Posts tonen met het label katholicisme. Alle posts tonen
Posts tonen met het label katholicisme. Alle posts tonen

1 november 2025

Nog geen 'Ite, missa est'

Éric Zemmour heeft een boekje uit waarin hij Europa en Frankrijk beschrijft als judéo-chrétien, joods-christelijk. De beginzin is: "Ik ben niet katholiek, zelfs niet christelijk. Ik ben opgevoed in de joodse traditie van mijn voorouders."

Hij besluit zijn inleiding met: La France sans le christianisme n'est plus la France. Et je veux continuer à vivre en France. Zonder christendom is Frankrijk niet langer Frankrijk, en ik wil in Frankrijk blijven wonen.

Dat klinkt heel anders dan de cynische Dehaene en de lichtzinnige Giscard destijds, die geen verwijzing naar de christelijke wortels van Europa wilden in de preambule van hun 'Grondwet'. Dat vonden die twee niet verbindend waarschijnlijk, misschien zelfs provocatief. Geen van beiden kende blijkbaar het begrip cultuur.

Overigens schrikt Zemmour er niet voor terug om Maurice Barrès (1862-1923) te citeren, een auteur die allerminst een jodenvriend was. Barrès vreesde –in een interview in Le Matin van 7 februari 1907– dat het stervende Europese christendom vervangen zou worden door een andere ideologie, het communisme. Geen gekke gedachte in die tijd.

"Bij ons heeft het katholicisme de uitmuntende eigenschap te zijn gezeefd, afgezwakt en gefilterd door eeuwen van geestescultuur, zodat er nog net genoeg van overblijft om aan de religieuze behoeften van de mens te voldoen, zonder fanatieke exaltatie bij hem op te wekken... Schaf het katholicisme af en er zal een nieuwe religie nodig zijn; die zal heftiger, dogmatischer en intoleranter zijn..."

Zemmour ziet vandaag een ander gevaar.

La messe n'est pas dite
Pour un sursaut judéo-chrétien
Collection Pensée libre
Fayard, octobre 2025

27 september 2024

Het ging Joël zijn krachten te boven

 

Wie zoals Joël De Ceulaer zichzelf verplicht heeft om in de gazet week na week een briefje te zetten, en eigenlijk nog niet helemaal klaar is met het katholicisme en zich daar uit alle macht tegen wil afzetten, vervalt bij zoiets als het bezoek van Georges Bergoglio aan dit land makkelijk in vergelijkingen en hyperbolen die wat infantiel aandoen.

Joël had een volwassener indruk gemaakt als hij heel dat ‘historische bezoek’ (krantentaal) lichtvoetig had aangepakt, maar wat je altijd zult zien: als boven een rubriek 'satire' staat ...is het laatste wat je zult aantreffen iets dat daarvoor zou kunnen doorgaan.

Onze man lijkt ook niet te beseffen dat onbehouwen geschrijf helemaal niet adequaat is. Satire is een discipline die te veel van hem eist. Voorbeelden, oude en nieuwe, zijn er nochtans veel, maar daarvoor moet je enige, liefst klassieke literatuur achter de kiezen hebben.

Nee, Joël, het is mooi dat je je best hebt gedaan, en laat je door deze kritiek niet ontmoedigen, plus est en vous, maar zo gaat het nu eenmaal niet.


22 september 2024

Een schisma in de maak!

 

Nu keek ik even naar de Zevende Dag, toegegeven heel fragmentair, samen een minuut of vijf, niet ‘lineair’ dus – dat geduld kan ik niet opbrengen – en ik hoorde al meteen een schismaticus verkondigen dat men de gerechten van de roomse kerk met twee verschillende sausen zou moeten opdienen: een saus voor Europa met zoetige LGBTQUERTY-parfums, en een pittigere saus voor de rest van het godsvolk, zonder die dingen.

Allemaal goed en wel, maar ‘katholiek’ komt van κατά en ὅλος: voor het geheel. Voor de hele aardkloot dus! Hier moet normalerwijze excommunicatie volgen,* want al weet zo’n eenvoudige gelovige misschien niets van etymologie, dat mag niet als excuus gelden.

_________
* Canoniek Recht: sanctie, voorbehouden aan de Paus of de Bisschoppen, waarbij leden die zich schuldig hebben gemaakt aan ernstige overtredingen (in het bijzonder ketters en schismatici) worden uitgesloten uit de kerkgemeenschap.

31 augustus 2024

De genade Gods wordt niet elkeen verleend


Zoals bekend heeft de Nederlandse literatuur sinds kort twee katholieke auteurs erbij. Of zij in het vervolg hun boeken bij het Davidsfonds zullen uitgeven weet ik niet, maar hun bekeringen lijken me wel echt.
Anders verliep het bij Stendhal en Heine. Zij kwamen er wel rakelings langs, maar deugdelijke katholieke bekeerlingen zijn ze niet geworden.
Eerst lezen we wat Stendhal in Rome overkwam, en daarna wat Heine in Trente meemaakte, en in beide gevallen speelt Eva een kwalijke rol.


25 december 1827. - We komen terug uit de Sint-Pieter. Het was een prachtige dienst. Er waren misschien wel honderd Engelse dames, velen van hen van de zeldzaamste schoonheid. Achter het hoofdaltaar had men een met rood damast bespannen omrastering geplaatst. Zijne Heiligheid stelde een kardinaal aan om in zijn plaats de mis op te dragen. Men bracht de paus, zittend op zijn troon achter het altaar, het bloed van de Verlosser en hij zoog het op met een gouden rietje.*
Ik heb nog nooit zoiets indrukwekkends gezien als deze ceremonie; de Sint-Pieter was subliem in zijn pracht en schoonheid: vooral het effect van de koepel vond ik verbluffend; ik werd bijna zo gelovig als een Romein.

Promenades dans Rome (1829)
Édition établie et annotée par Victor Del Litto
Préface de Michel Crouzet
Gallimard 1973, 1997 p.142

Toen ik de groene zijden voorhang 
wegschoof die de ingang van de dom afdekte, en binnenging in het Godshuis, toen werden mijn lijf en hart aangenaam verfrist door de milde lucht die daar woei en door het getemperde magische licht dat door de bontgekleurde ramen op de biddende vergadering neerstreek. Meest vrouwen waren het, in lange rijen naar voren geleund op de lage gebedsbanken. Ze baden met alleen een stille beweging van de lippen, en woeien zich voortdurend koelte toe met grote groene waaiers zodat men niets kon horen dan een gedurig geheimzinnig gelispel, en niets kon zien dan het wapperen en wuiven van sluiers. De knarsende tred van mijn bottines stoorde menig mooi gebedje en grote katholieke ogen keken mij aan, half nieuwsgierig, half genegen, als wilden ze me aanbevelen om ook maar neer te knielen en zielen-siësta te houden.

[…] Je mag zeggen wat je wil, maar voor in de zomer is het katholicisme een goede religie. Het is aangenaam zitten op de banken van deze oude dom, je kan hier genieten van een koel gebedje, een heilig DOLCE FAR NIENTE, je bidt en je droomt en zondigt in gedachten, de Madonna’s knikken zo vergoelijkend vanuit hun nissen, vrouwelijk als ze zijn schenken zij je zelfs vergiffenis als je hun lieftallige trekken in die zondige gedachten mocht hebben vervlochten, en ten overvloede staat er in elke hoek nog een bruine noodstoel voor het geweten, waar men zich van zijn zonden kan ontlasten.
In zo een stoel zat een jonge monnik met een ernstige plooi op zijn gezicht; maar het gezicht van de dame die hem haar zonden opbiechtte bleef voor mij verborgen, deels door haar witte sluier, deels door het zijpaneel van de biechtstoel. Toch kwam daarachter uit een hand te voorschijn die mij terstond aangreep. Ik kon het niet laten om deze hand gade te slaan; de blauwige adertjes en de voorname glans van de witte vingers kwamen mij zo zonderling bekend voor, en al het droomgeweld van mijn gemoed kwam in beweging om een gelaat te bedenken dat bij die hand zou kunnen horen.
[…] Die hand had iets roerend onschuldigs, zodat het scheen of zij niet mee biechten hoefde, en ook niet horen wilde wat haar eigenares opbiechtte, en als het ware buiten wachtte tot zij klaar was. Dat nam wel een poos in beslag; de dame moest veel zonden te vertellen hebben. Ik kon niet langer wachten, mijn ziel drukte een onzichtbare afscheidskus op die mooie hand; ze trilde op datzelfde moment …

Die Reise von München nach Genua (1830)
in: Heinrich Heines Sämtliche Werke
herausgegeben von Prof. Dr. Ernst Elster, 1893
Kritisch durchgesehene und erläuterte Ausgabe, dritter Band, S.243
Meyers Klassiker-Ausgaben, Leipzig und Wien
____________
* Leo XII verkeerde in slechte gezondheid. Dat hij het Heilig Bloed met een rietje opzoog mag onze verse bekeerlingen niet choqueren.

20 mei 2024

Satan met Beëlzebub bestrijden?

   Je hand in het vuur steken voor iets dat je in de krant hebt gelezen is gedurfd, en als je zoals ik een artikel niet eens gelezen hebt –omdat het achter een betaalmuur zit– en enkel op een titel afgaat is het zelfs roekeloos, maar volgens het Nieuwsblad zegden Christophe Vekeman en Kristien Hemmerechts: “Het katholieke geloof is niet superieur, maar wel het ware geloof.”

Enigmatische uitspraak want van Dale zegt: Superieur, boven iets anders of het andere uitmuntend, het overtreffend.

Wát voor anders dan, een ander geloof? …dat niét het ware is? Als woorden nog een betekenis hebben, geachte Vekeman en Hemmerechts, dan is in dat geval het katholicisme juist wél superieur.

En Kristien moet ook gezegd hebben: “Weet je, ik ben al heel lang vegetariër en hoe langer je dat bent, hoe vreemder het wordt dat mensen vlees eten. Ik begin dat nu ook te hebben met atheïsten.” Laten we die uitspraak voor wat ze is: convertieten moeten zich bewijzen en zijn altijd de ijverigste gelovigen.

Maar wat mag toch de drijfveer zijn achter die bekeringen, en waarom pikken de media ze zo graag op? Is ze te vinden in maatschappelijke ontwikkelingen? Iedereen ziet natuurlijk dat een religie, zeker als zij de ware is, tot veel meer in staat is dan een lekenmoraal die het zonder eeuwigheidsaanspraken moet klaarspelen. Zo’n moraal kan geen rijstpap met zilveren lepeltjes beloven, laat staan zeventig of is het tweeënzeventig maagden.

La nature d'une civilisation, c'est ce qui s'agrège autour d'une religion. Wat zich rond een religie samenkoekt is het wezen van een beschaving, zei André Malraux.

Zélf atheïst zijn mag wel, maar met atheïsme alléén –nochtans een kind van het christendom– komen we er niet. Voor de goede orde in een maatschappij kun je niet buiten een religie om zullen onze voorbeeldige auteurs gedacht hebben, en zo leren ook de jezuïeten, en althans hierin trad hun vijand Voltaire hen bij (terecht, want daar is veel voor te zeggen). Hijzelf was een ongelovige hond, een kafir kunnen we nu beter zeggen, maar hij bouwde wel een kerk voor zijn dorpsgenoten en zag ook liever dat zijn huispersoneel katholiek was. 'Ze stelen dan minder' zou hij gezegd hebben, maar net als met krantenkoppen is het met Voltaire-citaten altijd uitkijken.

Nu iets ernstigs: hieronder geef ik een tekst van Heine waarin merkwaardige paralellen met de bovenstaande bekeringen te ontdekken vallen  en we lezen ook over de religie als opium, een beeld dat later Karl Marx overnam: 

“Van miserie katholiek worden” luidt een Duits spreekwoord waarvan de vervloekt diepe betekenis me nu pas duidelijk wordt. – Is niet het katholicisme de meest verlokkende bloesem van die doctrine van de wanhoop, waarvan de snelle verspreiding over de aarde niets minder dan een groot wonder lijkt als je bedenkt in welke erbarmelijke, pijnlijke toestand de hele Romeinse wereld wegkwijnde... Zoals een individu zich zielsbedroefd de aderen opende en toevlucht zocht in de dood, tegen de tirannie van de Caesars, zo wierp de grote menigte zich in de ascese, in de leer van versterving, in martelaarschap, in de hele zelfmoord van de Nazarener-religie, om de kwelling van het leven in die tijd van zich af te werpen en de beulsknechten van het heersende materialisme te trotseren...

   De hemel werd uitgevonden voor mensen aan wie de aarde niets meer te bieden heeft... Heil aan deze uitvinding! Heil aan een religie die een paar zoete, slaapverwekkende druppeltjes in de bittere kelk van de lijdende mensheid goot, geestelijk opium, een paar druppels liefde, hoop en geloof!

   Ludwig Börne

was, zoals ik in het eerste deel al zei, van nature een geboren christen,* en deze spiritualistische neiging moest wel naar het katholicisme overslaan toen de wanhopige republikeinen na de pijnlijkste nederlagen hun krachten samenbundelden met de katholieke partij. – In hoeverre is deze alliantie serieus? Dat kan ik niet zeggen. Sommige republikeinen zijn misschien echt van miserie katholiek geworden. Niettemin, in hun hart verafschuwen de meesten hun nieuwe bondgenoten, en er wordt komedie gespeeld aan beide kanten. Er is alleen de gemeenschappelijke vijand om tegen te vechten, en inderdaad, de combinatie van de twee fanatismen, religieus en politiek, is extreem bedreigend. Soms gebeurt het echter dat mensen zich verliezen in hun rol en het sluwe spel plompweg ernst wordt; zo zal menig republikein wel geflirt hebben met de katholieke symbolen totdat hij er uiteindelijk echt in geloofde, en menige lepe geestelijke zal wel de Marseillaise gezongen hebben totdat het zijn lievelingslied werd en hij de mis niet meer kon lezen zonder in de melodie van dit strijdlied te vervallen.**

    Wij arme Duitsers, die helaas geen grapjes verstaan, hebben de verbroedering van het republicanisme en het katholicisme heel serieus genomen, en deze vergissing kan ons op een dag duur komen te staan. Arme Duitse republikeinen, jullie die Satan met Beëlzebub willen uitbannen, als jullie in zo'n uitdrijving slagen, zullen jullie van de vurige regen in de vlammende drop komen! Ik kan niet begrijpen hoe sommige Duitse patriotten, om zich tegen protestantse regeringen te verzetten, gemene zaak maken met de katholieke partij.

_____________

  * Gemene spotternij: Juda Löb Baruch was natuurlijk een jood zoals Heine zelf. Beiden bekeerden zich noodgedwongen tot het protestantisme: 'mijn entreebiljet tot de Europese cultuur', zei Heine. Börne zei dan weer over Heine dat hij alleen maar geestig was: Im Dienste der Wahrheit genügt es nicht, Geist zu zeigen, man muß auch Mut zeigen. Hun vriendschap was al een tijd voorbij.
** Faites semblant de croire, et bientôt vous croirez, zong Brassens.

Ludwig Börne. eine Denkschrift. Viertes Buch (1840)
in: Heinrich Heines Sämtliche Werke
herausgegeben von Prof. Dr. Ernst Elster, 1893
Kritisch durchgesehene und erläuterte Ausgabe
Siebenter Band, S. 116
Meyers Klassiker-Ausgaben, Leipzig und Wien


29 september 2023

Vanwaar die opwinding over 'Godvergeten'?

 

Het is wat laat om een boek aan te bevelen dat ik eenendertig jaar geleden las, maar misschien is het toch niet zo gek als je de consternatie ziet bij het publiek, de media, de politiek én zelfs bij het ecclesiastisch management, na de televisiereeks over de schandalige aberraties van het kerkpersoneel. Gespeelde consternatie vanzelfsprekend, zeker bij het management.

(Uta Ranke-Heinemann (1927-2021) las ik destijds, stomweg omdat ze Ranke heette, zoals Robert Graves von Ranke, de auteur van I Claudius, Goodbye to all that enzovoort, van wie ik toen álles las wat ik te pakken kreeg, of wat misschien naar hem verwees. Of de man van Uta en Robert familie van elkaar zijn weet ik niet.)

Uta Ranke-Heinemann was weltweit de eerste vrouw die een doctorstitel in de theologie behaalde,* en in 1970 doceerde ze aan de universiteit van Essen Neues Testament und alte Kirchengeschichte. Die leerstoel werd haar echter ontnomen omdat ze de maagdelijke geboorte van Maria theologisch verklaarde, en niet biologisch. In de zieke geesten van de kerkelijke eunuchen was dat een biologisch feit. De opdracht in het boek dat u hiernaast ziet luidde Meinem Mann.
De reeks 'Godvergeten' heb ik niet gezien, maar daar staat tegenover dat heel wat mensen haar boek niet gelezen hebben.

In 1987 gaf de universiteit Essen haar berouwvol de leerstoel Religionsgeschichte, en daar had zij geen last meer van zieken en halve garen.

Uta Ranke-Heinemann
Eunuchen für das Himmelreich
Katholische Kirche und Sexualität
Droemersche Verlagsanstalt Th. Knaur Nachf. München
Vollständige Taschenbuchausgabe Dezember 1990
(Hoffmann und Campe, Hamburg 1988)
____________________
Benno Barnard wijst me erop dat het protestantisme veel eerder al vrouwelijke theologen kende, bijvoorbeeld Anna Maria van Schurman.


31 januari 2019

Kogels afschieten op de eigen bevolking


Zelfs met buitensporig geweld lijkt Emmanuel Macron de woede van de gilets jaunes niet meester te worden, en de financiële toegevingen die hij deed hebben de bevolking zelfs nog kwader gemaakt, terwijl die nochtans een flink gat in zijn begroting zullen slaan. Hij begrijpt niet dat de onvrede dieper zit dan centen, en dat ze ook veel ouder is dan zijn aanmatigende en huichelachtige verkiezingsleuze ‘het ene zowel als het andere, links én rechts’– een slogan die voorlopig niet opgaat voor de rubberkogels die hij op de betogers laat afschieten, want die troffen tot nog toe telkens slechts één oog.*

Wat Emmanuel niet snapt is dat het centrale gezag van Parijs niet meer aanvaard wordt. Het Franse centralisme staat onder druk van ‘la France périphérique’. Daar wees bijvoorbeeld de geograaf Christophe Guilluy twintig jaar geleden al op, maar wellicht drong die boodschap niet door bij zijn werkgever Rothschild & Cie.
Grotendeels is de bevolking ‘désaffiliée’ zegt Guilluy, ze heeft afgehaakt. Zeker, de gilets jaunes verwerpen het centralisme, maar verder gaan hun eisen alle richtingen uit, en het socialisme noch het liberalisme kunnen hen bekoren. Ideologisch valt er geen peil op te trekken.

In vroegere eeuwen en tot aan de Revolutie deed het katholicisme dienst als ideologisch bindmiddel, maar de revolutionairen vernietigden het – terwijl ze anderzijds het Parijse centralisme van Louis XIV onverkort overnamen.
Dat katholicisme had dus wel een bepaald nut, maar om de bevolking in het gareel te houden kan het nu niet meer dienen, evenmin als enige andere ideologie. Heinrich Heine waarschuwde in 1834, in zijn Zur Geschichte der Religion und Philosophie in Deutschland, al voor zo’n ontwikkeling. Lang voor Chesterton dus – ‘He who does not believe in God will believe in anything,’  althans volgens het citaat dat nergens bij hem te vinden is.

‘Als men de laatste nog zichtbare resten van het katholicisme zou verdelgen,’ schreef Heine, ‘dan kon het wel eens gebeuren dat de idee ervan in een nieuwe vorm weer opdook, toevlucht zocht in een ander lijf als het ware, en dat het, de naam christendom afleggend, ons in zijn nieuwe gedaante nog veel meer ergerlijke last bezorgt dan dat laatste in zijn huidige gebroken, geruïneerde en algemeen in diskrediet geraakte gestalte.’ 
Dat ideologieën ook door pure chaos konden vervangen worden vermeldt hij hier niet. 

Manu, die zich op twaalfjarige leeftijd liet dopen en vormen, zal het met Heine eens zijn vermoed ik, althans wat de grote lijnen betreft, maar wellicht minder met wat die een jaar later schreef over het Franse centralisme:

De achttiende eeuw heeft het katholicisme in Frankrijk zo grondig verpletterd, dat er bijna geen levend spoor meer van overgebleven is, en dat wie het katholicisme in Frankrijk weer wil invoeren als het ware een volkomen nieuwe religie predikt. Onder Frankrijk versta ik Parijs, niet de provincie, want wat de provincie denkt maakt even weinig uit als wat onze benen denken; het hoofd is de zetel onzer gedachten. Ik heb me laten vertellen dat de Fransen in de provincie goede katholieken zijn; dat kan ik niet bevestigen of tegenspreken; de mensen die ik in de provincie aantrof zagen er allemaal uit als mijlpalen, met op hun voorhoofd gegrift hun grotere of kleinere verwijdering van de hoofdstad. De vrouwen daar zoeken in het christendom wellicht troost omdat zij niet in Parijs kunnen wonen. In Parijs zelf heeft het christendom na de Revolutie niet meer bestaan, en zelfs daarvoor al had het hier alle ware betekenis verloren. In een afgelegen hoekje van een kerk lag het te loeren als een spin, het christendom, en het sprong nu en dan haastig naar voren als het een kind in de wieg had weten op te merken, of een grijsaard in zijn doodkist. Ja, enkel bij twee gelegenheden, als hij net ter wereld kwam of die wereld net weer verliet, kwam de Fransman in de greep van de katholieke pastoor; de hele tijd daartussen was hij bij zijn verstand en lachte hij met wijwater en zalving.

Das achtzehnte Jahrhundert hat den Katholizismus in Frankreich so gründlich ekrasiert,** daß fast gar keine lebende Spur davon übriggeblieben und daß derjenige, welcher den Katholizismus in Frankreich wiederherstellen will, gleichsam eine ganz neue Religion predigt. Unter Frankreich verstehe ich Paris, nicht die Provinz; denn was die Provinz denkt, ist eine ebenso gleichgültige Sache, als was unsere Beine denken; der Kopf ist der Sitz unserer Gedanken. Man sagte mir, die Franzosen in der Provinz seien gute Katholiken; ich kann es weder bejahen noch verneinen; die Menschen, welche ich in der Provinz fand, sahen alle aus wie Meilenzeiger, welche ihre mehr oder minder große Entfernung von der Hauptstadt auf der Stirne geschrieben trugen. Die Frauen dort suchen vielleicht Trost im Christentum, weil sie nicht in Paris leben können. In Paris selbst hat das Christentum seit der Revolution nicht mehr existiert, und schon früher hatte es hier alle reelle Bedeutung verloren. In einem abgelegenen Kirchwinkel lag es lauernd, das Christentum, wie eine Spinne, und sprang dann und wann hastig hervor, wenn es ein Kind in der Wiege oder einen Greis im Sarge erhaschen konnte. Ja, nur zu zwei Perioden, wenn er eben zur Welt kam oder wenn er eben die Welt wieder verließ, geriet der Franzose in die Gewalt des katholischen Priesters; während der ganzen Zwischenzeit war er bei Vernunft und lachte über Weihwasser und Ölung.
Die romantische Schule, Paris 1835.
___________

* Le Monde diplomatique van februari, op p.5, schrijft: On peut se demander si l'obstination du gouvernement à utiliser des armes et techniques dont ont sait qu'elles peuvent tuer ou mutiler ne relève pas d'une stratégie délibérée visant à dissuader les citoyens de manifester. Vraag is of de hardnekkigheid waarmee de regering wapens en technieken inzet waarvan geweten is dat ze dodelijk of verminkend kunnen zijn, niet voortkomt uit een bewuste strategie met als bedoeling burgers het betogen te ontraden.
** Zoals zijn uitgever van 1893, Ernst Elster opmerkt, zinspeelt Heine met zijn verduitste Franse woord op Voltaire's « Écrasez l’infâme! ». 

http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html