30 juli 2021

Een moordende overstroming

Bij Les Belles Lettres in Parijs verscheen begin dit jaar een verzamelbundel, L’Antiquité en détresse (De Oudheid in nood) met als ondertitel: Catastrophes & Épidémies dans le monde gréco-romain.

Hier vertaal ik een stukje uit de Historische Bibliotheek van Diodorus Siculus (Διόδωρος Σικελιώτης, Diodorus de Siciliaan). Niet uit het oorspronkelijke Grieks natuurlijk, maar door de Loebvertaling van Russel M. Geer naast de Budé-versie te leggen die Jean-Louis Poirier presenteert bij Les Belles Lettres.
Poirier schreef ter inleiding: ‘In de volgende tekst is de catastrofe zichtbaar het resultaat van een aantal nalatigheden van de edielen.* In elk geval laat de tekst zien wat voor kracht water kan ontwikkelen.'

44. (de streek Rhagae) Terwijl het de meest volkrijke en welvarende steden telde van de hele regio kwam er een zodanige aardbeving dat de steden en al hun inwoners verdwenen, dat het landschap helemaal veranderde en er nieuwe rivieren ontstonden in plaats van de oude, en ook nieuwe moerassen en meren. 45. 1. In die tijd overstroomde de stad Rhodos voor de derde keer,** en vonden velen van haar inwoners de dood. De eerste overstroming had de bevolking weinig schade berokkend want de stad was nog maar pas gesticht en bijgevolg was er nog veel open ruimte; 2. de tweede overstroming was erger en doodde veel meer mensen; de derde kwam onverwacht bij het begin van de lente: plots kwamen er hevige stortbuien neer, met ongelooflijk grote hagelstenen. Er vielen hagelstenen van een mina*** en zelfs meer, zodat veel huizen onder het gewicht instortten wat de dood van heel wat mensen veroorzaakte. 3. Omdat Rhodos de vorm heeft van een amfitheater, en het meeste water bijgevolg op één plek samenstroomde, stonden de lager gelegen stadswijken meteen onder water; men was er immers van uitgegaan dat het seizoen van de winterregens voorbij was en dus had men de afvoerkanalen niet meer onderhouden, en waren de afvoerpijpen in de stadsmuren dichtgeslibd. 4. Het water dat plotseling samenstroomde vulde de hele wijk rond de markt en de Tempel van Dionysos; en toen de vloed zich doorzette in de richting van de Tempel van Asklepios sloeg de schrik allen om het hart en probeerde iedereen met allerhande middelen in veiligheid te komen. 5. Sommigen vluchtten de richting van de boten uit, anderen renden omhoog naar het theater. En sommigen die door het gevaar niet konden wegkomen, klommen in hun nood op de hoogste altaren en op de sokkels van de standbeelden. 6. De stad dreigde met al haar inwoners weggeveegd te worden, toen plots het toeval haar te hulp schoot. De stadswal begaf het over een flinke lengte, en het water dat opgesloten had gezeten stroomde door die opening nu de zee in, en iedereen keerde terug naar zijn oude plek. 7. Het was nog een geluk voor de getroffenen dat de vloed overdag kwam, want de meesten ontsnapten nog op tijd en konden hun huizen uitvluchten naar de hoger gelegen stadsdelen; en ook dat de huizen niet met zongedroogde baksteen opgetrokken waren, maar met natuursteen, wat de redding betekende voor diegenen die op de daken hun heil hadden gezocht. Niettemin verloren vijfhonderd mensen het leven bij deze verschrikkelijke catastrofe, terwijl veel huizen instortten en andere zwaar bouwvallig bleven. Dusdanig was de calamiteit die Rhodos trof.

Καὶ τὰ μὲν περὶ τὴν Ῥόδον συμβάντα τοιοῦτον ἔσχε τὸν κίνδυνον

––––––––

* stadsbestuurders.
** de catastrofe had waarschijnlijk in 316 voor Christus plaats.
*** ongeveer een pond, maar het gewicht verschilde van stad tot stad.


6 juli 2021

Een aansporing van Martialis

.
En een raad ook voor G.G. die hem hopelijk ter harte zal nemen.

Ede tuos tandem populo, Faustine, libellos
et cultum docto pectore profer opus,
quod nec Cecropiae damnent Pandionis arces
nec sileant nostri praetereantque senes.
ante fores stantem dubitas admittere
Famam teque piget curae praemia ferre tuae?
post te victurae per te quoque vivere chartae
incipiant: cineri gloria sera venit.

       Martialis, Epigrammata 1,25 (Loeb)

Publiceer, Faustinus, nu eindelijk je geschriften,
maakt het verzorgde, geleerde werk nu openbaar,
dat door de burcht van Cecrops en Pandion*  niet wordt veroordeeld,
door wijzen niet wordt verzwegen of genegeerd.
De Faam staat voor je deur, aarzel niet haar binnen te laten.
Schaam je je om de prijs te ontvangen voor je werk?
Laten geschriften, die na jou voort zullen leven, nu door jou
ook beginnen te leven. Als je dood bent, komt roem te laat!

       Piet Schrijvers (Athenaeum)

At long last, Faustinus, give your little books to the public. Put forth the work that your accomplished wit has polished, work which the Cecropian towers of Pandion would not reject nor our own forebears pass by in silence. Do you hesitate to let Fame in when she stands at your door? Are you reluctant to take the reward for your pains? Your pages will live after you; let them also begin to live through you. Glory comes late to the grave.

       D.R. Shackleton Bailey (Loeb)

__________
*  Een omschrijving van de stad Athene

5 juli 2021

Een aanval gepareerd?

.

Piet Schrijvers maakte in 2019 een prachtige vertaling van Martialis’ epigrammen (voor Athenaeum–Polak&Van Gennep). De verzen zijn onberijmd. In de inleiding zegt hij voor die vorm te hebben gekozen omdat rijm en metrum ‘gedateerd’ zijn. En hij bekritiseert dus eerdere vertalingen die daaraan vasthielden:

‘Welke dichter gebruikt na de Vijftigers nog vormvaste strofen met rijm (afgezien van een enkele archaïserende, al of niet ironische sonnettenbakker en de illustere Ida Gerhardt als uitzondering op de regel)? Rijmende vormvaste coupletten komt men heden ten dage nog bijna uitsluitend tegen in kinderrijmpjes of light verse; de drie genoemde bloemlezingen met hun rijm en vormvastheid bieden dan ook onvermijdelijk een ietwat gedateerde en kinderlijke Martialis.’

Nu heb ik de indruk dat Jean Pierre Rawie hierop heeft geantwoord in Een luchtbel in een vluchtige rivier (bij Prometheus – geen Martialis: Rawie vertaalt hier dichters van de twaalfde tot de twintigste eeuw). Misschien nam hij de term ‘sonnettenbakker’ wel persoonlijk?

'Bij het vertalen dient men – daar ben ik van overtuigd – de vorm van het origineel zoveel mogelijk te respecteren. Een rijmend gedicht hoort ook in vertaling te rijmen, en een sonnet of een rondeel moet een sonnet of een rondeel blijven. Een letterlijke woord-voor-woordvertaling biedt steun bij het lezen van het oorspronkelijke vers, maar levert geen zelfstandig kunstwerk op. Dat is namelijk wel de bedoeling; een goede vertaling beoogt een verrijking te zijn van de Nederlandse letterkunde, een gedicht dat er nog niet was. […]

Tegenwoordig spreekt men van light verse, dat van een geheel andere orde zou zijn dan ‘echte poëzie’. Beschaafdere tijden kenden dat onderscheid niet, en in sommige landen, zoals Engeland, diskwalificeert een dichter zich niet als hij naast ernstig werk ook offert aan de vrolijke muze. T.S. Eliots hilarische kattengedichten, waarop de musical Cats is gebaseerd, verhinderden niet dat hem de Nobelprijs werd toegekend.

Te onzent kan een dichter zich niet veroorloven de schijn van luchthartigheid te wekken, want dan wordt hij onverbiddelijk tot de niet meer serieus te nemen grappenmakers gerekend. Toen ik mijn eerste gedichten publiceerde, schrok ik zelf een beetje van de zware onderwerpen die daarin aan de orde kwamen, en bezigde ironie teneinde enige afstand te scheppen (pas later zag ik in dat de vorm al genoeg voor distantie zorgde). Het heeft jaren geduurd voor ik het daardoor opgeroepen stigma van oppervlakkigheid kwijt was; ik had immers slechts een ‘beperkte thematiek’, want ik schreef alleen maar over dood, drank en liefde.

Het is in dit verband belangwekkend erop te wijzen dat in perioden van barbarij en vormloosheid in de poëzie het altijd de ‘lichte’ dichters – én de vertalers – zijn geweest die de verstechniek voor volgende generaties hebben gered. Niettemin maken virtuozen op dat gebied als N.E.M. Pareau, Kees Stip, Ivo de Wijs en Driek van Wissen voor de schriftgeleerden geen deel uit van de Nederlandse dichtkunst. Het is alsof men Heine niet tot de Duitse literatuur zou rekenen omdat je vaak moet grinniken als je hem leest.'

_______________

Noot van 24 october: Rawie was inderdaad op zijn teen getrapt las ik in zijn pas verschenen 'Hebben we hiervoor tachtig jaar gevochten'.


http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html