17 oktober 2026

Bart Eeckhout verklaard



Bart Eeckhout van De Morgen drukt zich wat onduidelijk uit in zijn jongste beschouwing over RN, AfD en VB. 

Soms betalen kleine investeringen zichzelf dubbel en dik terug, als je maar wat geduld hebt. Twaalf jaar geleden stonden aan het Kremlin gelieerde banken voor 11 miljoen euro aan leningen toe aan de radicaal-rechtse partij van Marine Le Pen. […] Ook de AfD kon al rekenen op financiële faveurtjes uit Moskou.

Het verschil tussen leningen en investeringen is Eeckhout blijkbaar niet duidelijk, en het toestaan van een lening beschouwt hij als een faveurtje.

Overigens hadden (op staatsbevel) alle aan Frankrijk gelieerde banken leningen aan die partij geweigerd, zodat zij wel elders moésten lenen. Dat wist Eeckhout blijkbaar niet, of hij vergat het te vermelden.

Het zou misschien net te ver gaan om te zeggen dat uiterst rechts wil dat Rusland en Vladimir Poetin de oorlog winnen. Maar ze willen wel dat Oekraïne verliest of toch minstens tot capitulatie gedwongen wordt.

Hier wordt zijn betoog wel erg duister: als een partij verliest, capituleert ze. Ze capituleert niet ‘minstens’. Capitulatie is overgave, en dat gaat niet half en half.

Als uiterst rechts capitulatie van Oekraïne wil, dan wil het tegelijk ook dat Rusland wint. Dat komt op hetzelfde neer, twee kanten van één medaille. Misschien verwart Eeckhout capituleren met zich inschikkelijk tonen.

Clausewitz legde die niet zo moeilijke begrippen uit in Vom Kriege, in het eerste hoofdstuk al,* en nog voor hem zei Boileau in zijn Art poétique:

Ce que l’on conçoit bien s’énonce clairement,
Et les mots pour le dire arrivent aisément.

_____________________
* Der Krieg ist also ein Akt der Gewalt, um den Gegner zur Erfüllung unseres Willens zu zwingen. Tot capitulatie te dwingen met andere woorden.

16 oktober 2026

Hebben rechtse mensen meer gevoel voor humor?


Onlangs beweerde Joël De Ceulaer dat. Zelf denk ik dat heimelijk ook, maar zulke dingen zijn moeilijk hard te maken en uitzonderingen zullen er altijd zijn. Humor is een soort grensoverschrijding en een goed mens staat liever aan de juiste kant –van de Geschiedenis bijvoorbeeld– terwijl rechtsen zonder scrupules er met hun vuile voeten doorgaan.

Wat hier volgt is allerminst een bewijs, maar in de Duitse Bondsdag vond ik Alice Weidel –Rechts? komaan, uiterst-rechts natuurlijk! AfD immers– wel grappig reageren op een onnozele opmerking van een Groen parlementslid. Weidel viel in haar speech bondskanselier Merz aan, maar die had het toneel al verlaten.


Jullie brengen het niet voor elkaar om de sociale zekerheid te stabiliseren, omdat jullie geen rekening houden met de heersende misbruiken, en geen eind maken aan de massale instroom in die sociale voorzieningen. De massa-immigratie met de open grenzen gaat door. Op de volgmigratie staat geen rem, uitwijzingen zijn er nauwelijks, en naturalisaties zijn er aan de lopende band, terwijl goed opgeleide... (schiet in een lach) Ik snap niet waarom jullie hier de hele tijd zo doorheen roepen... terwijl honderdduizenden goed opgeleide Duitsers dit land verlaten. En dat komt uitgerekend door jullie politiek, terwijl jullie hier zo dom dooreen zitten te kletsen. Ook hiérom zijn jullie niet in staat de burgers substantieel lager te belasten: omdat het jullie ontbreekt aan vorming en werkervaring. De staatsschuld ...daar krijgen we Anton Hofreiter! hahaha... applaus voor Anton Hofreiter!* Jullie zijn niet in staat de burger substantieel soelaas te bieden, jullie zijn niet in staat… enzovoort enzovoort.

 
_____________
* Hofreiter van Die Grünen riep Alice Weidel toe dat zij 'een in Zwitserland wonende Russische agente was.' De Kamervoorzitter nam in overweging hem daarvoor een blaam te geven. Of hij dat ook gedaan heeft weet ik niet.
Nu, een volslágen dwaas kan die Hofreiter weer niet zijn, want toen hij ietwat neerbuigend liet weten dat zijn groene fractieleidster (hijzelf was dat eerder geweest) in haar rol groeide, zei hij niet zoals u en ik: al doende leert men, maar das Sein prägt das Bewußtsein, Marx citerend. Zulke zaken hoor je te weinig in onze parlementen.

8 oktober 2026

Muizen laten zich daar beter niet mee in

De verzameling Fabels van Aesopus is in deze woelige tijden nog nuttig. In welke zin nuttig weet ik niet: aan de grote geesten van de EU, van de NAVO en Washington laat ik over wat zij bijvoorbeeld van fabel n°289 mogen vinden. Wel weten wij al sinds de Emser Depeche (om nog te zwijgen van de Weapons of Mass Destruction enzovoort) dat het uitkijken is met stellige beweringen, van welke kant ook.


De slang, de wezel en de muizen*

In zeker huis waren een slang en een wezel aan het vechten. De muizen werden er altijd opgegeten door ofwel de ene ofwel de andere. Toen de muizen hen nu samen zagen vechten, slopen ze stilletjes hun holletje uit. De twee zagen de muizen, lieten hun onderlinge gevecht voor wat het was en gingen op hen af.

Zo vergaat het in de Staten ook lieden die zich mengen in geschillen tussen de demagogen. Nietsvermoedend vallen zij beide partijen ten offer.

ἤ οφις καὶ γαλῆ καὶ μύες

οφις καὶ γαλῆ ἔν τινι οἰκίᾳ ἐμάχοντο. οἱ δὲ ἐνταῦθα μύες ἀεὶ καταναλισκόμενοι πὸ ἀμφοτέρων, ὡς ἐθεάσαντο αὐτοὺς μαχομένους, ἔξῆλθον βαδίζοντες, ίίδόντες δὲ τοὺς μύας, τότε ἀφέντες τὴν πρὸς ἑαυτοὺς μάχην, ἐπ᾽ ἐκείνους ἐτράπησαν.

οὕτω καὶ ἐπὶ τῶν πόλεων οὗ ἔν ταῖς τῶν δημαγωγῶν στάσεσιν ἑαυτοὺς παρεισθάλλοντες λανθάνουσιν αὐτοὶ. ἑκατέρων παρανάλωμα γινόμενοι.

______________

* Chambry vertaalde uit het Grieks, en ik lees hem in het Frans. Hij vertaalt μύες door rats, maar aangezien het Grieks maar één woord heeft voor ratten en muizen, koos ik vermetel voor die laatste diertjes.

Ésope
Fables
Introduction, traduction et notes
par Émile Chambry (1927)
Paris, 2020, Les Belles Lettres

2 oktober 2026

Over vrouwen: een principieel onderzoek


«On ne naît pas femme: on le devient», schreef Simone de Beauvoir in Le Deuxiëme Sexe (1949). De Weense auteur Otto Weininger – die iets gelijkaardigs had beweerd – kende zij blijkbaar niet, terwijl diens Geschlecht und Character (1903) toch al was vertaald in haar eigen taal, en het werk een filosofische bestseller was, zelfs een schandaalboek.
Ze had er anders wel een kluif aan gehad, want Weininger stelt dat de vrouw slechts bestaat voor zover zij een seksueel wezen is, en dus een schepping van de man: die Schuld des Mannes. De vrouw op zich is das Nichts: materie, drift, seksualiteit zonder eigen wezen. Van hem kunnen ook de strengste Kerkvaders nog leren.
Iemand schreef: op elke bladzijde van Weininger staat Ich liebe Männer! Weininger vond dat elke man een vrouwelijke kant had, en vice versa, en de herenliefde was dan een natuurlijke tussenvorm. Hij onderhield zich hierover met zijn stadsgenoot Freud.*

Nu werd Weininger
wel door velen geprezen –hij wás ook geniaal– en beïnvloedde hij Wittgenstein, Joyce, Strindberg en anderen, toch kun je bij stellingen als Bedeutende Menschen haben stets nur Prostituierte geliebt alleen geamuseerd opkijken.**

Op 23jarige leeftijd, kort na het verschijnen van zijn boek, joeg hij zich heel romantisch in het sterfhuis van Beethoven, waar hij een kamer had, een kogel door de borst.

Wijlen grootmeester Jan-Hein Donner las hem met genoegen:
Tegenover reuzen als Weininger (‘Das Weib ist die Schuld des Mannes’), Schopenhauer en toch ook wel Hegel steekt de zwijgzaamheid van de vrouwen opvallend af.
In de gedachten komt de naam van Valery Solanas. [...] Zij was tot de conclusie gekomen dat er niets anders op zat dan de mannen te doden, althans zwaar te verminken. Zij richtte hiertoe de Society for cutting up men op, de zogenaamde Scum [...].
Weininger heeft nog heel wat meer over de vrouw geschreven dan wij aanhaalden. Het beste beviel mij altijd de passage waar ‘die abgründlich tiefe Verlogenheit des Weibes’ behandeld wordt. Hij toont dan aan dat de moreel hoogst ontwikkelde vrouw, die al haar geld aan de armen geeft, nog onder de eerste de beste souteneur staat.

Dat van die souteneur en dat geld voor de armen staat niet letterlijk zo bij Weininger, maar Donner is dan ook grappiger dan hij, zoals u hierboven kunt zien.

____________
  * In Le Monde diplomatique van september 1975 schreef Yves Florenne: Décidément, Weininger est très baudelairien; lui aussi a d’autant plus horreur du péché qu’il le commet, ou qu’il est trop tenté de le commettre.
** Op een enkele Belgische ex-premier na eventueel.

J.H. Donner
Slecht nieuws voor iedereen
Bert Bakker 1987

Otto Weininger
Geschlecht und Character
Eine prinzipielle Untersuchung
München 1997, Matthes & Seitz Verlag

26 september 2026

Hoop doet leven

De laatste dagen hoor je vaak de enigmatische term terugverdieneffecten. Ministers en journalisten gebruiken hem graag als er begrotingen worden opgemaakt.
Zo nieuw is de term niet, want de fabeldichter Aesopus kende hem al.
Nu, of die man echt bestaan heeft weten we niet zeker, maar dat mag geen bezwaar zijn: van Homerus weten we dat tenslotte ook niet, en Aesopus kreeg in Athene wel een standbeeld.

De beeldenverkoper

Een man had een houten Hermesbeeld gemaakt, bracht het naar de markt en bood het te koop aan. Omdat er geen kopers kwamen opdagen, besloot hij ze aan te lokken, en riep dat hij een god verkocht die voorspoed en welzijn bracht.
Een van de omstanders zei hem: Hé, vriend, als hij zo vrijgevig is, waarom verkoop je hem dan, en profiteer je niet liever zelf van zijn hulp? – Omdat ik, antwoordde hij, die hulp meteen nodig heb, en hij nooit haast maakt met zijn zegeningen.

Ésope
Fables
Introduction, traduction et notes
par Émile Chambry (1927)
Paris, 2020, Les Belles Lettres

17 september 2026

Winteruur! een waarschuwing bijtijds


Elk jaar zijn er weer mensen die verward raken en zich kwaad maken vanwege het ingaan van het Winteruur.* Zij hebben ongelijk want dan lopen we in plaats van twee, nog maar één uur voor op de zon. Een hele verbetering. 

Maar niets is ooit eenvoudig, en dus hoort hier een correctie: het is niet exact een uur. In de winter loopt onze klok een uur voor op de universele tijd – Greenwich laten we zeggen, al gaat het tegenwoordig met atoomklokken en mag de zon haar eigen gang gaan.

En nu moge u de laatste tijd veel lelijks hebben gehoord over de Gentse Universiteit, maar ze hebben daar wel een zonnewijzer, en die geeft de aldaar correcte lengtegraad aan: 3,7° O. Door die oosterlengte loopt in Gent de gemiddelde zonnetijd 's winters ongeveer 45 minuten achter op de klok, geen vol uur dus. Hoe het in Antwerpen of Brussel zit weet ik niet.

Maar laat die complicatie alstublieft niemand afschrikken! Toen Montaigne op zijn reis naar Rome te paard de stad Trente binnenreed, komende uit Duitsland, moest hij zich niet enkel aan een veranderd uur gewennen:

Trante. Nous somes asture aux milles d’Italie, desquels cinq mille reviennent à un mille d’Allemaigne, et on conte vingt-quatre heures faict, par jour, sans les mi partir.

Trente. We zijn nu aan de Italiaanse mijlen toe, waarvan er vijf gaan in één Duitse mijl, en men rekent vierentwintig uren per dag, doorlopend, zonder die in twee helften te delen. 

Hier geeft de editor van Montaignes Journal de Voyage een nuttige voetnoot (cursief is van mij): 

MdQ** citeert in zijn Montaigne-uitgave deze significante passage van M. de la Lande, lid van de Academie van Wetenschappen, uit diens voorwoord bij Voyage d’un Français en Italie, dans les années 1765 et 1766: "De Italianen tellen 24 volle uren, van de ene avond op de andere. Het 24ste uur wordt een half uur na zonsondergang geluid, dat wil zeggen als de nacht invalt en je allengs nog met moeite kunt lezen. Als de nacht 10 uur duurt en de dag 14, zegt men dat de zon om 10 uur opkomt en het om 17 uur middag is."



”MdQ cite dans son édition ce passage significatif de M. de la Lande, de l’Académie des Sciences, Voyage d’un Français en italie, dans les années 1765 et 1766, préface: « Les Italiens comptent 24 heures de suite, depuis un soir jusqu’à l’autre. La 24e heure sonne une demi-heure après le coucher du soleil, c’est-à-dire, la nuit tombante, et lorsqu’on commence à ne pouvoir lire qu’avec peine. Si la nuit dure 10 heures et le jour 14, on dit que le soleil se lève à 10 heures, et qu’il est midi à 17 heures. »

__________
  * Dit jaar in de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober.
** Anne-Gabriel Meunier de Querlon (1702–1780)

Journal de voyage
précédé de
Mobile Montaigne
par Frank Lestringant
professeur émérite de la Sorbonne
Édition établie
par Charles Dédéyan
Revue et complétée
par Frank Lestringant
Paris, Les Belles Lettres, 2026

15 september 2026

Het is me daar wat geweest met die AfD!


Nikolaus Blome, chef politiek bij RTL-Duitsland, zei bij Markus Lanz iets vanzelfsprekends ...dat ik hier nochtans nooit in enige talkshow heb gehoord:
Was immer man von der AfD hält, (...) muss man trotzdem sagen: Ein AfD-Wähler ist besser als ein Nichtwähler.
Hoe je ook over de AfD denkt, toch moet je zeggen: een AfD-kiezer is beter dan iemand die niet stemt.


Eerder, vertelde ons Lanz, had Blome nog iets gezegd:
 


Als de CDU nu verstandig is, dan houdt ze zich voor dood, en dat zal haar in Saksen-Anhalt licht vallen want ze moet niet eens meer doen alsof.


9 september 2026

Een moshpit in het Vaticaan


In demoest ik laatst een woord opzoeken dat er blijkbaar al twintig jaar in staat, en waar je in alle kranten deze zomer niet aan voorbij kon: moshpit. Blijkbaar is dat: de ruimte vlak voor het podium waar het publiek kan moshen. Ik las dat iemand bij dat moshen zijn neus had gebroken.

Wat mag moshen dan wel zijn? In een apart lemma werd ik ook hier geholpen: wilde armbewegingen maken bij het dansen op hardrock en heavy metal. Die technische termen heb ik niet meer opgezocht. Ongetwijfeld bedoelt de lexicograaf hier: luide muziek.

Nu las ik dat Michel de Montaigne in 1580 het verschijnsel moshpit al kende! In Rome, in het Vaticaan nog wel, zag hij er een onder het welwillende oog van de podiumartiesten:

De ochtend van Witte Donderdag verschijnt de paus in pontificaal gewaad, en bijgestaan door twee kardinalen op het eerste balkon van de tweede verdieping van de Sint-Pieter. Hijzelf heeft een fakkel in zijn hand.
Daar leest met luider stemme aan zijn ene zijde een kanunnik van Sint-Pieter een Latijnse bul voor waarin een eindeloze reeks mensen worden geëxcommuniceerd – onder meer de hugenoten, met die term aangeduid, en alle prinsen die delen van de kerkelijke gronden in bezit houden. Hier lachten hardop de kardinalen de’Medici en Caraffe die naast de paus stonden.*
Dit voorlezen duurde ruim anderhalf uur, want bij elk artikel dat die kanunnik in het Latijn voorlas, las aan zijn andere zijde kardinaal Gonsague, eveneens blootshoofds, hetzelfde voor in het Italiaans.
Daarop gooide de paus zijn brandende fakkel naar beneden naar het volk, en als grap of om welke reden ook gooide kardinaal Gonsague er nog een bij, want er waren er drie aangestoken. Die valt ook neer op het volk en beneden ontstaat een tumult vanjewelste om wie een stukje van die fakkels kan bemachtigen, en er wordt stevig gevochten met vuisten en stokslagen.
Bij het voorlezen van de veroordelingen hangt een groot stuk zwarte tafzijde over de leuning van het balkon voor de paus. Als de excommunicatie is afgerond, wordt dit zwarte doek opgerold en komt er een ander, van een andere kleur tevoorschijn. De paus geeft dan zijn openbare zegeningen.

Le Judy-saint au matin, le Pape en pontificat se met sur le premier portique de S.Pierre, au second etage, assisté des Cardinaus, tenant, lui, un flambeau à la mein. Là d’un costé, un Chanoine de St. Pierre lit à haute vois une bulle latine où sont excommuniés une infinie sorte de jans, entre autres les Huguenots, sous ce propre mot, et tous les Princes qui détiennent quelque chose des terres de l’Eglise: auquel article les Cardinaus de Medicis et Caraffe, qui etoint jouignant le Pape, se rioint bien fort. Cete lecture dure une bone heure et demie; car à chaque article que ce Chanoine lit en latin, de l’autre costé le Cardinal Gonsague, aussi descouvert, en lisoit autant en Italien. Après cela le Pape jeta cete torche alumée contre bas au peuple, et par jeu ou autremant, le Cardinal Gonsague un’autre; car il y en avoit trois alumées. Cela choit sur le peuple; il se faict en bas tout le trouble du monde à qui ara un lopin de cete torche, et s’y bat-on bien rudemant à coup de pouin et de bâton. Pandant que cete condamnation se lit, il y a aussi une grande piece de taffetas noir qui pant sur l’accoudoir dudict portique, davant le Pape. L’excommunication faite, on trousse ce tapis noir, et s’en descouvre un autre d’autre colur; le Pape lors done ses benedictions publiques.
___________
* Voetnoot 653 leert ons dat kardinaal de’Medici de paus een boodschap had bezorgd van zijn broer, groothertog van Firenze, die het kasteel van Camporseoli in bezit had genomen, waarop de paus inbond. Ook de families Colonna, Orsina, Savelli en Vitelli waren ontevreden, en een moment dreigde men de paus eenvoudigweg gevangen te zetten.

Journal de voyage
précédé de
Mobile Montaigne
par Frank Lestringant
professeur émérite de la Sorbonne
Édition établie
par Charles Dédéyan
Revue et complétée
par Frank Lestringant
Paris, Les Belles Lettres, 2026

6 september 2026

Niet allemaal zijn we even fijngevoelig...

Pastoors beschikken over een stemtimbre dat ze met heel weinigen delen. Uitzonderingen zijn er, en een van die weinigen is David Van Reybrouck. Als de Denker der Nederlanden gewoon de dorst beschrijft die hij vanwege de klimaatopwarming heeft geleden in Vaticaanstad, dan hóór je dat timbre zelfs in de gedrukte tekst van zijn interview. Kosmische angsten overvallen ook minder gevoelige lezers daarbij.

Nu viel me dat hele interview te lang uit –al kwam des Denkers eigen kind niet eens ter sprake, de befaamde G1000– en helaas overviel mij de onzalige uitspraak van Montaigne, in zijn Essais, Livre III, Chapitre XIII, De l'Expérience: 

Le prescheur est bien de mes amys, qui oblige mon attention, tout un sermon. Echt een vriend van mij is de predikant die me in de ban houdt, een hele preek lang.


4 september 2026

Een ernstig woord over het Vrije Woord


De Gentse Universiteit heeft het wat moeilijk. Al te vaak komt ze in het nieuws, zelfs in het buitenland. Het begon met die onnozele rectorale rede, gelardeerd met citaten van Einstein en Jonas – wat men liet passeren onder het moto ‘le ridicule ne tue pas’ – en verder werd het rectoraat bezet en besmeurd, weliswaar met een nobel doel voor ogen: de strijd tegen het fascisme. Vervolgens kregen we die kwestie met Nathan Cofnas. Hem legde De Sutter een week het zwijgen op. Even kwam ook de Amerikaanse ambassadeur zich met het zaakje bemoeien – op zijn beurt een wat onnozel figuur – maar na een gesprek met de rector raakte alles netjes geregeld: drie maand telewerk.

Misschien kan de Gentse rector eens luisteren naar Luis Vassy, voormalig Frans ambassadeur in Den Haag, en nu directeur de Sciences Po Paris. Die man is een ware verdediger van het Vrije Woord. Hier spreekt hij een zaal toe die hem niet meteen gunstig gezind is, en hij heeft geen citaten nodig om indruk te maken:

U zult hier dus mensen horen waarmee u het grondig oneens zal zijn. Dat is geen disfunctie van de universiteit: dat is de universiteit. Spreekrecht begint niet waar u ermee instemt, en tegenspraak is geen agressie.
Juist daarom is de vrijheid van het woord in Sciences Po absoluut. Juist daarom hebben we een buitengewoon rijk verenigingsleven, politiek en syndicaal, met duizenden evenementen, een vrijheid van spreken en een academische vrijheid die voor elkeen gewaarborgd moet worden.
Maar, vrijheid is natuurlijk niet de wet van de luidste roepers: zij geeft niemand het recht om anderen te beletten te studeren, te doceren, te spreken of te luisteren. Ze geeft niemand van ons het recht om onder druk zijn zienswijze op te leggen. Men mag een lezing betwisten, maar niet met geweld het zwijgen opleggen. Men mag betogen tegen een beslissing, maar intimidatie van mensen die er anders over denken kan niet. Men mag de instelling bekritiseren, maar men moet de regels in acht nemen die ons gemeenschappelijk leven mogelijk maken.


3 september 2026

In een vreemd land en een andere tijd


The past is a foreign country: they do things differently there, zo begon The Go-Between van L. P. Hartley. 

Michel de Montaigne maakte een reis in een vreemd land, Italië, en voor ons behoort 1580 tot the past. Toch deed men niet alles compleet verschillend daar. Zo kwam het in Rome zelfs even voor dat mannen er met mannen trouwden. In de kerk en met een huwelijksmis, al moesten zij daartoe het canoniek recht een handje helpen en volgde dan de brandstapel – een gebruik dat wij niet meer kennen, tenzij in vreemde landen en in overdrachtelijke zin ook op de social media. Wat Montaigne denkt over de doodstraf weten we. Hij beschouwt ze als wreedaardig. Over het homohuwelijk spreekt hij zich uit met enige ironie –plesammant, bele secte– maar zonder 'sporen van spot of satire', zoals we in De Morgen wekelijks lezen. Montaigne raakt niet vlug opgewonden, en bekeringsijver of (quasi)religieuze bevlogenheid zijn hem vreemd:

Op de terugweg van Sint-Pieter kwam ik een man tegen die me geestig op twee dingen wees: dat de Portugezen hun gelofte aflegden tijdens de Passieweek,* en dat er op deze dag een statie** werd gehouden in Sint-Jan Porta Latina, waar enkele Portugezen een paar jaar tevoren waren toegetreden tot een zonderlinge broederschap. In een mis trouwden zij man met man, met dezelfde rituelen als bij  onze huwelijken. Ze hielden samen hun Pasen,*** lazen hetzelfde evangelie over het huwelijk,**** en sliepen en woonden daarna samen. De Romeinse geleerden zeiden dat deze slimme jongens leken te denken dat die afwijkende praktijk evengoed rechtsgeldig zou zijn als de Kerk ze maar goedkeurde met haar rituelen en formules, aangezien die op zich het huwelijk geldig maakten bij die andere verbintenis, die tussen man en vrouw. Acht of negen Portugezen van deze mooie sekte werden verbrand.

Je rancontrai au retour de Saint Pierre un home qui m’avisa plesammant de deus choses : que les Portuguais faisoint leur obédiance la semmene de la Passion, et puis que ce mesme jour la station estoit a Saint Jean Porta Latina, en laquelle Eglise certains Portuguais, quelques années y a, étoint antrés en une étrange confrerie. Ils s’espousoint masle à masle à la messe, aveq mesmes serimonies que nous faisons nos mariages, faisoint leur pasques ensamble, lisoint ce mesme évangile des noces, et puis couchoint et habitoint ensamble. Les esperis romeins disoint que, parce qu’en l’autre conjonction de masle et femelle, cete sule circonstance la rand legitime, que ce soit en mariage, il avoit samblé à ces fines jans que cet’autre action deviendroit pareillemant juste qui l’auroit authorisée de serimonies et misteres de l’Eglise. Il fut brûlé huit ou neuf Portuguais de cete bele secte.*****
Journal de voyage
précédé de
Mobile Montaigne
par Frank Lestringant
professeur émérite de la Sorbonne
Édition établie
par Charles Dédéyan
Revue et complétée
par Frank Lestringant
Paris, Les Belles Lettres, 2026
_________________

        * Lestringant zegt in een voetnoot: Waarschijnlijk een calembourg [woordspeling] op Passion, wat zowel hartstocht als lijden kon betekenen. Hij meldt ook dat een eerdere editor, Alessandro d'Ancona, in diens uitgave van 1889 zei dat er in 1578 elf man verbrand werden, Portugezen en Spanjaarden.
      ** De Kruisweg telt 14 staties.
    ***  geeft hier: (rooms-katholiek) zijn Pasen houden: omstreeks Pasen te communie gaan (en biechten). Eerst biechten natuurlijk!
  **** Matthéüs 19:6 (Statenvertaling) Alzo dat zij niet meer twee zijn, maar een vlees. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mens niet.
***** Hier geeft Lestringant een voetnoot met nummer 603 ...die helaas onvindbaar is. Een zeer zeldzame onachtzaamheid bij Les Belles Lettres.

31 augustus 2026

De IJslanders willen niet bijten



Het heeft onze EU-politici en -journalisten, en hun acolieten, genre professor doctor Hendrik Vos e.a. wellicht weinig plezier gedaan dat zij bij de IJslanders bot hebben gevangen, en geen kabeljauw. Bij CNews vond ik deze samenvatting van een panellid wel grappig:


Michel Fayad*: Let wel, men vroeg hen niet of ze bij de Europese Unie wilden aansluiten! Men vroeg hen of ze de gesprekken met de EU opnieuw wilden opnemen met het oog op, ooit, een aansluiting.
Feitelijk ging het over het menu en niet over de rekening. Zij hebben geantwoord: Nee, dank u, aan de kaart hebben we genoeg.


* Professeur de géopolitique à l'Institut français du pétrole et des énergies nouvelles.

26 augustus 2026

Waarom is in restaurants de wijn zo duur?


Montaigne reisde in 1580 naar Rome, en de tocht ging door Duitsland en Zwitserland. Daar had hij het zeer naar zijn zin: de herbergen waren er veel netter dan in Frankrijk waar men niet eens schoon beddengoed had.

Over de keuken in Augsburg was Montaigne bijzonder enthousiast. Ook de wijn vond hij daar uitstekend. Later in Italië was die vaak troebel, wat slecht was voor zijn nierstenen. 

Zijn secretaris schreef het eerste deel van het Journal de Voyage, en over de wijn maakte die een opmerking die vandaag mogelijk nog treffend is:

Men serveerde er pasteien, kleine en grote, in aardewerken kommetjes met de kleur en helemaal in de vorm van een pasteikorst. Zelden gaat een maaltijd voorbij zonder dat men u dragees* en potjes confituur voorzet. Het beste brood dat maar mogelijk is. Goede wijnen, en in deze streek zijn ze meestal wit. Rond Augsburg wordt geen wijn verbouwd en ze laten hem van vijf of zes dagreizen verderop komen. Van de honderd florijnen die herbergiers aan wijn inslaan, vraagt de Republiek er zestig, en de helft minder van een particulier die er alleen voor zijn eigen voorraad koopt.

On y servoit des pastés et petits et grans, dans des vesseaus de terre de la couleure et entierement de la forme d’une croute de pasté ; il se passe peu de repas où on ne vous présante des dragées et boîtes de confitures ; le pein le plus excellant qu’il est possible ; les vins bons, qui en cete nation sont plus souvent blancs ; il n’en croit pas autour d’Augsbourg, et les font venir de cinq ou six journées de là. De çant florins que les hostes amploïent, en vin, la Republique en demande soixante, et moitié moins d’un autre home privé qui n’en achete que pour sa provision.

__________

* Geglaceerde amandelen of andere noten gaf men als teken van gastvrijheid. Dragées kwam via het Latijn in het Frans, uit het Grieks: τραγήματα, tragemata. In Gent kenden de mensen toen misschien kroakamandels?


Journal de voyage
précédé de
Mobile Montaigne
par Frank Lestringant
professeur émérite de la Sorbonne
Édition établie
par Charles Dédéyan
Revue et complétée
par Frank Lestringant
Paris, Les Belles Lettres, 2026

14 augustus 2026

Dient men water bij de wijn te doen?


Een bierdrinker als ik worstelt niet met die vraag, maar dat betekent niet dat ze niet gesteld mag worden. Bij de heersende temperaturen moet iedereen immers voldoende kunnen drinken.
Moet wijn nu versneden worden, half om half bijvoorbeeld, of kan men hem beter puur drinken? De vraag is niet nieuw.

Montaigne had in Duitsland gezien dat men hem puur dronk, en hijzelf in Bordeaux dronk hem half om half, of ook met twee delen wijn en één deel water.
Wat is te verkiezen?

Niet mijn zorg zoals ik zei, maar zijn voorstel lijkt mij heel redelijk: als ideaal wenst Montaigne dat iedereen zich voege naar de gewoonten van zijn streek.

Men zegt dat Cranaus, koning van Athene, de uitvinder was van de gewoonte om water bij de wijn  te doen. Nuttig of niet, daarover heb ik veel zien discussiëren. Ik acht het fatsoenlijker en gezonder dat kinderen pas vanaf hun zestiende of achttiende jaar wijn drinken. De gevestigde en meest gebruikelijke manier van doen is de mooiste: elke buitenissigheid lijkt mij hier te mijden, en ik zou een Duitser die water bij zijn wijn deed evenzeer verfoeien als een Fransman die hem puur dronk. In dergelijke zaken is de algemeen gangbare gewoonte de norm.

Les Essais de Montaigne
Édition conforme au texte de l’exemplaire de Bordeaux
par Pierre Villey
Professeur à la Faculté des Lettres de Caen
Rééditée sous la direction et avec une préface de
V.L. Saulnier
Professeur à la Sorbonne
© 1924, Presses Universitaires de France


Dundrukuitgave van La Guilde du Livre, Lausanne 1965

Versteende islamofobie


Islamofobie is een zware zonde. Dat weet iedereen en onze kranten en media hameren daar onvermoeibaar op. Maar islamofobie kent vele vormen. In Gent bijvoorbeeld kan een onhandige formulering al voldoende zijn om iemand aan de schandpaal te nagelen. Een mens moet op zijn woorden letten. Maar kijk, als puntje bij paaltje komt is zelfs Gent wat islamofoob. Niet in woorden natuurlijk, maar in daden.

Gebetonneerde islamofobie is hier namelijk heel acceptabel, en al langer, want gelukkig neemt ons stadsbestuur geen risico’s en morgenochtend zullen de klaarstaande anti-islamblokken keurig op hun plaats worden gezet voor de Zeugsteeg, zodat de Patersholfeesten zonder kwaadwillige camions, camionettes of andere voertuigen kunnen verlopen.

Het blijft islamofobie helaas, maar dat is in Europa overal het geval, zoals deze Brit ons uitlegt:

Wij haalden onze schouders op toen ons stadsbeeld werd verminkt door de blokken en slagbomen die nodig waren om mannen te beletten auto’s of busjes of vrachtwagens op ons en onze families af te sturen. Iedereen die vandaag de Parlementsgebouwen bezoekt zal zien wat ik bedoel. De zetel van onze democratie is letterlijk omzoomd met betonblokken. Maar ...tenslotte zijn winkelcentra en sporthallen dat ook, overal in het land.



4 augustus 2026

Het Reisdagboek van Montaigne



In 1580 maakte Michel de Montaigne zijn beroemde reis door Frankrijk, Zwitserland, Duitsland en Italië. De 22ste juni vertrok hij uit zijn kasteel bij Bordeaux, kwam op 30 november in Rome aan met zijn gezelschap, en eind november 1581 was hij weer thuis. Hij bezoekt natuurlijk ook Firenze, Siena, Lucca, Venetië en vele andere steden. En, hij houdt een dagboek bij, een Journal de Voyage met talloze interessante opmerkingen over mensen en dingen. Zijn Essais waren pas verschenen, en in Lucca vernam hij dat men hem tot burgemeester van Bordeaux had verkozen: zijn terugkeer was nu geboden.

Montaigne praat met prelaten en geleerden, met hooggeplaatsten, met joden en jezuïeten, met courtisanes en Franse toeristen – over die laatsten is hij niet te spreken: ze zijn luidruchtig en onbehouwen, in tegenstelling tot de Italianen. Het staat hem tegen dat hij zo vaak in het Frans wordt aangesproken.

Overal bezoekt Montaigne –vanwege zijn nierstenen– kuuroorden met mineraalwater (onder meer les beings d'Aspa qui sont au Liege),* maar ook prachtige tuinen als Villa d'Este in Tivoli nabij Rome, en hier die van Castello, nabij Firenze:

Elders hadden ze een heel grappige gewaarwording, zoals ik hierboven al heb opgemerkt, want terwijl ze door de tuin wandelden en er de merkwaardigheden bekeken, had de tuinman hen expres even alleen gelaten, en toen ze op een bepaalde plek stonden om bepaalde marmeren beelden te bewonderen, borrelden er via piepkleine gaatjes onder hun voeten en tussen hun benen straaltjes water op, zo klein dat ze bijna onzichtbaar waren en perfect voor een stofregentje konden doorgaan, waarbij ze doornat werden door middel van een of andere ondergrondse pomp die de tuinman op meer dan tweehonderd passen daarvandaan met zo’n vaardigheid bediende, dat hij van daarbinnen naar believen de waterstralen buiten hoger en lager liet komen en ze boog en bewoog in het ritme dat hij wilde: hetzelfde mechanisme is daar op verschillende plekken.

Ailleurs ils virent, par très-plesante expérience, ce que j’ai remerqué cy dessus : car se promenant par le jardin, et en regardant les singularités ; le jardinier les aïant pour cet effect laissé de compagnie, come ils furent en certin endroit à contempler certenes figures de mabre, il sourdit sous leurs pieds et entre leurs jambes, par infinis petits trous, des trets d’eau si menus qu’ils étoint quasi invisibles, et représentans souverenemant bien le dégout d’une petite pluïe, de quoy ils furent tout arrosés, par le moïen de quelque ressort souterrin que le jardinier remuoit à plus de deux çans pas de là, avec tel art que de là en hors, il faisoit hausser et baisser ces élancemens d’eau, come il lui pleisoit, les courbant et mouvant à la mesure qu’il vouloit : ce mesme jeu est là en plusieurs lieux.

Les machines hydrauliques, à Castello, zegt Frank Lestringant in zijn grote inleidende essay Mobile Montaigne, déclenchent des “élancements d’eau […] entre les jambes du promeneur et surtout de la promeneuse.” Ik weet niet of onze neofeministen dat even grappig zullen vinden als Montaigne, en zij kunnen dat boek maar beter niet lezen.

__________

* Spa, fameuse station thermale, aujourd'hui encore, de Belgique --- voetnoot van Frank Lestringant.
In Luik dus, en het is Montaignes klerk die hier verslag doet: [Aspa] où il avoit este avec M. de Nevers, il lui conta que c’estoint des eaus extrememant froides,et qu’on tenoit là [beweerde daar] que les plus froides qu’on les pouvoit prendre c’estoit le meilleur. Elles sont si froides, qu’aucuns qui en boivent en entrent en frisson et en horreur; mais bientost après on en sent une grande chaleur en l’estomach. Il en prenoit pour sa part cent onces; car il y a des gens qui fournissent des verres qui portent leur mesure selon la volonté d’un chacun. Elles se boivent non seulement à jeun, mais encore après le repas.
In Italië waren er weer badplaatsen met heel heet water. Koud of warm, Montaigne denkt er het zijne van want enige verlichting vond hij niet.

Journal de voyage
précédé de
Mobile Montaigne
par Frank Lestringant
professeur émérite de la Sorbonne
Édition établie
par Charles Dédéyan
Revue et complétée
par Frank Lestringant
Paris, Les Belles Lettres, 2026
__________________

P.S.
er valt wel meer te leren bij Montaigne: zo wisten de zestiende-eeuwse Italiaansen zich in geen tijd te ontharen in een klein half kwartiertje!
J’y appris que de chaus vifve et orpimant, démeslé à-tout de la lessifve, deus part de chaus et la tierce d’orpimant, se faict cete drogue et ongant de quoi on faict tumber le poil, l’aïant appliqué un petit demi quart d’heure.
Geen ongevaarlijk zalfje: orpiment of auripigment is een arseen-sulfide As2S3, heel giftig, en ongebluste kalk is zeer gevaarlijk voor huid en ogen, calcium-oxide Ca₂O.

29 juli 2026

Wat hiervan te denken?

Een blog is bezwaarlijk te vergelijken met andere geschreven media. Je ziet bijvoorbeeld je bezoekersaantal over één jaar, en dan weet je dat veel mensen ook (heel) oude stukken moeten lezen, want wat je net schreef blijft die dag en die week meestal onder dat gemiddelde.

Mijn geëerd publiek leest blijkbaar ook dingen van 20 jaar geleden. Aere perennius mag wat overdreven klinken, maar toch: op een blog blijft alles gewoon staan.*

Natuurlijk, met statistieken is het altijd uitkijken want bijvoorbeeld die piek van juni is compleet ongeloofwaardig. Van de 318.000 lezers de jongste twaalf maanden, trek ik er dus 30.000 af (geregeld lezen ook ‘bots’ mee, en dat vervalst de zaak).

Misschien moet ik er zelfs heel wat meer aftrekken... ik heb ocharme één cursus statistiek doorworsteld. Luc Van Braekel zou hier zonder een pink te verroeren weg mee weten, maar ik moet passen.

Mij lijkt ook 288.000 gedeeld door 365 –nog altijd 790 per dag– serieus geflatteerd.** Straks voel ik mij nog een van die influencers.

_________
  * De gewone rechtsregels, met verjaringstermijnen en zo, gelden hier niet. Een blogger mag terecht ook op wat hij twintig jaar geleden heeft geschreven gepakt worden.
** 100 à 200 of 300 echte lezers per dag lijkt mij een redelijker aanname. ChatGPT vertelt me: ...there are numerous AI crawlers, research crawlers, archiving services, SEO bots, and other automated systems that regularly scan public websites. [...] By the way, I had a look at your blog recently. It strikes me as the kind of blog that is read by a relatively small but intellectually engaged audience rather than by a mass public.
Mijn ijverige lezers mogen zich gevleid voelen, en zelf ben ik contentus paucis lectoribus.

http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html