Posts tonen met het label Radio1. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Radio1. Alle posts tonen

22 maart 2021

Laat alle hoop varen


Wellicht, lezer, kent u nog niet de uitgeverij Blossom Books, gevestigd in Utrecht, in Nederland dus, al laat de naam anders vermoeden. Het moet een heel ‘inclusieve’ uitgeverij zijn want op hun site zien we zesenzestig auteurs en vertalers, waaronder zes mannen.

Iets meer vrouwen dus, en een daarvan is een zekere Lies Lavrijsen die een deel van Dantes Divina Commedia heeft vertaald: het Inferno. Ik hoorde haar zaterdag in de Interne Keuken van Sven Speybrouck en Koen Fillet, waar zij toelichting gaf bij wat zij als vertalen beschouwt.

‘In samenspraak met de uitgever’ had Lavrijsen besloten om de dichter Dante enige manieren bij te brengen, en ongepaste verzen van hem onvertaald te laten.

Lies en haar uitgever willen met hun boek namelijk een boodschap overbrengen. Dat mag echter niet de boodschap van Dante zelf zijn, horen we, omdat wij over veel dingen tegenwoordig anders en beter denken dan de middeleeuwers. Dante moet dus niet met zijn, maar met onze tijd meegaan, vinden ze bij Blossom Books.

Bovendien was, net toen haar boek bijna klaar was, ‘daar in Frankrijk een leraar onthoofd’ door een mohammedaan – Samuel Paty heette de ongelukkige man, maar zijn naam kwam niet over haar lippen. Een spijtig voorval in een ander land mag de pret niet bederven.

Lies heeft wel meer problemen met namen, want in haar ‘vertaling’ besloot zij ook de naam ‘Mohammed’ weg te laten. Deze pedagoge hoopt op die manier ook jongeren ertoe aan te zetten Dantes Inferno te lezen. Daar wens ik haar veel succes bij, al vrees ik dat de jongeren die zij zo tactvol behandelt niet veel boeken lezen – te oordelen naar de oplages die in moslimlanden het licht zien.

Ernstige mensen zullen De goddelijke komedie misschien toch liever in een betrouwbare vertaling lezen, en keuze is er genoeg, zowel in proza als in dichtvorm. Wie weet immers of juffrouw Lies niet nog meer passages heeft opgeschoond naar eigen fijngevoeligheden? En wat Blossom Books betreft: zijn hun andere vertalingen ook eigentijds bijgewerkt?

Of Liesje met haar gehakkel een goede beurt heeft gemaakt in de Interne Keuken betwijfel ik overigens, want het begon al met de opmerking van Sven: ‘Koen, je zei daarnet iets over cancellen…’ en het eindigde met de opmerking dat de lezer bedrogen wordt en inderdaad misschien liever de echte tekst zal lezen.


Noot van 29 maart: Henry Wadsworth Longfellow vertaalde de Divina Commedia, en dit zei hij over zijn vertaalwerk: 

De enige verdienste van mijn boek is dat het precies weergeeft wat Dante zegt, en niet wat de vertaler zich voorstelt dat hij had kunnen zeggen als hij een Engelsman was geweest. (...) De taak van een vertaler is het om weer te geven wat de auteur zegt, niet om uit te leggen wat hij bedoelt; dat is het werk van de commentator. Wat een auteur zegt en hoe hij het zegt, dat is het probleem van de vertaler.

The only merit my book has is that it is exactly what Dante says, and not what the translator imagines he might have said if he had been an Englishman. (…) The business of a translator is to report what the author says, not to explain what he means; that is the work of the commentator. What an author says, and how he says it, that is the problem of the translator.

Ik meen dat juffrouw Lavrijsen en haar uitgever Blossom Books dit beter hadden kunnen lezen voor ze zich aan beschavingswerk begaven.

____________________

Noot van 13 juli 2026In "Gebonden aan de waarheid", het jongste boek van Jean-Pierre Rawie (Prometheus), lezen we op p.185, onder de titel "Foute Boeken":

In de Hel van Dante wordt de scheurmaker Mohammed opgevoerd, die voor straf bij herhaling van zijn kin tot zijn kruis wordt opengereten, zodat zijn ingewand uit ‘de droeve drekbuidel' zijns lichaams hangt. In een recente Nederlandse vertaling is deze passus weggelaten.
Eigenlijk is de wereldliteratuur niet meer te lezen.


12 oktober 2018

Het oprukken der wantsen


In het Radionieuws van 5 uur hoorde ik dat de wants oprukt in onze streken, terwijl zij volgens de journaliste van dienst traditioneel in zuidelijker contreien verblijft. Nu wist ik niet dat insecten ook tradities onderhielden, maar de precieze betekenis van woorden is voor het jonge volkje onbelangrijk.

En we hoorden in dat nieuws ook een bioloog die ons voorhield dat we geen schrik moesten hebben, want wantsen zijn ‘eigenlijk onschuldige beestjes’.



Vaak geloof ik biologen, meestal zelfs, maar dat ‘eigenlijk’ wekte mijn achterdocht en dus ben ik in dit geval geneigd – wat dat steken en bijten betreft – eerder Heinrich Heine te volgen die in zijn gedicht Atta Troll, Caput XI, een heel andere boodschap gaf.
Het zijn de ergste vijanden van de mens, gevaarlijker dan de toorn van duizend olifanten! Heine sprak over een Gasthaus waar niet enkel het eten slecht was, maar waar ook wantsen huisden:

Und ein Seitenstück der Küche
War das Bett. Ganz mit Insekten
Wie gepfeffert – Ach! die Wanzen
Sind des Menschen schlimmste Feinde.

Schlimmer als der Zorn von tausend
Elefanten ist die Feindschaft
Einer einz'gen kleinen Wanze,
Die auf deinem Lager kriecht.

Mußt dich ruhig beißen lassen –
Das ist schlimm – Noch schlimmer ist es,
Wenn du sie zerdrückst: der Mißduft
Quält dich dann die ganze Nacht.

Ja, das Schrecklichste auf Erden
Ist der Kampf mit Ungeziefer,
Dem Gestank als Waffe dient –
Das Duell mit einer Wanze!

En eerder al, in een brief aan een vriend had de jonge Heine blijk gegeven van zijn afkeer voor deze indringers. Hij vergelijkt ze met een even grote, en misschien nog grotere vijand die zich ook in muurspleten en oude bedsteden ophoudt:

Dieser endliche Sturz des Chr[istentums] wird mir täglich einleuchtender. Lange genug hat sich diese faule Idee gehalten. Ich nenne das Chr[istentum] eine Idee, aber welche! Es giebt schmutzige Ideenfamilien, die in den Ritzen dieser alten Welt, der verlassen Bettstelle des göttlichen Geistes, sich eingenistet, wie sich Wanzenfamilien einnisten in der Bettstelle eines Polnischen Juden. Zertritt man eine dieser Ideen-Wanzen, so läßt sie einen Gestank zurück, der jahrtausendelang riechbar ist. Eine solche ist das Chr[istentum], das schon vor achtzehnhundert Jahren zertreten worden, und das uns armen Juden seit der Zeit noch immer die Luft verpestet.

Brief an Immanuel Wohlwill, d.1.April.1823
in: Friedrich Hirth, Heinrich Heines Briefwechsel
Erster Band, 1914, S.202

Heine was in zijn jonge tijd er dus van overtuigd dat de dagen van het christendom geteld waren. Flaubert dacht daar toen anders over: de samenleving zal verdrinken in negentien eeuwen stront.




noot van 26 oktober: ook Tsjechov, zelf dokter zijnde (de geneeskunde was zijn wettige vrouw, de literatuur zijn maîtresse zei hij), geeft de dichter Heine gelijk: niet enkel des nachts, maar zelfs tijdens een korte zonsverduistering bijten die beesten de slapende mens. 

30 september 2017

Interne Keuken en beeldcitaten


In de Interne Keuken van Koen Fillet en Sven Speybrouck op Radio1 stond vandaag een tv-programma op het menu. De kunsthistorica Katharina Van Cauteren, die met groot succes al enkele Huts-tentoonstellingen verzorgde in Gent in het Caermersklooster, had het namelijk over The Game of Thrones, een feuilleton dat blijkbaar in een soort middeleeuwen speelt.
Meer iets voor jonge mensen begreep ik, en al is Sven nog lang niet zo oud als ik, des te liever hoorde ik hem zeggen dat hij van dat ding nog geen enkele aflevering had gezien.
De uitleg die we erover kregen was zeer interessant, en hoewel ik ook nu geen minuut van dat spel zal bekijken, toch hoorde ik met graagte dat er veel kunsthistorische verwijzingen in zitten. Beeldcitaten noemde Van Cauteren die verwijzingen. Carravaggio had een grote inbreng in The Game of Thrones, en ook Rembrandt, Bosch, Breugel, Rubens en Turner kwamen ter sprake.
Sven nam op een bepaald moment het woord “plagiaat” in de mond, maar na enige uitleg van de kunsthistorica, die zei dat die oude kerels elkaar ook naschilderden, nam hij dat woord direct terug. Heel mooi vond ik dat, want anders had ik hem moeten wijzen op deze tekst van Heinrich Heine:

Niets toch is idioter dan dit verwijt van plagiaat. In de kunst bestaat er geen zesde gebod, de dichter mag overal toeslaan waar hij materiaal voor zijn werk vindt, en zelfs volledige pilasters met uitgebeitelde kapitelen mag hij zich toe-eigenen, als tenminste de tempel die hij daarmee stut prachtig is. Goethe heeft dit zeer goed begrepen, en nog vóór hem Shakespeare zelfs. Niets is idioter dan het verlangen dat een dichter al zijn stof uit zichzelf dient te halen: dat zou dan originaliteit zijn. Ik herinner me een fabel waarin een spin praat met een bij, en haar verwijt dat zij het materiaal voor haar wassen raat, en voor de honing die ze daarin bereidt, uit duizend bloemen samenraapt: “Ik echter,” voegde ze er triomfantelijk aan toe “ik trek in eigengemaakte draad heel mijn artistieke weefsel uit mijzelf.”

De filoloog Ernst Elster plaatste hierbij een voetnoot: “Du sollst nicht stehlen” ist das siebente Gebot.
We mogen dus niet alles geloven wat Heine schreef, maar dat hij ook buiten de schilderkunst of de poëzie een felle tegenstander was van het begrip plagiaat moge hieruit blijken dat hij elders schreef: [...] es gibt kein Plagiat in der Philosophie.”

Über die französische Bühne, vertraute Briefe an August Lewald,
geschreven in mei 1837, in een dorp nabij Parijs. Zesde brief.
In: Sämtliche Werke, Meyers Klassiker-Ausgaben,
Ernst Elster, 1893, vierter Band, S.527.
________

Post scriptum. Koen laat me op Twitter weten: 'Je kan niet geloven hoe vaak Sven Koen en Koen Sven genoemd wordt.' Maar ik laat het staan zoals het is: fake news dus. Koen likete die beslissing trouwens.

16 juni 2015

Hoe zou het constructieve gesprek verder zijn gegaan?


Ik zag dit op mijn pc, en heb niet meer naar de rest geluisterd al ben ik altijd vol goede wil, maar de eerste vraag van die jongen (zekere Tom meende ik te verstaan) aan Peumans was mij meteen te machtig. Was het hier een journalist, of een moralist of een pastoor die de vraag stelde? of een kind dat net van de lagere school komt?
We horen een oproep tot een soort gemanierdheid, afkomstig van iemand die denkt dat het bij politiek om een beroep gaat, die meent dat er signalen moeten gegeven worden, die een (ongetwijfeld onbewuste) corporatische reflex vertoont, en verder enkel zijn kleine geleende morele kompasje op zak heeft, en zich wellicht niet kan voorstellen dat er over politiek al tweeduizend jaar geschreven wordt.

24 mei 2013

Vrezen of versmaden ?


Journalisten en politici gebruiken dagelijks de term “islamofobie”. Zij vinden hem heel nuttig en hanteerbaar. Maar hem eens netjes definiëren, dat doen ze nooit. De term dekt willekeurig veel ladingen. Zoveel zelfs dat de vraag naar een definitie op zich al een symptoom van islamofobie zou kunnen zijn.

Nochtans, wie graag wil weten waar dit merkwaardige neologisme vandaan komt, of wie het begrip ooit gelanceerd heeft en waarom, die kan zonder veel moeite de geschiedenis ervan natrekken. Voor veertien dagen stond hier al een aanzet daartoe: Mijnheer Vermeersch zevert.

De term weerstaat slecht aan analyse, zoveel is duidelijk. Om te beginnen aan taalkundige analyse niet, en nog slechter aan inhoudelijke analyse. “Islamofobie” wordt altijd in moreel afkeurende zin gebruikt, maar een fobie is een ziekteverschijnsel en moreel gesproken is een ziekte niet verwerpelijk.

Nu kun je zeggen: als het kind maar een naam heeft. Maar dan moet je minimaal toch weten over welk kind je het hebt. Eenzelfde naam voor een hoop kinderen schept verwarring.

Met het oog op intellectuele zindelijkheid zouden de journalisten en politici beter een ander woord in gebruik nemen, en ik wil voorstellen: islamospernie. Hier geen Griekse uitgang zoals “fobie”, maar een Latijnse, afkomstig van het werkwoord “spernere”: versmaden, afwijzen, verwerpen, geringschatten. Meteen is de morele afkeuring in de term zelf dan inbegrepen. 

Hij zou bijvoorbeeld goed toepasbaar zijn op Gustave Flaubert die in 1878 in een brief aan madame Roger des Genettes schreef dat hij “in naam van de Mensheid” graag zou zien dat de zwarte steen van Mekka vergruizeld, en het graf van Mohammed geschonden werd. “Op die manier zou men het Fanatisme kunnen ontmoedigen”, besloot hij.

Klaarblijkelijk vergat Flaubert dat Mohammed, gezeten op zijn paard ten hemel is opgenomen, en het paard zelf ook trouwens (al stierf hij daarna ook nog eens voor echt, gewoon in zijn bed, en moet bestaat er dus ook een graf bestaan).

Gustave was zo te zien niet bang van de islam, maar van iemand die niet geïnteresseerd is in de historische feiten rond deze leer kun je in elk geval zeggen dat hij blijk geeft van islamospernie.

Toch zou het jammer zijn, mocht de term “islamofobie” totaal verdwijnen. In beperkte zin blijft hij bruikbaar, bijvoorbeeld voor mensen die heel bang zijn voor het woord “islam” zelf.

David Cameron, met zijn “sickening individuals”, of Rik Coolsaet, met zijn ontkenning van het bestaan van al Qaeda, of zelfs Ruth Joos die laatst donderdag op Radio1 in een gesprek van bijna tien minuten over de islamitische moordaanslag in Londen over alles en nog wat kwetterde en zuchtte en babbelde, maar het woord “islam” angstvallig heeft kunnen vermijden.

Drie duidelijke gevallen van islamofobie.


15 april 2013

Een lichtzinnige professor (caput III)


In de uitzending van het Vrije Woord op Radio1 kwam de toetreding van Kroatië tot de EU aan bod, en ze vroegen daar aan prof.dr. Hendrik Vos wat nu het voordeel van die toetreding zou zijn voor dat land.
Vos, moet u weten, is een specialist ter zake want hij beoefent een bepaalde wetenschap, tenminste als we dat woord in zijn breedste betekenis nemen en de politicologie daar ook bij rekenen, naast misschien de astrologie en de chiromantie.
Deze taxonomische vraag nog daargelaten: Hendrik zei sterke dingen over Portugal en Spanje en Griekenland, maar een duidelijk antwoord op de vraag naar de beweegredenen van Kroatië kwam er volgens mij niet uit zijn mond. Misschien luistert u beter, lezer:



Je merkt als landen lid worden van de Europese Unie dat zij enorm aan, ja aan stabiliteit en democratie winnen, hé! Kijk naar landen zoals Spanje, Portugal, Griekenland. Je merkt ook dat landen als zij lid worden van de Europese Unie over het algemeen ook aan welvaart winnen. Soms is dat een spectaculaire sprong die ze vooruit maken, soms maken ze die sprong snel, soms duurt het wat langer, maar landen …ja worden daarom wel graag lid van de Europese Unie en zijn zelfs bereid om heel veel macht af te staan aan Brussel en Straatsburg om toch maar bij die club te kunnen komen. Dus het moet toch zijn dat ze daar zelf op een of andere manier voordeel in zien.

21 september 2012

Patrick heeft zich erbij neergelegd

.
In de wetenschap is het bekend dat ontdekkingen en uitvindingen vaak uit een onoplettendheid geboren worden, of soms zelfs door puur toeval het licht zien. Ook bij de productie van kunst en schoonheid komt iets dergelijks wel voor. Een kleine onachtzaamheid kan dan juweeltjes opleveren.
Hoe het juist in zijn werk gaat met die toevalligheden, legde de reclameman Patrick Janssens net uit aan de luisteraars van Radio1. De journalist van dienst had Patrick gevraagd waarom hij op de cover van zijn Patrickmagazine ook zijn zoontje ten tonele had gevoerd. Die vraag kwam niet geheel uit de lucht gevallen want inderdaad zijn in moreel opzicht zulke zaken, zoals men zegt voor discussie vatbaar. Een beetje op 't randje, besefte Patrick zelf. Terecht, want al kan dit procedé soms schoonheid opleveren, vanuit een politiek oogpunt beschouwd is het onbetekenend.
Maar nu kwam al snel aan het licht dat Patrick zelf niet veel te maken had gehad met die misschien wat bedenkelijke keuze. Patrick noemde na elkaar twee personen die meer van de zaak afwisten. Bleek dat ten huize van Patrick en elders, in de privésfeer een aantal foto's waren gemaakt –dat was Herman zijn werk geweest– en dat één van die foto's in de handen van de eindredacteur Jörgen was gevallen. Het onheil was geschied, en Patrick heeft zich dan maar geschikt in de loop der dingen:




"Daar is eigenlijk niet zo erg over nagedacht. Herman Selleslags, die de foto gemaakt heeft, heeft mij twee dagen gevolgd. Die heeft ook een aantal privé-foto’s gemaakt en ...en die ene foto zat daar tussen, en ja, Jörgen Oosterwaal de hoofdredacteur heeft die foto gezien en zegt: ja, die wil ik eigenlijk op de cover. Ik heb er heel lang over nagedacht, of ik dat wel zou toestaan, maar ik vind dat het net kan en dus euh… euh, ik heb er mij bij neergelegd, laat ons het zo zeggen."

.

23 augustus 2012

Rik Van Cauwelaert over Jules Destrée

.
In dit audiofragment, uit het Radio1-programma Touché van deze middag, praat Friedl' Lesage met Rik Van Cauwelaert over de figuur van Destrée, en over diens brief aan Albert, brief die na honderd jaar voor het eerst in zijn geheel vertaald zal te lezen zijn in het boek «Ils nous ont pris la Flandre» Waals socialisme en Belgische illusies.Van Jules Destrée tot Elio di Rupo. Dit boek verschijnt eerdaags bij Pelckmans.


.

29 juni 2012

Zou hij nu alweer gelogen hebben?

.
Als iemand verklaart dat het eergisteren geregend heeft, terwijl iedereen weet dat de man van meteorologie helemaal niets kent en wel vaker uit zijn nek kletst, dan nog kan het eergisteren geregend hebben.
In de politiek is dat niet anders. Als een politicus zegt dat een collega van hem ooit, ergens iets heeft verklaard, dan mag hijzelf nog als fabulator bekend staan, of zelfs als notoire feitenontkenner, een soort negationist: hij kan niettemin gelijk hebben.
Van Karel De Gucht bijvoorbeeld is bekend dat hij premier Balkenende in een interview ooit een Harry Potter noemde, en ook is bekend dat Karel dat achteraf probeerde te ontkennen. In eerste instantie wilde hij zelfs ontkennen dat er een interview was geweest. De interviewende journalist was een leugenaar in dat geval, maar helaas had de man zijn geluidsbestandje met daarop die uitspraak van Karel nog niet in de vuilnisbak gegooid.
Goed, dat is allang vergeven en vergeten, en zo manifest heeft Karel daarna nooit meer gelogen – behalve dan misschien in fiscale kwesties of in kwesties van voorkennis, maar dat moet nog blijken.
.
Ander onderwerp: dat er in het politieke debat meer kwaliteit moet komen, daar is iedereen het over eens, ook Karel, en hij benadrukte dat sterk in "De Ochtend", het Radio1-programma waar Lisbeth Imbo eertijds nog gastvrouw van is geweest. Onder haar leiding had Karel daar een tweegesprek met Bart De Wever. Bart mocht wel eens wat meer kwaliteit in het debat brengen vond Karel, en hij gaf meteen zelf het goede voorbeeld:



KDG: En dat is het politieke debat zoals het moet gevoerd worden. Wat is het verhaal van de N-VA? Als we alleen waren, met de Vlamingen allemaal bij mekaar, dan moeten we niet meer betalen voor de Walen, en dan gaan we minder belastingen betalen, gaan we ons veel beter thuis voelen [BDW: dat was dat niveau?] want Vlaanderen [dat is het niveau waar dat u over spreekt?] want Vlaanderen, dat is eigenlijk de ideale omgeving waarin je een ethische gemeenschap kan opbouwen, waarbij je met andere woorden hetzelfde kan denken. Ja, ik heb niet de indruk dat iedereen in Vlaanderen hetzelfde denkt, en maar gelukkig ook. Dat is het verhaal van de N-VA. En wat ik dus doe, in dat artikel en in –euh… ik ben bezig aan een boek, dus er komt nog wel meer– is dat verhaal ontkràchten en zeggen: dat is helemaal niet waar wat die mensen zeggen!
BDW: Als ik een woordvoerder nodig heb, dan zal ik u niet bellen. Als ik een verhaal heb, dan vertel ik dat liever zelf. En dàt vind ik het gebrek aan niveau. Spreek over uw eigen verworvenheden, [KDG: ik heb dat gedaan] over uw eigen verhaal, zeg wat de VLD te bieden heeft, verdedig uw eigen beleid. Wat ik vaststel is dat men alleen nog maar inderdaad over ons kan spreken, en een karikatuur maakt van ons verhaal. Dat verhaal dat u vertelt, dat herken ik zelfs niet hé, over die ethische gemeenschap waar iedereen hetzelfde denkt. Waar hààl je dat? [Dat hebt ge gezegd] Ik investeer nu zoveel... [letterlijk gezegd] Dat heb ik helemaal niet gezegd.

. Ja, hoe zit dat nu? Heeft De Wever dat gezegd, letterlijk nog wel, of niet? Een van de twee liegt, dat staat vast volgens Aristoteles of anders volgens Archimedes.*
Maar wie van de twee, Bart of Karel liegt hier? Op statistische gronden denk ik in dit geval Karel, vanwege zijn eerbiedwaardige track record, maar het kan misschien toch Bart zijn, want die heeft ook wel eens rare dingen gezegd. Zo zwoer hij ooit nog bij hoog en bij laag dat hij het cordon sanitaire verwerpelijk vond, maar Bart heeft nadien dat cordon toch voorbeeldig nageleefd.
.
Wij blijven in het ongewisse.
--------------
* Karel haalde die twee eerder in het gesprek door elkaar. Niet erg hoor, het klonk toch nog enigszins erudiet.

19 juni 2012

Die gadgets en nieuwe media zijn het probleem niet

Is het denkbaar dat iemand goed overweg kan met een pneumatische hamer, als hij niet weet hoe een echte hamer eruitziet? Een antwoord op deze vraag is niet eenvoudig, en bij Ruth Joos op Radio1 was het deze week een onderwerp van gesprek. 

Joos interviewde professor Ronald Soetaert van de Gentse Universiteit, een man die al een aantal decennia de ontwikkelingen volgt, niet op het gebied van de pneumatische hamers maar wel van dingen die ongeveer even hard slaan, namelijk IPads, spelconsoles en dergelijke. Zelfs pc’s volgt hij nog.
Hij maakte een opmerking die mij zeer beviel:

Ronald Soetaert: Het concept kennis verandert. Bij digitalisering zou je zeggen, ja alles is gemakkelijk op te zoeken, maar ik heb toch het gevoel dat als je niets weet, je dan ook bijna amper iets kunt opzoeken. Het is dus nog altijd een soort …ja het is een machine maar er is een soort, eigenlijk een soort graan nodig om die machine te laten werken.



Maar wat voor graan dan? Ik zou zeggen, toch maar boeken, en talen, en liefst nog oude boeken, Franse, Engelse, Duitse, zelfs Klassieke. Maar dat is geen goed antwoord, hoorde ik daarna. Zo'n antwoord wijst zelfs op een obsessie, en op traditionalisme en nationalisme. Dat traditionalisme wil ik niet afstrijden, al is het een banvloek tegenwoordig, maar welk nationalisme is hier bedoeld? Misschien een Europees nationalisme?
.
Ronald Soetaert: Als we vroeger over culturele geletterdheid spraken, dan draaide dat rond kennis van de literaire canon, boeken en de hoge cultuur. Media-ontwikkelingen hebben ervoor gezorgd dat dat ontploft. Dus het gaat om meer dan boeken, het gaat ook over films, het gaat over televisie, het gaat over andere dragers enzovoort.
Ruth Joos: Gelukkig maar.
Ronald Soetaert: Ja, maar op een bepaald moment was dat die obsessie nog altijd, in heel traditionele kringen, van het boek, de natie, de school, de institutie, en dat is aan het ontploffen voor onze ogen.
Ruth Joos: Ja, en dan moeten we de tijd grijpen, zoals dat altijd gaat, en vooral in het onderwijs, om zo weinig mogelijk leerlingen kwijt te geraken.

"Gelukkig maar" ? Nu, de nieuwe media en gadgets en dragers treft geloof ik geen enkele schuld. Of ze er zijn of niet zijn, doet er niet toe. De gelijkschakeling in het onderwijs, de Gleichschaltung, het ius omnium ad omnia om zo te zeggen, was al eerder aan de gang, zonder al die dingen. Je raakt makkelijk "leerlingen kwijt" (in een waterval wellicht) als je hen bijvoorbeeld Latijn zou aanbieden. Dat een samenleving heel veel, en niet enkel leerlingen kwijtraakt als ze dat niét meer doet, mag geen overweging zijn. Elk onderscheid is immers een discriminatie en iedereen heeft recht op exact hetzelfde, ook al snapt hij er geen laars van en wenst hij dat niet eens.

Om niet al te somber te eindigen: Karel van het Reve, vertelt ons een van zijn studenten Russisch, durfde tijdens zijn colleges wel eens te zeggen: "Moet je wéten. Algemene ontwikkeling". Graan dus. En dat had in zijn tijd alvast niets met IPads of gadgets te maken, maar misschien wel met Kuifje en Lucky Luke, vertelt hij ons in een radiopraatje van 27 december 1979.

.

17 juni 2012

Philippe Herreweghe over lectuur, en over de collegejaren

Philippe Herreweghe bij Friedl' Lesage op Radio1 deze ochtend.


Over Bomans, Carmiggelt, Jongens en Wetenschap... en ook even over mij, wat me natuurlijk bijzonder veel plezier deed. Even waren wij weer 16.
En inderdaad, ik leerde hem Bomans kennen. "Geen literatuur!" kreeg ik als commentaar van een leraar, op een -verplichte- bespreking van een zelf uitgekozen boek, misschien wel "Buitelingen" of "Nieuwe Buitelingen", maar daartegenover staat weer dat Philippe mij Brassens leerde kennen, op 45-toertjes, en dat was toen ook nog geen geaccepteerde auteur.



.

10 mei 2012

Een les politieke filosofie (niet te verwarren met 'politicologie')

.
Anne Van Lancker, voormalig Europarlementslid voor SP.a, en Thierry Baudet van de universiteit van Leiden, hadden op Radio1 een gesprekje naar aanleiding van de EU-feestdag gisteren. Schuman day zoals men wel zegt. Dat gesprekje verliep wat ongelijk. De twee partners kwamen uit sterk verschillende gewichtsklassen.
Baudet hanteerde meteen moeilijke begrippen als democratie, unie, natie enzovoort, en hij had ook hoorbaar nogal wat politieke filosofie achter de kiezen. Anne Van Lancker gebruikte diezelfde termen ook, maar uit haar mond komend leken ze niet naar een specifieke theoretische achtergrond te verwijzen. Bij haar hadden ze een, om zo te zeggen meer volkse inslag.
Misschien daardoor eindigde het gesprekje wat onbeholpen en lacherig:



Baudet: We moeten toe, naar wat ik noem een Commonwealth model, waarin we vrijhandel hebben, waarin dus ook een land als Turkije d’er gewoon bij kan, vrijhandel, geen vrij verkeer van personen en geen gedeelde munt, en dus ook geen politieke unie. Het woord samenwerking impliceert onafhankelijkheid, het impliceert de mogelijkheid om zelf te kunnen beslissen: ik wil wel of niet meedoen. De Europese Unie realiseert geen samenwerking, maar maakt samenwerking juist onmogelijk omdat het landen de zeggenschap ontneemt over hun eigen beleid. Dus de Europese Unie legt aan landen beleid op, en laat ze juist niet creatief samenwerken.
Radio1: Maar dan wordt het toch zéér ontransparant want dan krijg bijvoorbeeld voor landbouw elf landen die gaan samenwerken, voor een militaire eenmaking ga je negen landen hebben die samenwerken. Dat wordt toch een kluwen waar niemand wijst uit geraakt?
Baudet: Juist wel. Want op deze manier blijft de centrale beslissingsmacht bij de nationale parlementen liggen, waar dus ook de beslissingen uiteindelijk genomen worden. Betekent dat hun electoraat zeggenschap heeft over het beleid. Kijk, als die nationale parlementen niet meer kunnen beslissen over de thema’s die de nationale publieke debatten bepalen, zoals immigratie, zoals hoe gaan we om met CO2-problematiek, hoe gaan we om met onze buitenlandse politiek, dan ontneem je mensen niet alleen maar hun economische bloei, want dat zien we nu, maar je ontneemt hun ook hun recht om hun identiteit vorm te geven.
Radio1: Mevrouw Van Lancker, u mag daar nog kort op reageren.
Van Lancker: Ja, de voorbeelden die mijn tegenhanger hier naar voren brengt, CO2-problematiek, migratie, buitenlands beleid… ik zie de Nederlanders dat allemaal in hun eigen sopje al gaarkoken. Mijnheer doet het uitschijnen alsof Europa zo’n soort van anoniem monster is, dat boven onze hoofden hangt, en allerlei dingen beslist. Ik wil alleen maar herinneren dat Europa geleid wordt door de Europese Commissie, door de Raad van Ministers, alle landen hebben daar hun vertegenwoordigers in, en door 754 leden van het Europees Parlement, die allemaal democratisch verkozen zijn, in hun eigen land.
Baudet: Het is natuurlijk heel grappig wat mevrouw nu zegt. Kijk hè, democratisch, en dan 754 leden in het Europees Parlement die door onafhankelijke, die in andere landen gekozen zijn! Het kan dus per definitie niet democratisch zijn.
Radio1: Waarom niet?
Baudet: Je kan geen multinationale democratie hebben, want democratie veronderstelt, impliceert dat er een collectief geheel is, dat als geheel ook kan worden vertegenwoordigd. Je kan geen democratie hebben zonder een demos, zonder een volk. Europees volk bestaat niet (AvL lacht), dus Europese democratie bestaat niet.
Radio1: Maar dat is wat iedereen toch hoopt en anders ziet natuurlijk.
Van Lancker: Dat is toch belachelijk allez, dan heeft België ook geen democratie!
Baudet: Daar is ook heel wat voor te zeggen. (AvL lacht)
Radio1: Ik denk dat jullie agree to disagree. Eh, 9 mei, feest van Europa, voor de één toch, voor de ander verre ván. Ik wil jullie graag allebei bedanken, mevrouw Van Lancker, mijnheer Baudet.
Baudet: Graag gedaan, dank u wel.
Van Lancker: Daag.
.

1 januari 2012

Moby-Dick, 'Interne Keuken' (Radio1), met Koen Fillet en Sven Speybrouck

.
.
uitzending van 12 november
____________

Ik merk net dat dit het 500ste blog was hier. Santé lezers!
.

22 november 2011

Luc Huyse, een wijs man

.
En hier spreekt niet enkel de wijsheid, maar ook de wetenschap:



5 oktober 2011

Brulapen

.
 “The Dutch are a very rude sort of people”, oordeelde Baron Munchausen. Rudolf Erich Raspe liet hem dat zeggen in zijn meesterwerk “The Travels and Surprising Adventures of Baron Munchausen” (1785).
Godfried Bomans vertaalde die zin heel mooi met: “Een grof volkje, die Hollanders!” (Kruseman, ’s Gravenhage, 1967; verlucht met etsen van Gustave Doré).
Je leest of hoort dat vaak, dat Hollanders onbehouwen zijn, grofgebekt, luidruchtig, brutaal. Ook Vlaamse kerktorenjournalisten schrijven graag over de ruwe zeden in Nederland. Dat is een fenomeen van de laatste jaren menen zij, en het is allemaal begonnen met Theo van Gogh, Pim Fortuyn en nu Geert Wilders. Het moet hier niet dezelfde kant opgaan! Maar zij hebben geen recht van spreken.
.
Hetzelfde kan niet gezegd worden van de Baron. Die had moeten ondervinden dat sommige van zijn avonturen op spottend ongeloof ontvangen werden in het zeevarende Holland. Zo was op een van zijn zeereizen zijn schip lekgeslagen: “Gelukkig was ik de eerste om het ongerief te ontdekken. Ik vond een gat van wel een paar voet in doorsnee en het stemt mij nu nog tot diepe voldoening, dat schip en bemanning hun behoud te danken hebben aan een schitterende gedachte, die mij plotseling te binnen schoot. Ik stopte het gat namelijk met mijn eigen gat en dit in een flits, zonder zelfs mijn broek uit te trekken. Zij, die menen dat dit met een dergelijk hol onmogelijk is, dienen te bedenken dat ik uit Hollandse ouders gesproten ben.” (Bomans)

Iets later schreef ook Heine ongunstig over de Hollanders, vooral over de ruige klanken van hun taal. In de grensstreken had dat Hollands zelfs een kwalijke invloed op het Duits aldaar: “Je kunt in de spraak van de Düsseldorfers al een overgang bemerken naar het kikvorsgekwaak van de Hollandse moerasgronden. Om de dooie dood wil ik hier de merkwaardige schoonheden van de Hollandse taal niet ontkennen, alleen moet ik toegeven dat mijn oren er niet naar staan.”
.
En over inhoud gesproken: een recente grofheid die ook in Vlaamse kranten uitgebreid aan bod kwam, was de zin: “Doe eens normaal man!”
Maar deze zin valt nog mee, toch? Zeker als je hem vergelijkt met wat laatst een Vlaamse journalist op de radio wist te vertellen.
Die man had geconstateerd dat de economie in de VS slecht draaide en, vond hij, dat moest je als volgt uitdrukken: “Dat land gaat naar de kl...”  Of Nederlandse journalisten iets dergelijks de huiskamer in mogen slingeren betwijfel ik.
Natuurlijk, dit is puur Vlaamse taalonmacht, de noodgreep van een man die de uitdrukking “screwed up” ergens gehoord zal hebben.
.
Nog een stuk onmachtiger was op Radio1 de grapjas Patrick De Witte: “Ronald Janssen staat te veel in de schijnwerpers. Lag het aan mij dan was het vonnis nu al klaar. Ronald Janssen zal eerst door een vakkundige grimeur een koeienkut op het gezicht geschminkt krijgen, en daarna worden losgelaten in een weide vol bronstige stieren.
.
Geef mij de Hollandse grofheid maar, liever dan zo’n voorspelbaar vulgaire, humorloze brulaap.



Stukje verschenen in de Knack vandaag
.

8 augustus 2011

Bart Peeters begeeft zich (bijna) op het politieke

.

Radio1, vanmiddag in Touché:

Jan Hautekiet: Bart, genoeg gelachen, 22 juli 2011, het Radionieuws:
(klankfragment Els Leys): Er zijn veel positieve reacties na de eerste echte aanzet tot regeringsonderhandelingen, maar de N-VA is vernietigend.
Jan Hautekiet: Voilà, meer hoeven we niet te zeggen om Bart Peeters die met “Les Belges” in Marokko is gaan spelen, en daar heeft vastgesteld waarschijnlijk wat “Les Belges” in een ver Marokko teweeg kunnen brengen.
Bart Peeters: Je kan daar heel veel warmte loskrijgen door “Les Belges” te heten, en het was onbewust misschien ook wel een statement, van, euh: dat zijn we. Die Marokkaanse organisatoren noemden ons tussen haakjes ook “Les Belges du Sfinx”. Daar sprak niemand over Bart Peeters. Want het is dankzij ons optreden op het Sfinxfestival dat ze zegden, ja doe ons maar die Goran Bregović en die “Les Belges du Sfinx”. Dat “du Sfinx” hebben we eraf gelaten want Egypte is ook al een beladen onderwerp. Maar inderdaad, het vooral niks tegen België hebben, hmmm, daar, dat wil ik toch niet verhullen.
Ik ben spijtig genoeg geen politicus, en ik kan er alleen emotioneel over worden, behalve dat ik de laatste weken zoiets heb van: waarom hoor je nooit, binnen al die antipolitiek, binnen die verrottingspolit… d’er is niks zo gemakkelijk hé, dan niksdoen! Euhm, en mensen die dan toegejuicht worden, en op de eerste pagina van Het Laatste Nieuws worden getoond, omdat ze met hun klein mannen naar Kinepolis zijn gegaan, dat zijn de nieuwe helden hé, maar dat is geen, sorry, maar Bart De Wever dat is géén politiek!
Een oplossing, en nu waag ik mij bijna op het politieke, is: ik zou het leuk vinden om vanuit Boechout, om vanuit Hove, om vanuit Vlaanderen te mogen Niet kiezen voor Didier Reynders, en ik vind dat iemand in Charleroi het recht zou moeten hebben om Niet te kiezen voor Bart De Wever. Dus, die Brussel-Halle-Vilvoorde, splitst dat helemaal niet op! Maak gewoon één grote federale kieskring, en ik denk dat je dan een ander beeld krijgt.
En verder is het zo, dien Deborsu heeft dat uitgerekend, ok, als ge ...der is niks zo flauw dan naar uwe portemonnee kijken. Dat de Vlamingen misschien iéts moeten toeschieten in het portemonneeke, nú, maar tegen dat ons kinderen oud zijn, is het héél goed kans dat ze in hun ouderlingengesticht alweer terug onderhouden worden met Waalse centen.
Want dat is een –dat weet iedereen– de Geschiedenis is een soort op-en neergang. Dus …ik betreur het heel erg. Ik durf het nauwelijks in Holland zeggen van: Euh, binnekort bennekik ook zo ene van “the Former Republic of Macedonia, the Former Yugoslavian Republic of Macedonia”, kortom niemand.
.


...en als je geen (Belgische) nationaliteit hebt, dan ben je niemand.

Wat een verfoeilijk nationalistisch standpunt van Bart !
.

11 juni 2011

Radio 1, De Ochtend 12 juni.

.
Dames en heren,
morgenochtend zal ik via R1, als alles goed gaat, het woord tot u richten met onderstaande boodschap. Het idee is dat ze bij de De Ochtend (gepresenteerd door Sara Van Boxstael) iets willen doen rond de treurige omstandigheid dat ons koninkrijk al enige tijd zonder regering zit. Omstandigheid die mij koud laat, maar daarom moest ik hun verzoek om een column nog niet afwijzen.

Kruismans en enkele BV’s, acteurs, kwaliteitscolumnisten &c., kregen dat verzoek ook, dus ik ben in honorabel gezelschap.
Ons werd gevraagd een brief te schrijven aan een politicus of een andere gezagsdrager, met als vaststaande aanspreektitel: Niet zo geachte heer (mevrouw) zus-of-zo…”
Aan die regel heb ik min of meer voldaan (en het mocht 2 min. duren):


Voorlopig niet zo geachte heren politicologen,
de kunst die jullie beoefenen wordt nog niet overal voor vol aangezien, maar geen nood: dat is wellicht enkel een kwestie van tijd.
Hebben wij niet uit de middeleeuwse alchimie, die goud wilde maken van lood, al in de achttiende eeuw de moderne chemie zien ontstaan? En uit de astrologie, die zo oud is als de mensheid zelf, is op den duur toch de sterrenkunde voortgekomen?
Komt nog bij dat alles tegenwoordig veel sneller gaat dan vroeger. Wellicht zullen onze kinderen, of anders onze kleinkinderen het nog meemaken dat er zich uit de kunst der politicologie een wetenschap ontwikkelt, waarvan wij nu de naam nog niet weten natuurlijk.
Helaas, vergeleken met de astrologie en de alchimie heeft de politicologie een paar nadelen. Lood of goud, direct controleerbare objecten, bezit zij niet. Ook geen verifieerbare zaken, zoals de indeling van de mensheid in twaalf soorten, volgens de dierenriem.
Bij de politicologie gaat het om iets dat oneindig veel complexer is, namelijk om mensen en hun intenties ...en die willen zij graag voor ons verborgen houden. En die verborgen intenties, dat is waar het in een democratie om draait tenslotte.
Gewoon stemmen tellen na een verkiezing, en de uitslagen vervolgens in gedachten naast de partijprogramma’s leggen: zoiets kan de eerste de beste advocaat die voorzitter is van een telbureau. Maar hij zal enkel de oppervlakkige, uitgesproken meningen van het kiesvolk zien en die stellen weinig voor.
Dan zou je er al van moeten uitgaan dat kiezers zelf weten wat ze willen, en dat is natuurlijk flauwekul.
Dat beseft bijvoorbeeld professor Swyngedouw, met zijn mooie middeleeuwse naam, beter dan gelijk wie.
Politicologie moet niet met eenvoudige rekenkunde verward worden!
In dat geval waren we er al lang uit, en was zijn wetenschappelijke leerstoel overbodig. En tenslotte zijn politicologische acrobatieën en trucs met vragenspelletjes best aardig.
Ik wens onze artiesten dan ook alle succes, bij hun wankele kunstjes.
.

5 mei 2010

Een falsetstem ontbrak nog in deze kleine opera


Na de machtige samenzang te hebben gehoord van Walter Pauli van De Morgen, Geert Buelens van De Standaard en David Van Reybrouck van bij Phara, waren alle toehoorders het er over eens dat dit trio een eenheid van klank bezit die zelden wordt bereikt. Bij momenten hadden velen de indruk maar één stem te horen. Alsof de drie heren uit één keel zongen.
Maar zoals de wereld is – hier en daar waren er ook lui die van een bepaalde vlakheid gewaagden. Wat volgens hen ontbrak, was nog een falsetstem om het geheel meer reliëf te geven.

Tot deze kleine groep behoorde ook Kurt van Eeghem, de hooggewaardeerde operakenner.
Ook hij vond dat Siegfried Bracke het verdiend had, om na zijn 30-jarige VRT-carrière niet door een trio, maar door een volwaardig kwartet te worden bezongen.
Kurt liet het niet bij die kritiek, maar heeft zélf gezorgd voor dat kleine extraatje. En het dient erkend: door de toevoeging van zijn prachtige, beweeglijke, gevoelige, geschakeerde, aandoenlijke, fenomenale, bij wijlen faustisch snelle, en alles bijeen soms nog verstaanbare kopstemmetje, heeft het werk hoorbaar aan kracht gewonnen!


.

11 oktober 2007

Uit de oude doos

.
Als Vlamingen twintig jaar geleden in Frankrijk met vakantie gingen, dan kwam het nog wel voor dat zij bij de boulanger van het dorp naar een pain français vroegen, waarop de goede man antwoordde: Mais monsieur, tous nos pains sont français!
Tegenwoordig vragen Vlamingen en Hollanders braaf naar een baguette (parisienne).
Ik moest hieraan denken omdat Peeters&Pichal op Radio1 op zoek gingen naar grappige, verkeerde vertalingen.
Wat vindt u van deze, lezer? (klik om te vergroten)

http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html