30 september 2019

De wal keert het schip


Het politieke midden in Europa speelt met vuur, vindt de cultuurhistoricus René Cuperus. Deze man – een sociaaldemocraat; PVDA-er heet dat in Nederland – had tien jaar een column in de Volkskrant, maar daar is recent een punt achter gezet. De nieuwe hoofdredactie achtte de tijd rijp voor verjonging. Dat Cuperus een stukje had geschreven waarin hij zich achter het boerkaverbod schaarde – misschien vanuit de gedachte dat boerka’s niet tot de Nederlandse canon behoren – heeft bij de overwegingen niet gespeeld: tenslotte moet elke redactie zo nu en dan een verjonging doorvoeren.

Het spreekt, lezer, dat u beter het hele gesprek kunt bekijken dat Roderick Veelo met hem had in het programma de Buitenlucht op RTL, maar toch tik ik twee passages uit. Daar heb ik twee goede redenen voor: Cuperus hoeft geen vertaling, en wat hij zegt wordt citeerbaar. En ik had nog een derde reden:



Cuperus: Je hebt echt een tamelijk elitaire wereld, waar ik ook met mijn hoofd inzit en jij ook, die gewoon niet op deze manier naar migratie kijkt, die dat niet als een gevaar ziet, die dat overdreven vindt, of die dat populistisch vindt, of fascistisch vindt. Een heel andere world view over migratie. Dat zijn hele grote groepen binnen onze hoogopgeleide samenleving die zo daarnaar kijken, daar ook weinig last van hebben, relatief.
Nee, ik hoop dat bijvoorbeeld deze – ja hoop …helaas – dat de aantasting van de rechtsstaat, die moord op de advocaat, dat dat ook triggers zijn om na te denken over wat migratie, wat die internationale drukte-economie, wat die allemaal niet kan aanrichten in open, transparante landen als Nederland en Scandinavië. Ik had een groep Noorse ambtenaren van Buitenlandse Zaken vorige week op bezoek. Die hebben ook het gevoel: wij raken ons paradijs kwijt. Ik zeg heel vaak: wij onderschatten hoe uniek Noordwest-Europa is. Nergens op de wereld heb je dus dit: heb je zo’n egalitaire middenklasse-samenleving, met heel veel vertrouwen, onderling vertrouwen, met niet-corrupte politici. Dat is uniek, in de rest van de wereld zijn politici corrupt, zijn politieke partijen corrupt, je hebt hier vertrouwen in belastingen, nog hè, dat zit ook al bijna… daar moeten we ook mee oppassen dat die belastingdienst blijft functioneren. Ja, maar dat is fundamenteel: hier durven mensen belasting te geven omdat ze ervan uitgaan dat politici dat goed besteden. Wopke Hoekstra is de meest populaire minister in dit soort landen. Dat is in Afrika niet zo, hè, dat ik u wel vertellen. In Latijns-Amerika ook niet, en op de Balkan niet, en in België ook niet hé! Daar is de minister van financiën niét de meest populaire minister.
Dus dat is een uniek paradijs, noem ik dat vaak. En ja, de mensen hebben – terecht volgens mij, en met name de lagere middenklasse voelt dat eerder dan de hogere burgerklasse – die voelen dat verdwijnen van het paradijs, die voelen allerlei ondermijnende krachten die inbeuken op dat naoorlogse samenlevingsmodel wat we hier hebben.
Dat is migratie, waardoor een nieuwe onderklasse heel opeens in onze samenleving terechtkomt, wat wij als sociaaldemocraten natuurlijk op zijn aller-allerlaatst zouden willen, hè? Je bent wel stom om weer een nieuwe onderklasse in je land toe te laten terwijl je honderd jaar erover hebt gedaan om die onderklasse kwijt te raken. Eh ja, de islam hè, in een postreligieuze, postchristelijke samenleving levert een heleboel problemen op. De influx van mensen uit niet-democratische landen. Hoe zeker zijn we ervan dat dat democraten zijn, of democraten worden? Al dat soort vragen wordt toch nog steeds door het leuke midden van ons niet echt op zijn allerscherpst beantwoord.
------
Cuperus: Er wordt altijd geroepen van: ja, de boze burger… nee, het is de elite, het is niet het volk wat in opstand is maar het is de elite die eigenlijk in opstand is, door zijn programma. Een heel ruig programma namelijk van globalisering, multiculturalisering, europeanisering, kenniseconomie, klimaattransitie. Ik bedoel, het is niet het volk wat plots radicaal is, het is de elite die heel radicaal is. Dat is mijn stelling. En populisme is een reactie daarop. Hè, die reageert op, hallo! gaat dat wel gelijk? Want wat betekent dit voor mijn leven, hè? Die kenniseconomie, is dat alleen maar voor de hoogopgeleiden en hun kinderen, of doe ik ook nog mee als niet-hoogopgeleide? Dus de revolutionairen zitten niet bij de bevolking maar zitten bij de kosmopolitische, wat losgeslagen elites.

Veelo: Hoe gaan we die twee groepen dichter bij mekaar brengen? Wanneer gaat de elite zijn hand uitsteken?
Ze zullen wel moeten om bepaalde dingen voor mekaar te kunnen krijgen. Dus bijvoorbeeld die hele verregaande doelstelling van de energietransitie, hoe wil je dat door de strot van de bevolking duwen, hè? Loopt het niet vast op die weerstanden van de bevolking? Wat doen we met de enorme ongelijkheid van inkomen en kennis bij dit vraagstuk? Dat is volgens mij iets waar we …daar moet je wel verstandhouding met elkaar gaan vinden, wil dat lukken, en anders wordt het een puinhoop. Dat is één voorbeeld.

Dus de wal keert het schip?
De wal keert het schip.

20 september 2019

Iets te vanzelfsprekend


In een filmpje dat Joël De Ceulaer maakte en waarin hij zijn recente boek samenvat, zegt hij dit:

'Het derde gebrek van de democratie is dat ze fundamenteel onrechtvaardig kan zijn. Als de wil van de meerderheid niet in toom gehouden wordt door de rechtsstaat, dan kunnen er ongelukken gebeuren. Dan kan het heel slecht aflopen met de rechten van minderheden en individuen. Ik hoef daar in deze tijden geen tekening bij te maken. Dus de macht van de massa, die essentieel is in de democratie, moet worden tegengewerkt door de kracht van de rechtsstaat. Zonder de rechtsstaat, zonder die bescherming van minderheid en individu is de democratie geneigd om onrechtvaardig te worden.'


Vraag is dan waar die rechtsstaat vandaan komt. Is die voorafgaand aan de democratie? Is hij misschien met ondemocratische middelen tot stand gekomen en gunt hij de democratie slechts een beperkte speelruimte? Met wetten die door rechters zijn gemaakt? Of is die rechtsstaat een natuurrechtelijk begrip, een gegeven, een evidentie 'waar geen tekeningetje bij nodig is'?

De Ceulaer komt hier ongewild dicht in de buurt van het absolutisme of de oligarchie, of zelfs –wat hem vaker overkomt– van de theologie.

We zullen er Montesquieu en Tocqueville op moeten naslaan, of zelfs de ouden, Plato of Aristoteles en Polybius...
_________
Noot:
Omdat enkele vrienden me zegden dat die 'theologie' niet meteen duidelijk was, voeg ik dit toe: theologie is bij Joël nooit veraf (al zal hij dat met verbazing vernemen wellicht). Onze man zou denkelijk bij Joseph de Maistre (hij zou die eens moeten lezen) steun hebben gevonden voor zijn visie dat 'de democratie' in toom moet worden gehouden door ...iets externs, iets van buitenaf, eventueel van bovenaf dus, zoals de Voorzienigheid van Maistre. Anderzijds: mogelijk volstaat een gouvernement des juges wel voor hem?
Maar na de lofrede van Rik Van Cauwelaert moet ik misschien toch het boek eens lezen, want zo'n filmpje zegt niet alles.

15 september 2019

Alweer een nieuwe fobie ontdekt!


Ψηφίζω (psefídzo) betekent, zoals de Bailly hiernaast zegt: stemmen, naar de stembus gaan, kiezen. In Griekenland ging dat met keitjes (psefoi) die in een urne werden gegooid, vandaar.

Of ze in Athene ook peilingen hielden …ik vermoed van niet, maar wellicht kon iemand – of hij moest aan agorafobie lijden – op de agora toch horen wat er zoal leefde onder de burgers.

Wij pakken dat wetenschappelijker aan, en de jongste oefening in het genre zal me dunkt de federale regeringsvorming flink vooruithelpen.

Voor de deftige Vlaamse partijen zal namelijk alles aantrekkelijker zijn dan nieuwe verkiezingen. Een peiling mag dan pijnlijk zijn, een bittere kelk om te drinken, maar bij verkiezingen dreigen amputaties. Zoiets stel je toch graag een jaar of vijf uit?

Ik zou dus, aangezien we in de tijd van de fobieën leven, een nieuw begrip willen invoeren dat in de journalistiek zijn nut kan bewijzen, en dat ook de politicologen minstens een air van wetenschappelijkheid kan bezorgen.

Politici en opiniemakers lijden aan psefidzofobie, een panische angst voor verkiezingen.



9 september 2019

Obsceniteiten in Gent


«Les villes deviennent de plus en plus des lieux touristiquement formatés» schreef laatst Libération: steeds meer worden steden plekken gesneden op maat van de toerist.
Dat is onloochenbaar, en overal zie je stadsbesturen meewerken aan de Disneylandisering. Je hoeft niet naar Barcelona of Dubrovnik om dat te constateren: ook kleine stadjes als Gent (ik zwijg nog over Brugge) zitten opgescheept met stadsbesturen die er alles aan doen om ‘hun’ stad, met haar eeuwenoude schatten ‘te valoriseren’. Zo drukken die onverlaten dat uit. Alsof zij iets afwisten van waarden, of zich er iets aan gelegen lieten liggen.
Ach ja, de bruggenhoofden om horden barbaren te ontvangen zagen we al eerder verschijnen: Amerikaanse hotels, MacDonaldsen, Starbucks, al die kankers hebben zich al lang genesteld in het weefsel van stad. Zo gaan bezetters te werk.
En natuurlijk zitten hun collaborateurs niet enkel bij de stadsbesturen: ook bepaalde middenstanders en immobiliëninvesteerders willen graag meevreten. Cultuur kan hen gestolen worden, om de centjes gaat het.
De foto hierboven toont een leegstaand pand aan het Veerlepleintje, en de kreten die de geldbeluste eigenaar afficheert zijn wat mij betreft obsceen en afkomstig uit een wereld waar fiere Gentenaars op neer moeten kijken.

Over oude tv-koks


Je kunt je afvragen wat ze vroeger dan wél uitzonden, maar er is een tijd geweest dat nog niet elke televisiezender een dagelijks kookprogramma had.
Op de Franse televisie volgde ik dertig-veertig jaar terug elke zaterdagmiddag ‘La vérité est au fond de la marmite’, met Michel Oliver. Die had zijn vader Raymond opgevolgd, de eerste gemediatiseerde sterrenkok.
Tot mijn groot plezier kwam France Culture pas met een reeks van 5 uitzendingen over en met zoon Michel, en daarin vertelde die iets dat hij van zijn vader had geleerd. Elk weldenkend mens zal het met hem eens zijn, en ook veel restaurateurs kunnen er iets van opsteken:

Hij had zijn opvattingen: hij moest helemaal niets weten van opgedirkte schotels. Hij zei – en ik denk dat hij gelijk had, ik pas die techniek toe: ‘Elke seconde die verloren gaat bij de presentatie van een schotel is een seconde verloren voor de kwaliteit als ze bij de cliënt arriveert.’ Tegen die logica is niets in te brengen. Als je een schotel klaar hebt en je besteedt vijf minuten aan de presentatie ervan, komt die lauw op tafel. Of je moet ze weer opwarmen, en dat is geen koken! Koken, dat is de onmiddellijke overdracht. Het is het directe genoegen, meteen. Het is klaar, ik geef het je: aan jou nu.


Il avait des théories: il n’aimait pas du tout le décor dans les plats. Il disait – et je pense qu’il a raison, j’applique cette technique: «Toute seconde perdue à la présentation d’un plat est une seconde perdue pour sa qualité à l’arrivée devant le client.» C’est d’une logique imparable. Si vous terminez un plat que vous passez cinq minutes à le décorer, il arrive tiède. Ou alors il faut le réchauffer, et c’est pas ça la cuisine! La cuisine c’est la transmission immédiate. C’est le bonheur tout de suite, là. C’est fait, je te le donne, c’est à toi.

o-o-o-o-o
Het was altijd Franse keuken natuurlijk, maar hier
per uitzondering een recept om zelf hamburgers te maken.

http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html