Moet echt álles in het Engels tegenwoordig?
Heinrich Heine schreef een doctoraatsthesis in de Rechten over de dos, de bruidsschat. In het Latijn, zo ging dat toen. Latijn had hij als kleine jongen geleerd en hij vond dat heel moeilijk. Later betwijfelde hij zelfs of de Romeinen wel tijd hadden gevonden om hun grote rijk te stichten als ze eerst Latijn hadden moeten leren. Maar ook Frans was moeilijk. Heinrich liep school in Düsseldorf in het door Napoleon bezette Rijnland, en in Ideen. Das Buch Legrand, Kapitel VII, vertelt hij over de Franse les:
[…] ich erinnere mich noch so gut, als wäre es erst gestern geschehen, daß ich durch la religion viel Unannehmlichkeiten erfahren. Wohl sechsmal erging an mich die Frage: »Henri, wie heißt der Glaube auf französisch?« Und sechsmal und immer weinerlicher antwortete ich: »Das heißt le crédit«. Und beim siebenten Male, kirschbraun im Gesichte, rief der wütende Examinator: »Er heißt la religion« – und es regnete Prügel, und alle Kameraden lachten.
[…] ik herinner mij nog zo goed, als was het pas gisteren gebeurd, dat ik door la religion veel narigheden heb meegemaakt. Wel zes keer kreeg ik de vraag: “Henri, hoe zegt men geloof in het Frans?” En zes keer, alsmaar meer in tranen, antwoordde ik: “Dat is le crédit.” En de zevende keer, zo bruin als een kers aangelopen, riep de woedende examinator: “Het is la religion” — en het regende stokslagen, en alle kameraden lachten.
Zijn biograaf Ludwig Marcuse zei over deze passage: ...er gab die echte Rothschild-Antwort: le crédit!
De perfide Engelsman echter kent debit wél (bv. the sum has been passed to the debit of your account), en zo zien we dat ook het Latijn, zoals alles, voor het Engels moet wijken.


1 opmerking:
Housman was het met Cioran eens. Ik heb zijn
And malt does more than Milton can
To justify God's ways to man
altijd als heel correct ervaren.
Een reactie posten