Posts tonen met het label Albers | Isabel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Albers | Isabel. Alle posts tonen

11 april 2009

Isabel Albers houdt (bijna) goed haar Pasen

.
The more dead and dry and dusty a thing is the more it travels about, schreef Gilbert Keith Chesterton in 1905 in zijn prachtige Heretics (Dover Publications, 2006, p.23). Fertile things are somewhat heavier, voegde hij nog toe.

José Happart, Maurice Bayenet, Jean-Claude Van Cauwenberghe, Jean-Pierre Dardenne, René Thissen en Michel Lebrun zullen Chestertons opvattingen over reizen vermoedelijk maar matig kunnen smaken, en ik neem aan dat de heren meer voelen voor Marguerite Yourcenar: “Qui consentirait à mourir sans avoir fait au moins le tour de sa prison?”,* want zij zijn met hun vrouwen en gezellinnen gezellig op studiereis in Californië.

Oorspronkelijk was hun reisplan nog om de rekeningen naar de belastingbetaler door te schuiven, maar die laatste etappe wordt geannuleerd belooft Elio di Rupo, die tenslotte al sinds 2005 als een Heracles zijn partij aan het saneren is: Je ne veux plus de parvenus. Je les traquerai moi-même. J'en ai marre des parvenus! Il n'y a pas de place pour les parvenus au Parti Socialiste!
Et patati et patata,
vergat hij nog erbij te zeggen.

Nu brengt vandaag Isabel Albers verslag uit over deze reishistorie:

Het is niet de eerste keer dat het Waals Parlement snoepreisjes organiseert. Wel de eerste keer is het dat er dagenlang schande over geschreven wordt in –inmiddels– de voltallige Franstalige pers. De gewoonlijk zo gezagsgetrouwe Franstalige journalisten pikken het niet meer. De internetgemeenschap stuwt hen voort. Bloggers hebben opgeroepen om woensdagochtend om half acht in Zaventem de oude krokodillen van het Waalse parlement een warm welkom te komen heten.
De partijen reageerden in slow motion. Pas toen de heisa dagenlang werd uitgesmeerd in de kranten, vond de PS plots dat er nieuwe regels moesten komen voor parlementaire reizen. Een kwestie van fatsoen tegenover de burgers in crisis, zei Elio Di Rupo, nadat zijn kwelgeesten Happart en Van Cau het kwaad hadden aangericht.

Dit is ongetwijfeld een mooi eerbetoon aan de bloggers waarvoor dank, Isabelmaar als jouw Paasbiecht kan het nog niet dienen, want je lijkt wel te insinueren dat het met de Vlaamse journalisten anders gesteld is, en dat die niét embedded zouden zijn?
Eerlijk zijn in de biecht hé, anders telt het niet, en komt er zelfs nog een zonde bij!.
.
* in: Les Yeux ouverts
Entretiens avec Matthieu Galey
Livre de Poche, p.84.



7 oktober 2008

La langue de bois

.
Om eerlijk te zijn gun ik het die Hollanders wel, dat ze hun bank terug hebben. Niet dat het mij veel kan schelen, maar mij fel verwonderen ook niet.
Die Lippens .(“Maurice moet van zijn dokter rusten” zegt zijn antwoordapparaat, hoorden wij op de radio) en zijn entourage wogen natuurlijk een stuk te licht voor wat zij met ABN-Amro hebben willen verhapstukken. Iedereen zag dat gebeuren, behalve de heren zelf dan, en die brave Albert Coburg. Het is met deze kerels zoals met goede Belgische schaakspelers: .eens de grens over –doet er niet toe welke– betekenen ze niet veel meer. In andere sporten net zo, hoor ik.
En dan mag Karel De Gucht nog homilieën afsteken:

Achteraf roepen dat Barbertje moet hangen is gemakkelijk. […] Let wel, ik wil de figuur van Maurice Lippens hier niet witwassen. Ik ken de man niet, maar ik veroordeel niemand zonder de feiten te kennen.
…maar die De Gucht wordt de laatste tijd ook te pas en te onpas geïnterviewd. De man slaat kennelijk niéts af, en lijkt te grossieren in edel en humanitair gedachtegoed. Over welk onderwerp maakt hem niet uit, hij vertelt altijd wel iets.

Journalisten zijn zulke brave kuddedieren. Dat De Gucht Balkenende (die hij toen wellicht nog nooit had ontmoet) beschreef als een Harry Potter, en daar achteraf staalhard over loog, dat zijn zij allang vergeten. Dat Karel op een moment zelfs het bestaan van dat interview probeerde te ontkennen, en dus een journalist wilde kapotmaken die hij nochtans wél kende, en in één zucht ook maar de dode Pim Fortuyn een “relnicht” noemde, ook dat vergeten zij graag.
Nochtans blijven het moreel onwaardige uitspraken van onze pastoor. Ook op dát soort van dom Belgisch gekwaak hebben de Hollanders misschien wel wraak willen nemen? .met mijn zegen zoals gezegd. En dan spreken we nog niet over het slechte voorbeeld dat Karel aan de jeugdige Freya gaf.

Eén ding moeten we Karel nageven toch: hij probeerde zich daarna te beteren. Maar een solide moreel kompas lijkt hij vooreerst niet te bezitten, want nu slaat hij in de andere richting door, en wil niets of niemand nog veroordelen:
Ik ben ervan overtuigd dat Patrick daar niets van wist. Hij zit zo niet ineen, hij houdt zich met dat soort zaken niet bezig. [...] Ik zeg u dat Dewael van die hele situatie niets wist. Daarop heeft hij de inschatting gemaakt of hij kon blijven functioneren. Volgens hem kon dat, en ik vind dat hij de juiste keuze maakte.
De grote charme van Karel is natuurlijk dat hij journalisten blij kan maken, bijvoorbeeld in dit geval met zijn vermeende kennis van de Havelaar. Direct voelen zich die jongens en meisjes dan opgenomen in het kleine clubje van mensen met een uitgebreid referentiekader, “those in the know”.

Nu, “Barbertje moet hangen is ook een prachtige Nederlandse uitdrukking en we zijn er blij mee – al slaat ze, zoals wij weten, eigenlijk nergens op want bij Multatuli was het niet Barbertje, maar Lothario die moest hangen – maar de uitdrukking wordt wel altijd gebruikt om een manifest onschuldige aan te duiden. En dat is Patrick niet, en de gestreepte graafkikker Lippens natuurlijk niet.

Ach, Karel: op de duur zou ik Reynders nog prefereren, die als men hem iets vraagt altijd krek hetzelfde antwoord geeft, gelijk of het nu over communautaire kwesties gaat of over banken. Gegarandeerd komt zijn passe-partout-zinnetje:

Een stanvanzaak opmaak, tistoch normál?.


Gerechtsdienaar – Mynheer de rechter, daar is de man die Barbertje vermoord heeft.
Rechter – Die man moet hangen. Hoe heeft hy dat aangelegd?
Gerechtsdienaar – Hy heeft haar in kleine stukjes gesneden, en ingezouten.
Rechter – Daaraan heeft hy zeer verkeerd gedaan. Hy moet hangen.
Lothario – Rechter, ik heb Barbertje niet vermoord! Ik heb haar gevoed en gekleed en verzorgd. Er zyn getuigen die verklaren zullen dat ik 'n goed mensch ben, en geen moordenaar.
Rechter – Man, ge moet hangen! Ge verzwaart uw misdaad door eigenwaan. Het past niet aan iemand die... van iets beschuldigd is, zich voor 'n goed mensch te houden.
Lothario – Maar, rechter, er zyn getuigen die het zullen bevestigen. En daar ik nu beschuldigd ben van moord...
Rechter – Ge moet hangen! Ge hebt Barbertje stukgesneden, ingezouten, en zyt ingenomen met uzelf... drie kapitale delikten! Wie zyt ge, vrouwtje?
Vrouwtje – Ik ben Barbertje.
Lothario – Goddank! Rechter, ge ziet dat ik haar niet vermoord heb!
Rechter – Hm... ja...zoo! Maar het inzouten?
Barbertje – Neen, rechter, hy heeft me niet ingezouten. Hy heeft my integendeel veel goeds gedaan. Hy is 'n edel mensch!
Lothario – Ge hoort het, rechter, ze zegt dat ik 'n goed mensch ben.
Rechter – Hm... het derde punt blyft dus bestaan. Gerechtsdienaar, voer dien man weg, hy moet hangen. Hy is schuldig aan eigenwaan. Griffier, citeer in de praemissen de jurisprudentie van Lessing's patriarch.

13 januari 2008

Te veel voor één weekend: Naegels en Albers

.
Voor één euro twintig per dag, en ‘s zaterdags twee euro, moeten er bij De Standaard cursussen afkunnen voor hun journalisten, misschien al in de komkommertijd na Pasen. Niet weer cursussen marketing bedoel ik, maar gewoon lessen Nederlands.
Ik heb het altijd moeilijk als er boven een stuk een foute titel staat. Tom Naegels had zaterdag: ELKE VRIJHEID HEEFT ZIJN PRIJS. Veel opmerkelijks had Tom in zijn stukje niet te melden, maar ik onthoud dat Naegels nog niet het genus van de term vrijheid kent.
Of Isabel Albers, met haar OP HET EINDE DRAAIT ALLES OM CENTEN.
Een Vlaming zal dat begrijpen, een Nederlander ook nog, maar die zal even met de ogen knipperen. Haar titeltje klinkt namelijk zo sullig vertaald. .In the end, it all comes down to. Maak om te beginnen van jouw “op” eens “aan” Isabel, en van “einde” “eind”, en je zult al een stuk beter klinken.
Verder kun je natuurlijk geen goede punten verwachten voor uitdrukkingen als “hard tegen onzacht” of .Het is een coherente visie van iemand die door de grote poort adieu wil zeggen”.
Op de inhoud van Albers ga ik niet in, want iedereen begrijpt over welke grote staatsman zij het heeft. Ik geloof dat de voltallige redactie van De Standaard onderhand bereid is om de zoete geur te beschrijven van het minste windje dat die man laat. Al eens gehoord van contaminatie, Isabel?
En wat ik ook niet mooi vond, was jouw “Daar schuilt de lacune in het werkstuk:”. .Dit is meer een kwestie van aanvoelen, en het is ook van geringere orde dan dat adieu door die poort, maar voor iemand die af en toe een goede auteur leest zullen lacunes toch nooit schuilen. Verscholen liggen kunnen ze nog net, of gewoon liggen of zitten. Een lacune is zoiets als een leegte, een put of een kloof, Isabel, en schuilen doen die niet, dat laten ze aan de addertjes onder het gras.
Erger vond ik weer: “Ten tweede is de nota-Verhofstadt geen geschenk voor de onderhandelaars.
Och nee, het zijn inderdaad geen grote kemels, en omwille van de prijs zullen wij het ook niet laten, maar toch, voor mensen die net als Heer Bommel over een teer gestel beschikken: lectuur van De Standaard, ce n'est pas un cadeau!
.

http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html