30 april 2025

Aan de vooravond van 1 Mei

 

Of er in Sint-Niklaas een Pierre De Geyterstraat is weet ik niet – misschien zou de socialistische leider op basketsloefkes ons dat kunnen vertellen – maar in Gent hebben we die in elk geval wél, al gaat het niet echt om een straat, laat staan om een brede, met bomen omzoomde улица Пиер де ГейтЬр, zoals ze die in Sofia hebben.*

Gent gunde zijn beroemde zoon, componist van De Internationale ** ...een steegje, doodlopend op de Sleepstraat.

______________

   * Helaas vind ik de betere foto van die laan niet meer terug op mijn telefoon, maar op deze ziet u wel zijn naam – toch als u erop klikt en het schrift van de Heilige Cyrillus niet onoverkomelijk vindt.
 ** Voor onze verstrooide socialistische vrienden in het Stadsbestuur: De Internationale is wereldwijd nog beroemder dan de Stille Nacht van Gruber.

teruggevonden


28 april 2025

Ironie en ernst (in voetnoten)


Dit stukje gaat niet over Ludwig Feuerbach, ook al komt zijn naam hiernaast voor, maar wel over Karl Marx, en over de professoren Ernst Elster en Karel van het Reve.

Karel van het Reve geeft in een van zijn boeken* een voetnoot bij de naam Marx: Duits publicist. Beknopt, wel nuttig als je dat toevallig niet weet, maar misschien bevat zijn toelichting wel sporen van ironie of zelfs spot.

Zijn oudere collega Ernst Elster gaf in 1887 ook een voetnoot bij die naam: Karl Marx, der bekannte sozialistische Schriftsteller;

Karl Marx, de bekende socialistische schrijver; in 1843 publiceerde hij samen met Ruge de "Deutsch≈französische Jahrbücher", waarin Heine zijn "Lobgesänge auf König Ludwig" publiceerde (Vol. II, p. 169).

Hier geen verdachtmakingen: dit is louter informatief. 

Zur Geschichte der Religion und Philosophie in Deutschland (1834),
Vorrede zur zweiten Auflage (1852),
in: Heinrich Heines sämtliche Werke,
Kritisch durchgesehene u. erläuterte Ausgabe. 7 Bde.
Bibliographisches Institut, Leipzig u. Wien, 1887–1890.

______________________

* In welk boek precies zou ik moeten opzoeken, maar ongetwijfeld weet Philippe Clerick dat uit zijn hoofd.


23 april 2025

Geloven is mooi, maar ik hou het bij Feuerbach

 

 De scholastiek leerde dat men geloofsartikelen zonder meer als waarheid moest aannemen. Articuli fidei zijn immers geopenbaard, in tegenstelling tot de menselijke, gebrekkige wetenschap.

Lijkt me een verdedigbaar standpunt, en de Vicarius Filii Dei, de Plaatsvervanger van de Zoon Gods zou mij hier zeker zijn bijgetreden, ware het niet dat hij op dit moment opgebaard ligt op het Sint-Pietersplein (dat van Rome, zeg ik erbij voor de Gentenaars).

Kan wetenschap dan géén waarheden verkondigen? Jawel, maar niet in absolute zin. In de menselijke, macroscopische wereld gelden de wetten van Newton en Maxwell nog steeds, en bijna iedereen gelooft, 'weet' dat de aarde rond is.

Maar als dan bijvoorbeeld een rector in spe van de Gentse Universiteit verklaart dat een zogenaamde transvrouw een vrouw IS,* dan lijkt me dat sterk op de afkondiging van een geopenbaarde waarheid, een geloofsartikel. Het staat iedereen vrij dit te geloven, zeker ook de betrokkene zelf, maar al zou de derisus infidelium, het hoongelach der ongelovigen hier misplaatst zijn, je kunt niemand verplichten zo'n geloof aan te nemen en eisen dat hij zijn woordenschat aanpast.

Ludwig Feuerbach legde uit waar de grens ligt:

Waarheid is de grens van de wetenschap. In dezelfde zin dat de vrijheid van de Duitse Rijnvaart jusqu' à la mer reikt, reikt de vrijheid van de Duitse wetenschap jusqu' à la vérité. Waar wetenschap tot waarheid komt, waarheid wordt, daar houdt ze op wetenschap te zijn, daar wordt ze een zaak van de politie – de politie is de grens tussen waarheid en wetenschap.

Ludwig Feuerbach
Vorrede zur zweiten Auflage (1843)
in: Das Wesen des Christentums
Nachwort von Karl Löwith
1969, Reclams Universal-Bibliotheek Nr. 4571

_____________________
* Men heeft daar blijkbaar ook een decaan die in de transsubstantiatie gelooft.

20 april 2025

Zij vechten ook voor óns!

.

Het is tegenwoordig niet eenvoudig om nog iets te kopen dat niet in de Volksrepubliek China 中華人民共和國  is gemaakt, maar toch blijven er – misschien door toedoen van de waakzame Giorgia Meloni – nog enkele essentiële benodigdheden over, bij welker aanschaf wij met een bepaalde fierheid kunnen melden dat ze Europees, in onderhavig geval zuiver Italiaans zijn.

Ik heb het nu over de Proraso scheerkom en de gelijknamige scheerzeep. Twee schitterende producten waarvan het fabricagegeheim al sinds 1908 in het dorpje Caldine nabij Florentië berust, bij Ludovico Martelli S.p.A.

De Italianen hebben hier weinig of niets te vrezen van de Chinese AI.


17 april 2025

Trekt Duitsland weer ten oorlog?

 Het standpunt van Sahra Wagenknecht, die net niet in de Bundestag raakte – de kiesdrempel ligt op 5% en haar partij haalde 4,98%...

Friedrich Merz heeft Oekraïne Taurus-kruisraketten beloofd. Terwijl de VS en Rusland onderhandelen over een uitweg uit de oorlog, en er na lange tijd eindelijk een reële kans op een staakt-het-vuren bestaat, stevent Merz af op escalatie. De levering van Taurus-raketten aan Oekraïne zou absoluut onverantwoord zijn, en praktisch neerkomen op een oorlogsverklaring aan de nucleaire macht Rusland.

Deze langeafstandswapens, waarmee men doelen in Rusland haarscherp kan aanvallen, zouden immers door soldaten van de Bundeswehr moeten worden geprogrammeerd. Dit zou Duitsland tot oorlogvoerende partij maken, en een doelwit voor een Russisch militair antwoord.

Deze waanzin moet koste wat het kost worden voorkomen! Wie Duitsland in een oorlog met Rusland wil meeslepen, in plaats van de vooruitzichten op een compromis-vrede te ondersteunen, is volledig ongeschikt als kanselier en een gevaar voor ons land. De SPD-achterban moet zijn historische kans grijpen om deze gevaarlijke dwaling te stoppen en een veto uit te spreken over de coalitie met de CDU/CSU.

Merz heeft in principe nog niets te beloven. Hij is voorlopig kandidaat-kanselier en pas op 6 mei zal de Bundestag daarover stemmen. Vooraf moeten ook de SPD en CDU hun goedkeuring nog geven voor de coalitie.
De uitslag van de SPD wordt verwacht op 30 april, en die van de CDU op 28 april (maar daar zou alleen het partijbestuur zich moeten uitspreken, niet de leden, wat wel zo handig is). CSU ging eerder al akkoord. Vandaar die oproep van Sahra Wagenknecht, waarbij zij natuurlijk niet op de christendemocraten rekent maar wel op de socialisten.


15 april 2025

Moet echt álles in het Engels tegenwoordig?


Heinrich Heine schreef een doctoraatsthesis in de Rechten over de dos, de bruidsschat. In het Latijn, zo ging dat toen. Latijn had hij als kleine jongen geleerd en hij vond dat heel moeilijk. Later betwijfelde hij zelfs of de Romeinen wel tijd hadden gevonden om hun grote rijk te stichten als ze eerst Latijn hadden moeten leren. Maar ook Frans was moeilijk. Heinrich liep school in Düsseldorf in het door Napoleon bezette Rijnland, en in Ideen. Das Buch Legrand, Kapitel VII, vertelt hij over de Franse les: 


[…] ich erinnere mich noch so gut, als wäre es erst gestern geschehen, daß ich durch la religion viel Unannehmlichkeiten erfahren. Wohl sechsmal erging an mich die Frage: »Henri, wie heißt der Glaube auf französisch?« Und sechsmal und immer weinerlicher antwortete ich: »Das heißt le crédit«. Und beim siebenten Male, kirschbraun im Gesichte, rief der wütende Examinator: »Er heißt la religion« – und es regnete Prügel, und alle Kameraden lachten.
Madame! seit der Zeit kann ich das Wort religion nicht erwähnen hören, ohne daß mein Rücken blaß vor Schrecken und meine Wange rot vor Scham wird. Und ehrlich gestanden, le crédit hat mir im Leben mehr genützt als la religion

[…] ik herinner mij nog zo goed, als was het pas gisteren gebeurd, dat ik door la religion veel narigheden heb meegemaakt. Wel zes keer kreeg ik de vraag: “Henri, hoe zegt men geloof in het Frans?” En zes keer, alsmaar meer in tranen, antwoordde ik: “Dat is le crédit.” En de zevende keer, zo bruin als een kers aangelopen, riep de woedende examinator: “Het is la religion” — en het regende stokslagen, en alle kameraden lachten.
Madame! sedert die tijd kan ik dat woord religion niet meer horen noemen zonder dat mijn rug bleek van schrik, en mijn wangen rood van schaamte worden. En om eerlijk te zijn, le crédit is mij in het leven meer van nut geweest dan la religion.*

Zijn biograaf Ludwig Marcuse zei over deze passage: ...er gab die echte Rothschild-Antwort: le crédit!
Heinrich Heine in Selbstzeugnissen und Bilddokumenten
Rowohlts Monographien, 1960, S.17

Krediet kunnen we allemaal gebruiken, en met mijn credit card is gelukkig niets mis, maar mijn debet kaart verviel, en ik kreeg er een nieuwe toegestuurd.
U ziet ze hiernaast, en het eerste wat mij opviel was dat ze voortaan debit kaart heet... 
Debeo-debes-debet &c. ...die vervoeging kennen we nog, en dan is iemand iets verschuldigd, en credo en creditum ook, en dan gelooft iemand dat hij zijn geld ooit zal weerzien.
Ook debiet kennen we, en als de Fransman un débit zegt, bedoelt hij wellicht een tapperij, een café, een bar of een tabakswinkel.
De perfide Engelsman echter kent debit wél (bv. the sum has been passed to the debit of your account), en zo zien we dat ook het Latijn, zoals alles, voor het Engels moet wijken.
__________
* Cioran, net nog genoemd, vond religie evenmin bijzonder nuttig: Dans les épreuves cruciales, la cigarette nous est d’une aide plus efficace que les Évangiles. Bij cruciale beproevingen komt de sigaret ons efficiënter te hulp dan de Evangeliën.

12 april 2025

Toen werden kranten nog verslonden!


In het vorige stukje noemde ik zijdelings Ludwig Börne, en laat dit een illustratie zijn bij zijn naam.
.
'Het publiek leest nu eenmaal wat het aangeboden krijgt, en zou zeker betere lectuur kiezen als meer getalenteerde mannen hun die zouden aanbieden. Zij zouden moeten schrijven.'
››Das Publikum liest eben das, was man ihm bietet, und würde gewiß eine bessere Lektüre wählen, wenn begabtere Männer ihm eine solche böten. Sie sollten schreiben.‹‹

Ludwig Börne (Juda Loeb Baruch, 1786-1837)
gaf gehoor aan deze raad van een vriendin, en werd zowat de bekendste Duitse politieke journalist van het begin van de XIXde eeuw.
In 1818 begon hij in Frankfurt met het tijdschrift Die Wage, maar al na drie jaar hadden de autoriteiten er genoeg van en verboden ze het blad.*
In 1830 ging Börne naar Parijs, enthousiast als hij was over de Julirevolutie, en consequent als hij was gaf hij daar een tijdlang La Balance uit.
In Parijs was de pers veel vrijer dan in Duitsland of Oostenrijk, al vond Börne de Engelse pers nog beter. Maar in Parijs werd wél veel gelezen, vertelt hij ons.
Kranten worden tegenwoordig door de staat of door reclamebureaus overeind gehouden, of opgekocht door Van Thillo en consorten. Mochten onze journalisten Börne lezen  ik acht die kans gering  dan zouden ze een gevoel van jaloezie nauwelijks kunnen onderdrukken vrees ik:

Alles en iedereen leest. De huurkoetsier op zijn bok haalt een boek uit zijn tas zodra zijn klant is uitgestapt; de fruitverkoopster laat zich de Constitutionnel voorlezen door haar buurvrouw, en de portier leest alle bladen die voor de vreemde gasten in het hotel worden afgegeven. De echte abonnee mag elke ochtend weer bellen dat zijn armen lam worden, de portier brengt hem zijn blad niet eerder dan dat hij het zelf gelezen heeft.
Voor een genreschilder is er geen rijker aanblik voorhanden dan de tuin van het Palais-Royal in de voormiddag. Duizend mensen houden daar een krant in de hand en vertonen daarbij de meest verscheiden posities en bewegingen. De een zit, de andere staat, een derde stapt, nu eens langzaam, dan weer met versnelde pas. Plots trekt een bericht sterker zijn aandacht, hij vergeet zijn tweede voet neer te zetten, en voor de tijd van enkele seconden staat hij als een pilaarheilige op één been. Sommigen staan tegen een boom geleund, anderen tegen de balustrades die de bloemperken afzomen, nog anderen tegen de pijlers van de arcaden. De slagersknecht wist zijn bebloede handen schoon, om geen rode vlekken op de krant te laten, en de pasteiventer laat bij zijn lectuur de koeken koud worden.
Als op een dag Parijs op dezelfde manier ten onder zou gaan als Herculanum en Pompeï zijn ondergegaan, en men groef het Palais-Royal en de mensen daar weer op, en men vond ze in dezelfde houding waarin zij door de dood waren verrast – de papieren in hun handen waren tot stof vergaan – dan zouden archeologen zich de kop breken over wat al die mensen daar precies aan het uitrichten waren toen de lava hen overdekte. Een markt was er niet, een theater evenmin, dat blijkt uit de plek. Geen bijzonder schouwspel had hun aandacht getrokken, want de koppen stonden in verschillende richtingen en de blikken waren naar de grond gericht.
Wat waren die toch aan het doen? zullen zij vragen, en geen van hen zal het antwoord geven: zij waren de krant aan het lezen.




Schilderungen aus Paris (1822 und 1823)
X. Die Lesekabinette


in: Gesammelte Schriften
Vollständige Ausgabe in sechs Bänden
nebst Anhang in zwei Bänden

Leipzig, Max Hesse Verlag, um 1900-1905

Zweiter Band, SS. 40-41


___________________
* Censuur kun je dat niet noemen: men trad ook toen op tegen fake news en desinformatie.

10 april 2025

Palestrina - Bach - Heine - Marx - Lenin ...Cioran

 

Nu de christelijke ramadan bijna voorbij is, en Pasen nadert, zullen we op de radio veel Bach horen, of Palestrina, religieuze muziek, en dat is zeer welkom, ook voor mensen die zich niet tot enige religie geroepen voelen.

Over religie zei Karl Marx in 1844, in Zur Kritik der Hegelschen Rechtsphilosophie: Zij is de opium van het volk, „das Opium des Volkes.“ Vladimir Lenin verving het voornaamwoord door een voorzetsel: „Religion ist Opium für das Volk.“ …en dat maakt een groot verschil, zoals Karel van het Reve al toelichtte. Voor Marx is religie door de mensen zélf uitgevonden, voor Lenin wordt zij door de heersende klasse opgelegd, om de kleine man onder de duim te houden.

Nu was een paar jaar daarvoor, in 1840, een boek verschenen onder de titel Heinrich Heine über Ludwig Börne (latere uitgaven kregen als titel Ludwig Börne. Eine Denkschrift), met daarin een lofzang op de religie:

De hemel is uitgevonden voor mensen aan wie de aarde niets meer te bieden heeft... Heil aan deze uitvinding! Heil aan een religie die een paar zoete, slaapverwekkende druppels goot in de bittere beker van de lijdende mensheid, spirituele opium, een paar druppels liefde, hoop en geloof!

Marx bewonderde Heine, bezocht hem ook in Parijs, en had dat boek natuurlijk gelezen. Het was een soort schandaalboek trouwens, een bestseller.

Later werd Heine ziek en raakte verlamd. Fanny Lewald, een Duitse vriendin, bezocht hem in zijn ‘matrassengraf’ en laat hem aan het woord in haar herinneringen:

Tegenwoordig kan ik eigenlijk alleen nog mijn armen en handen vrij bewegen. En dat alles, ging hij door, terwijl er een lachje over zijn van pijn vervulde trekken gleed, dat alles moet ik nu verdragen zonder de bijstand van Onze Heer Jezus Christus! Maar ik heb toch ook mijn geloof. Geloof maar niet dat ik het zonder religie red. Opium is ook een religie. Als zo’n beetje grijze stof in mijn vreselijk pijnlijke brandwonden wordt gestrooid en de pijn daarna onmiddellijk ophoudt, moeten we dan niet zeggen dat dit dezelfde verzachtende kracht is die in religie werkzaam is? Er is meer verwantschap tussen opium en religie dan de meeste mensen zich in hun dromen durven voorstellen.

Begegnungen mit Heine
Berichte der Zeitgenossen
II: 1847-1856
Herausgegeben von Michael Werner
Hoffmann und Campe Verlag, Hamburg 1973

Tegenwoordig worden auteurs die wij altijd voor goede atheïsten hadden gehouden plots katholiek, en dat overkwam ook Heine ...bijna. Maar u zult het met mij eens zijn: hij had daar ook een goede reden voor:

Franscheska had besloten deze nacht, al knielend en biddend alleen tot heil van haar ziel te benutten. Tevergeefs bood ik aan om te delen in haar gebedsoefeningen; – toen ze bij haar kamer kwam, sloot ze de deur voor mijn neus. Tevergeefs stond ik een vol uur buiten, smekend om binnengelaten te worden, alle mogelijke zuchten slakend en vrome tranen veinzend, en de heiligste eden zwerend – natuurlijk, onder geestelijk voorbehoud. Ik voelde me langzamerhand jezuïet worden.* Ik werd er helemaal slecht van, en bood ten langen leste zelfs aan om voor die ene nacht katholiek te worden.

“Franscheska!” riep ik, “ster van mijn gedachten! Gedachte van mijn ziel! vita della mia vita! mijn mooie, vaak gekuste, slanke, katholieke Franscheska! voor deze ene nacht die je me nog gunt, wil ikzelf katholiek worden – maar dan alleen voor deze ene nacht! Oh, de mooie, zalige, katholieke nacht! Ik lig in je armen, streng-katholiek geloof ik in de hemel van je liefde, met onze lippen kussen we elkaar het zoete geloof, het woord wordt vlees, naar vorm en gedaante wordt het geloof verzinnelijkt, wat een religie! Jullie, papen, jubelen ondertussen jullie Kyrie eleison uit, klingelen en branden wierook, luiden de klokken, laten het orgel daveren, laten Palestrina's mis weerklinken. ‘Dit is het lichaam!’** – ik geloof, ik voel me zalig, ik val in slaap – maar zodra ik de volgende ochtend wakker word, wrijf ik de slaap en het katholicisme uit mijn ogen en kijk weer helder in de zon en in de Bijbel, en ben weer protestants verstandig en nuchter, zoals voorheen.”

Reisebilder IV. Italien. Die Stadt Lucca

Heine had zich inderdaad protestants laten dopen. Als Doctor in de Rechten had hij gehoopt op een academische carrière, maar deze weg lag voor een jood niet open. Die doop noemde hij zijn entreebiljet tot de Europese cultuur.***

In Die Bäder von Lucca ontmoet hij vervolgens een man die hij nog van vroeger kende, en die hij eerder op de berg Sinaï dan in de Apennijnen had verwacht. Hirsch was zijn naam en hij had in Hamburg loterijbiljetten verkocht, maar nu heette hij Hyacinth en was kamerdienaar bij een rijke heer. Ze raken in gesprek over het voor en tegen van katholicisme en protestantisme:

“Maar, meneer Hyacinth, wat vindt u van de protestantse godsdienst?”

“Die is mij dan weer té redelijk, doctor, en als er in de protestantse kerk geen orgel zou zijn, dan wás dat helemaal geen religie. Onder ons gezegd, die religie doet geen kwaad en is zo puur als een glas water, maar baat brengt ze ook niet.”****

Alvast wat dat orgel betreft is Emil Cioran het eens met Hyacinth, en zijn tweede zinnetje had van Heine kunnen zijn:

Sans Bach, la théologie serait dépourvue d'objet, la Création fictive, le néant péremptoire. S'il y a quelqu'un qui doit tout à Bach, c'est bien Dieu.

Zonder Bach ware de theologie verstoken van een voorwerp, de Schepping een fictie, en het Niets voldongen. Als er iemand is die alles aan Bach is verschuldigd, is het wel God.

Syllogismes de l'amertume

Gallimard, Folio Idées, 1952, 1980, p.119

____________

      * Hoewel men hierbij vaak aan de jezuïeten denkt, is de leer van het geestelijk voorbehoud, de reservatio mentalis, niet van hen afkomstig. Het is een tak van de casuïstiek, in de late Middeleeuwen en Renaissance ontwikkeld, die onder omstandigheden toeliet te liegen.
    ** 1 Kor 11:24 Neemt, eet, dat is Mijn lichaam. Door eenvoudige gelovigen, zo beweren kwatongen, werden de meestal gemompelde woorden hoc est corpus verstaan als hocus pocus.
  *** In hun ideologische verdwazing wilden de lichtzinnige Giscard en de cynicus Dehaene geen verwijzing naar de christelijke wortels van Europa in de preambule van hun 'Grondwet', maar Heine wist wel beter.
**** Zijn doop heeft hem niet geholpen. Voor de joden was Heine nu wel een protestant, maar voor de anderen bleef hij gewoon een jood. Es ist nichts aus mir geworden, nichts als ein Dichter.

8 april 2025

Ursula wil zo graag een frisse vrolijke oorlog


Le Monde diplomatique is elke maand weer lezenswaardig, al vrees ik dat na het verscheiden van Mark Grammens niet veel Vlamingen hem nog lezen. In de editie van deze maand bekijkt LMd de mogelijke beweegredenen van de Europese Unie om à volonté geld in te zetten voor bewapening en oorlog. Onder meer Bart De Wever loopt hier gedwee aan de leiband van Ursula, en zijn minister van oorlog is natuurlijk zo gelukkig als een kind. En een wapenschild hebben ze al!

Ik vertaal niet het hele artikel, maar de slotparagraaf kan u misschien aanzetten om ook de rest op te zoeken.

Een gemeenschappelijke defensie, werkelijk?
door Anne-Cécile Robert

Ooit wist Otto von Bismarck Duitsland te verenigen rond Pruisen, door Frankrijk in een conflict te lokken. Op oorlogspad gaan om iedereen onder één vaandel te krijgen en je eigen autoriteit te grondvesten – zelfs al moet je daarvoor een vijand verzinnen – is een oud trucje, maar het kan nog altijd dienstdoen. “Oorlog, of liever de mogelijkheid van oorlog,” legde journalist Jean Quatremer in 2008 uit (in Libération), “is de voorwaarde voor de Unie om zich te doen gelden, gebruikmakend van dezelfde mechanismen die de natiestaten in staat stelden zichzelf op te bouwen.” In naam van de efficiëntie stelt het Europees Parlement voor om GVDB-besluiten* voortaan met een gekwalificeerde meerderheid van stemmen te nemen. In een Unie zonder waarachtige politieke basis, zou die gewapende Europeanisering leiden tot de oprichting van een autoritaire, manicheïstische en oorlogszuchtige bureaucratie.
_________________

* Gemeenschappelijk Veiligheids- en DefensieBeleid. De Nederlandstalige Wikipedia geeft de Spanjaard Josep Borrell nog als hoofd van die organisatie, maar dat is al een tijdje de Estse Kaja Kallas. Een frisse verschijning deze Kaja, maar of ze ook over een fris stel hersenen beschikt moeten we in het midden laten na haar verklaring dat ‘Europa’ (zij bedoelt de EU) na Rusland ook China moet verslaan: “If Europe cannot defeat Russia, how can we defeat China?”

5 april 2025

Na de vakantie even naar het Nieuws gekeken

.

Vlaanderen zal gezellig blijven: het maakt zich niet klaar voor oorlog ...maar bereidt er wel een voor. En er moeten meer tanks 'richting Oosten' gaan, maar zelf zullen wij geen weapons of mass destruction of andere lelijke dingen maken.

Onze simpele bewindvoerders denken blijkbaar dat oorlog beheersbaar is. Te weinig lectuur achter de kiezen vrees ik.

VRT: Maakt Vlaanderen zich klaar voor oorlog?*

Matthias Diependaele: Nee, integendeel.** Maar we gaan ons wel voorbereiden daarop,*** en dat is wat we moeten doen.**** We bereiden ons voor in de hoop dat we het***** nooit moeten gebruiken en dat het nooit tot  zover komt.

___________

        * Een duidelijke vraag, waarop een eenvoudig JA het juiste antwoord was geweest. Politici is echter geleerd dat ze een gedecideerde indruk moeten maken, en op een vraag nooit ofte nimmer met ja mogen antwoorden.
      ** Wat mag toch het tegendeel zijn van ‘zich klaarmaken voor oorlog’?
    *** Ha! ‘voorbereiden daarop’ is het tegendeel. Een onbetekenende taalkundige knulligheid. Iets herformuleren om daarmee net hetzelfde te zeggen, is helaas belachelijk.
  **** Moéten, Diependaele? Van wie moet dat? Van Ursula? de gebuisde Duitse ex-minister van defensie? Ach, misschien heeft een operettefiguur als die ex-kolonel die je vaak op de buis ziet indruk op u gemaakt? Of heeft de simpele gans Hadja Lahbib u over de streep getrokken met haar ridicule filmpje? Hebt u al een zaklamp gekocht, en een radiootje, en een paar flessen water?
***** Wat mag de excellentie bedoelen met ‘het’? Hier had ik nu wél een explicatie, een uitleg, een verheldering, een herformulering willen horen, want op zich zegt het voornaamwoord 'het' niet veel. 


http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html