ‘Dit is het lichaam!’** – ik geloof, ik voel me zalig, ik val in slaap – maar zodra ik de volgende ochtend wakker word, wrijf ik de slaap en het katholicisme uit mijn ogen en kijk weer helder in de zon en in de Bijbel, en ben weer protestants verstandig en nuchter, zoals voorheen.”

Reisebilder IV. Italien. Die Stadt Lucca

Heine had zich inderdaad protestants laten dopen. Als Doctor in de Rechten had hij gehoopt op een academische carrière, maar deze weg lag voor een jood niet open. Die doop noemde hij zijn entreebiljet tot de Europese cultuur.***

In Die Bäder von Lucca ontmoet hij vervolgens een man die hij nog van vroeger kende, en die hij eerder op de berg Sinaï dan in de Apennijnen had verwacht. Hirsch was zijn naam en hij had in Hamburg loterijbiljetten verkocht, maar nu heette hij Hyacinth en was kamerdienaar bij een rijke heer. Ze raken in gesprek over het voor en tegen van katholicisme en protestantisme:

“Maar, meneer Hyacinth, wat vindt u van de protestantse godsdienst?”

“Die is mij dan weer té redelijk, doctor, en als er in de protestantse kerk geen orgel zou zijn, dan wás dat helemaal geen religie. Onder ons gezegd, die religie doet geen kwaad en is zo puur als een glas water, maar baat brengt ze ook niet.”****

Alvast wat dat orgel betreft is Emil Cioran het eens met Hyacinth, en zijn tweede zinnetje had van Heine kunnen zijn:

Sans Bach, la théologie serait dépourvue d'objet, la Création fictive, le néant péremptoire. S'il y a quelqu'un qui doit tout à Bach, c'est bien Dieu.

Zonder Bach ware de theologie van voorwerp verstoken, was de Schepping een fictie en het Niets voldongen. Als er iemand is die alles aan Bach is verschuldigd, is het wel God.

Syllogismes de l'amertume

Gallimard, Folio Idées, 1952, 1980, p.119

____________

      * Hoewel men hierbij vaak aan de jezuïeten denkt, is de leer van het geestelijk voorbehoud, de reservatio mentalis, niet van hen afkomstig. Het is een tak van de casuïstiek, in de late Middeleeuwen en Renaissance ontwikkeld, die onder omstandigheden toeliet te liegen.
    ** 1 Kor 11:24 Neemt, eet, dat is Mijn lichaam. Door eenvoudige gelovigen, zo beweren kwatongen, werden de meestal gemompelde woorden hoc est corpus verstaan als hocus pocus.
  *** In hun ideologische verdwazing wilden de lichtzinnige Giscard en de cynicus Dehaene geen verwijzing naar de christelijke wortels van Europa in de preambule van hun 'Grondwet', maar Heine wist wel beter.
**** Zijn doop heeft hem niet geholpen. Voor de joden was Heine nu wel een protestant, maar voor de anderen bleef hij gewoon een jood. Es ist nichts aus mir geworden, nichts als ein Dichter.

5 januari 2024

Democratische 'innovaties' zijn nergens voor nodig

 

Dat politicologen al eens een verstandig woord zeggen zal niemand betwisten. Doen we dat bij gelegenheid niet allemaal tenslotte? net zoals we ook dwaasheden en incongruenties debiteren. Dat zij echter in naam van een wetenschap kunnen spreken mag worden betwijfeld. 

Én, dat het de hen interviewende journalisten aan een goed geheugen ontbreekt, blijkt telkens weer.

Maddens: Kijk naar de referenda. Tot de jaren 90 waren de meeste commentatoren en politicologen daar eigenlijk vrij positief over. Maar dat veranderde na een aantal referenda waar de burgers zogezegd ‘verkeerd’ hebben gestemd, bijvoorbeeld tegen de Europese Grondwet (in Nederland in 2005, red.) of voor de brexit (in het Verenigd Koninkrijk, in 2016, red.).

Op zich een verstandig woord – dat valt zoals we zegden niet uit te sluiten – maar de redactie van De Morgen weet helaas niet dat het betreffende referendum behalve in Nederland, éérst en vooral in Frankrijk een overduidelijk NEEN kreeg.

Toegegeven, Frankrijk is een ver land. Toch hadden die redacteurs het verstand mogen hebben om af en toe een blog te lezen. Die naïef aandoende onvolledigheid was hun dan bespaard gebleven.

Karen Celis:  ...ik denk inderdaad dat een referendum een ongeschikt instrument is voor heel wat beslissingen in onze erg complexe samenleving. [...] En wat een uitermate slecht idee was het om via een referendum aan de burger te vragen: gaan we uit de EU stappen of niet?

Blijkbaar zijn er volgens Karens wetenschappelijke, althans politicologische inzichten onderwerpen waar de burger maar beter buiten blijft. In Zwitserland denkt men daar anders over, maar dat land ligt nog een stuk verder dan Frankrijk.

Beste Karen Celis, u bent het grondig eens met Jean-Luc Dehaene, toen nog geen ridicuul poppetje in een CD&V-propagandabaksel maar een volbloed antidemocraat, die na de superieur genegeerde referenda samen met zijn maat Giscard d’Estaing uitpakte met een ‘grondwet’ (bij De Morgen noemen ze die tekst zo, maar ach, wat betekenen definities daar), waarvan hij vond dat het beter was dat de bevolking helemaal niét snapte wat erin stond.

Verder Karen, vertelt u nog iets over ‘gelijkheid’ en over het ‘klimaat’. Met een beetje politicologisch zoekwerk zult u vast nog onderwerpen vinden waar de bevolking niet betrokken bij hoeft te worden. Maar vooral die 'gelijkheid' zou ik u graag horen definiëren.


19 november 2020

Groen gestuntel in Frankrijk


Je kunt veel kritiek hebben op België, maar zoiets zou hier toch nooit kunnen gebeuren. In Frankrijk hebben ze een minister van ecologie die kolencentrales  zal moeten heropstarten of openhouden om de continuïteit te verzekeren! Hier hebben we tenminste een minister van energie die zelfs geen gascentrale zou bouwen. Enfin, zijzelf toch niet.

 

Christine Kelly: M
inister van ecologie Barbara Pompili heeft verklaard stroomonderbrekingen niet te kunnen uitsluiten in geval van grote koudegolven. Zit Frankrijk met een tekort aan energie, Éric Zemmour?

Éric Zemmour: Die uitspraak van Barbara Pompili is opmerkelijk want je moet die zin in verband zien met wat deze regering heeft gedaan, en wat ze heeft aangekondigd. De regering heeft de centrale van Fessenheim gesloten zoals we weten, een kerncentrale. Daarna zagen we ons verplicht vier steenkoolcentrales te openen, zijn we verplicht geweest elektriciteit in te voeren, terwijl wij exporteurs zijn, en wat daarbij komt: de Staat heeft meen ik, ik had het genoteerd, 377 miljoen euro schadevergoeding betaald aan EDF [Électricité de France].
En mevrouw Pompili komt ons aankondigen, alsof het niets was, dat er in de totale energieproductie van Frankrijk opnieuw een vermindering van het aandeel atoomkracht komt. Die mensen zijn waarlijk inconsequent. Die dame komt ons vertellen dat ze het aandeel kernenergie zal verminderen en in één tijd vertelt ze ons: ah, maar als er een grote koudegolf komt zullen we een elektriciteitstekort hebben.
Die mensen brengen hun tijd door met te beweren dat het de anderen zijn die achter een ideologie staan, en zijzelf zijn door ideologie geperverteerd, het zijn de mijnheren Jourdain* van de ideologie, en ze zijn zich daar niet eens van bewust.
En zij blijft de twee boodschappen maar verkondigen. Ze zegt ons: ah, opgelet er zullen elektriciteitstekorten zijn ...én we moeten het aandeel van kerncentrales verminderen in de hoeveelheid elektriciteit. Dat vind ik verbluffend.

Christine Kelly: De ecologie wordt door de burgers vaak als bestraffend en naargeestig ervaren. Kan zij ook positief worden, en zo ja hoe?

Éric Zemmour: Wel, we moeten misschien nog even doorgaan op dat thema van de energie, want dat is het Duitse model ...de Duitsers die wij altijd bewonderen: hun lukt altijd alles. Het is toch waar, of het nu over voetbal gaat of over de corona-epidemie, de Duitsers bewonderen wij altijd. Maar in dit geval mag ik over een Duitse catastrofe spreken.
Mevrouw Merkel, die een voorouder is van mevrouw Pompili, heeft jaren geleden besloten – na het ongeluk in Japan, zo is het – alle kerncentrales te sluiten.
Er is een studie, ik las dat in een krant, van de Amerikaanse universiteit van Berkeley, over de gevolgen van de energietransitie die mevrouw Merkel heeft gewild. Een catastrofe!
Opnieuw kolencentrales, die zoals men weet veel vervuilender zijn en schadelijker voor het milieu dan kernenergie. Import ook van elektriciteit, en vooral: gezondheidsproblemen bij de bevolking als gevolg van de steenkool. Dat wist men vooraf… 
Het is werkelijk een totaal succes! en dat wil men óns nu als model voorstellen. En dan zegt men: zonne- en windenergie zullen dat opvangen. Behalve dan dat windenergie en zonne-energie met een groot probleem zitten – en ja, ik weet dat atoomenergie een groot afvalprobleem heeft – maar hét grote probleem van wind- en zonne-energie zijn hun onderbrekingen. Het is nogal duidelijk: als er geen zon is en geen wind, wel dan is er geen elektriciteit. Hoe gaat dat dan in een moderne economie die ononderbroken elektriciteit nodig heeft?
Vandaar dat mevrouw Pompili ons komt vertellen: ah, maar er zullen misschien wél stroomonderbrekingen zijn. Beeldt u zich de consequenties eens in! En dat wordt ons rustig aangekondigd.
Terwijl wij nu één competitief voordeel hadden – we hebben er geen tienduizend in Frankrijk – maar we hadden er één, gewild door generaal De Gaulle en door Pompidou, en dat was de kernenergie. Die liet ons toe goedkopere stroom te leveren aan onze ondernemingen.
Ik herinner me gelezen te hebben dat in de jaren zeventig de Duitse kanselier Helmut Schmidt gezegd heeft – ik meen dat het Giscard is die me dat verteld heeft ...dat hij aan president Giscard d’Estaing gezegd had: ah, met jullie kerncentrales boffen jullie toch wel!
Weet u dat was de periode van de oliecrisissen en de stijgende benzineprijs. Dus de Duitse kanselier zelf zei aan de Fransen: wel, voor één keer zijn jullie het die een mooie slag kunnen slaan, jullie zijn vooruitziend geweest enzovoort.
En in naam van de ecologische ideologie gaan we dat Franse competitieve voordeel de grond in boren. U ziet dus waar het politieke geklungel van de Franse ecologisten toe leidt.
––––––––––––
* Mijnheer Jourdain is de hypocriete burger in Le Bourgeois gentilhomme van Molière (1670).

18 maart 2018

Finkielkraut wil uit twee ruiven eten


In zijn onderhoud met Élisabeth Lévy vandaag rekent Alain Finkielkraut Rusland tegelijk wél en niet tot Europa.

Alain Finkielkraut: Men zegt ons dat we ons vandaag niet van vijand mogen vergissen. De dreiging, de echte dreiging voor het Westen is de politieke islam, en Rusland bestrijdt die. Wij zitten dus in hetzelfde schuitje, wij verdedigen dezelfde beschaving.

Élisabeth Lévy:
Wij staan dus aan de kant van Assad bij de verdediging van die beschaving.
Alain Finkielkraut: Voilà, maar vooral dit: Moskou bespeelt dus die snaar. Zoals Françoise Thom het schrijft in haar jongste boek [Comprendre le poutinisme, Desclée De Brouwer, februari 2018]Moskou, en in dit geval het Poetinregime, wil zich ontpoppen als het schild van Europa dat de opkomst van de barbaarse horden belet. Terwijl de volkeren van Europa platgewalst zijn, en in zekere zin door hedonisme ontmand, neemt het krijgshaftige Rusland de fakkel van de Europese beschaving over. Onder zijn leiding kan Europa zich uit de spiraal van decadentie werken waarin het nu zit. Rusland…’

Élisabeth Lévy:
Dat is nog altijd het citaat?
Alain Finkielkraut: Dat is nog altijd het citaat. ‘Rusland, als voorvechter van de traditionele waarden, en bolwerk van het christendom tegen de islam, neemt de verdediging op van een Europa dat door zijn elites is verraden. Het heeft zijn christelijke wortels niet vergeten.’
Naar mijn oordeel echter is dit vertoog bedrieglijk. Rusland en Europa hebben niet dezelfde geschiedenis, het gaat hier niet om eenzelfde beschaving. Maar laat me duidelijk zijn: als Europeaan ben ik onverbrekelijk gehecht aan het Rusland van Póesjkin, van Toergénjev, Tolstój, Tsjéchov, Mandelstám, Pasternák, Vasíli Gróssman of van Moésorgski. Maar het Euraziatische Rusland van Poetin beroept zich op een andere traditie als het in zijn strijd tegen het islamfundamentalisme een alliantie aangaat met Iran en het Turkije van Erdoğan. Het Eurazië van Doegin, of van Lev Goumilev – gestorven in 1992, en die helaas de zoon is van Anna Achmátova – dat Eurazië heeft met de Europese beschaving zoals wij die begrijpen niets te maken.
_____

Vooreerst: alle Russisische namen hierboven heb ik gespeld zoals Karel van het Reve dat deed in het register van zijn Geschiedenis van de Russische literatuur (Amsterdam 1985, G.A. van Oorschot).
En wat het gesprek zelf betreft: men mag opmerken dat wellicht niet Europa, en zeker niet Oost-Europa zijn christelijke wortels vergeten heeft, maar dat de EU-baasjes dat in elk geval wilden, want in de préambule van hun clubreglement mocht de term 'christelijk' in geen geval voorkomen, vonden Giscard en Dehaene.
Een dergelijke ontkenning van de geschiedenis vond ik als atheïst, behalve een dwaasheid ook ronduit een smeerlapperij.
Overigens begaat naar mijn smaak ook Finkielkraut hier, niet een smeerlapperij maar toch een onwelvoeglijkheid als hij het heeft over 'helaas de zoon van Achmátova'. Dat staat niet voor een académicien. Weet hij veel over wat de dichteres daar zelf van vond.



Alain Finkielkraut: On nous dit que, on ne doit pas aujourd’hui se tromper d’ennemi. La menace, la vraie menace pour l’Occident, c’est l’islam politique, et la Russie le combat. Donc nous sommes dans le même bateau, nous défendons la même civilisation.
Élisabeth Lévy: Donc on est avec Assad hein, dans la défense de cette civilisation.
Alain Finkielkraut: Voilà, mais ça surtout: alors Moscou joue sur cette corde. Comme l’écrit Françoise Thom [Comprendre le poutinisme, Desclée De Brouwer, februari 2018] dans son dernier livre : Moscou veut apparaître, et le régime poutinien en l'occurrence, veut apparaître comme le bouclier de l’Europe, empêchant la montée des hordes barbares. Les peuples européens étant nivelés, et dévirilisés en quelque sorte par l’hédonisme, la Russie guerrière reprend le flambeau de la civilisation européenne. Sous sa direction l’Europe peut s’extraire de la spirale de la décadence dans laquelle elle est engagée. La Russie…
Élisabeth Lévy: C’est toujours la citation ?
Alain Finkielkraut: C’est toujours la citation. La Russie, championne des valeurs traditionnelles, rempart de la chrétienté contre l’islam, prend la défense de l’Europe trahie par ses élites. Elle n’a pas oublié ses racines chrétiennes.
Or je juge, moi, que ce discours est trompeur. La Russie et l’Europe, ce n’est pas la même histoire, ce n’est pas la même civilisation. Alors, soyons clairs. En tant qu’européen je suis indéfectiblement attaché à la Russie de Pouchkine, de Tourgueniev, de Tolstoï, de Tchekhov, de Mandelstam, de Pasternak, de Vassili Grossman ou de Moussorgski. Mais la Russie eurasienne de Poutine s’inscrit dans une autre tradition, quand à son combat contre le fondamentalisme islamique il s’accompagne d’une alliance avec l’Iran et avec la Turquie d’Erdoğan. L’Eurasie de Douguine, ou de Lev Goumilev, mort en quatre-vingt-douze, et qui est hélas le fils d’Anna Akhmatova, l’Eurasie ça n’a rien à voir avec la civilisation européenne telle que nous l’entendons.

25 oktober 2016

Om het commentariaat uit zijn verwarring te helpen


Vandaag, als we de kranten mogen geloven, is afwijzing van de EU een rechts thema, maar in de vorige eeuw, in 1993 al gaf een linkse jongen, namelijk de hoofdredacteur van de Groene Amsterdammer, Martin van Amerongen zijn oordeel over ‘Europa’.

– even terzijde: zoals men weet willen politici door gebruikmaking van die valse benaming beslag leggen op de grote erfenis van het historische Europa, en zo een soort legitimiteit afkopen voor hun eigen EU-constructie, ongeveer zoals anderen zonder, of met valse papieren Europa willen binnenkomen. Het spreekt dat ze met hun taalgebruik op slaafse navolging kunnen rekenen bij hun journalisten

Wat Van Amerongen in 1993 zei, was dit:*

“Echt, de enige enthousiastelingen voor Europa zijn de politici, met name diegenen onder hen die inmiddels op hun vaderlandse werkvertrek zijn uitgekeken. […] Heeft u trouwens ooit iemand (buiten het politieke circuit) ontmoet die zich bij het horen van het woord Europa vergenoegd in de handen wreef? Nee, zo iemand bestaat niet. Europa is een tijdverdrijf van beroepseuropeanen. De particulier die de twee-honderdvijftig pagina’s Maastrichts Euro-papiaments heeft gelezen is gek óf een Belg, om de woorden van de anti-Europeaan Hugo Brandt Corstius** te parafraseren.”

Volgens hem ging het bij die Europese constructie om een carte blanche die de burgers ter ondertekening voorgelegd kregen. Dat belette de Fransen noch de Nederlanders om tegen te stemmen, al hielden de eurocraten daarna geen rekening met hun mening, Giscard en Dehaene op kop. De Belgen hadden niets te stemmen want: “Als er een referendum komt, zal het debat over veel gaan, behalve over de grondwet zelf”, verklaarde di Rupo. En in de senaat wist Elio nog: “Een volksraadpleging kan het debat over Europa grondig verstoren. Het zal aanleiding geven tot xenofobe en zelfs racistische opmerkingen.” – hier zal hij vanzelfsprekend aan de Vlamingen gedacht hebben.
Elio was toen partijleider en de socialisten zaten in de regering, en ze waren honderd procent Belg en EU-gezind, carte blanche of niet.

Maar Van Amerongen had het in zoverre toch mis, dat vandaag blijkt dat je niet alle Belgen, en zelfs niet alle socialistische Belgen over één kam mag scheren. Magnette bijvoorbeeld al niet. Die wil graag een paar amendementen bij die CETA, die zijn Waalse gewest goed uitkomen.

Zijn houding zorgt bij de reguliere krantenjongens voor grote verwarring. Hun rustgevende denkschema’s liggen flink overhoop. Is Magnette nog een goede Belg, nu hij de federale regering zo in verlegenheid brengt? Of is hij een bekrompen regionalist, een nationalist zelfs? Je leest de meest bizarre interpretaties (over Vervoort zullen we het niet hebben, die stelt te weinig voor).
Waar het volgzame commentariaat het wel over eens lijkt te zijn, is dat iets dergelijks met Elio niet zou zijn voorgevallen. Dat Paul Magnette ten gronde gelijk heeft met zijn kritiek, geeft minder aanleiding tot commentaar. Liever heeft men het over “politieke spelletjes” zoals ze dan geheimzinnig schrijven.

Om onze editorialisten enige achtergrond te verschaffen bij hun twijfels over het goede-Belg-zijn van Magnette, en om in hun verwarde gedachten enige structuur aan te brengen is volgende opmerking van Rik Van Cauwelaert misschien nuttig:
“Meestal als hun partij in de oppositie zit, trekken de Waalse socialisten de regionalistische kaart […] Eenmaal in de nationale regering gaat de partij – en zeker na de scheiding van BSP en PSB in twee afzonderlijke partijen – telkens op een haast stalinistische wijze de unitaire toer op.”***
___________
* Een Helleveeg en andere kritische notities, Uitgeverij Jan Mets, 1993, p.124-5
** Hugo Brandt Corstius was een wiskundige, taalkundige, auteur en columnist. Hij schreef in verschillende bladen (Vrij Nederland, de Volkskrant, NRC Handelsblad) onder schuilnamen als Piet Grijs, Stoker of Battus. Hij werd zo gevreesd dat Karel van het Reve, als die zelf een stukje geschreven had, zich bang afvroeg “Wat zou HBC hiervan denken?”
*** Ils nous ont pris la Flandre, 2012, Pelckmans, p.9.

http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html