Degenstoten en dichtkunst
Iedereen heeft De
Drie Musketiers gelezen, is ze aan het lezen, of zal ze lezen zei iemand.
Moge hij gelijk krijgen.
Et qui traînez des jours infortunés,
Tous vos malheurs se verront terminés,
Quand à Dieu seul vous offrirez vos larmes,
Vous qui pleurez.*
Dit leek d’Artagnan en de pastoor wel te bevallen. De jezuïet volhardde in zijn oordeel.
– Hoed u voor de profane smaak in de theologische stijl. Wat zegt immers de heilige Augustinus? Severus sit clericorum sermo.**
Ik ben begonnen aan een gedicht in monosyllabische verzen; het is nogal moeilijk, maar zoals bij alle dingen ligt de verdienste juist in de moeilijkheid. Het onderwerp is galant, ik zal jullie het eerste couplet voorlezen, het telt vierhonderd regels en duurt één minuut.
** Die jezuïet spuit voortdurend Latijnse wijsheden. Het woord des priesters weze streng. Dumas laat die uitspraak, die bij Augustinus overigens niet te vinden is, ook nog eens slecht vertalen door de pastoor.