Douce France, zong Trenet lang geleden
Om Emmanuel Macron te beschermen bij zijn bezoek aan Le Salon de l’Agriculture in Parijs, had men vier afdelingen van de Compagnies républicaines de sécurité (CRS) opgetrommeld, en er was ook veel gendarmerie, plus vanzelfsprekend zijn eigen veiligheidsdienst.
Macron kon dus niet zeggen – zoals destijds Di Rupo – desferiskoet, want afgaande op de beelden waren alleen de koetjes daar goedgeluimd.
Nee, de sfeer was niet echt goed: de president moest zich terugtrekken op een veilige verdieping van het gebouw om met vertegenwoordigers van de boeren te praten, en ook dat liep niet zoals het hoort want die boeren hadden zich niet aan hun woord gehouden, en Emmanuel vond dat ze hem ‘voor een imbeciel hielden’. Verrassend woordgebruik voor een president.
Toch is zijn aanwezigheid op het salon niet nutteloos
geweest, want de Franse woordenschat heeft erbij gewonnen. Je hoort nu praten
over un président bunkerisé. Sterk woord voor een zaaltje ergens op
een eerste verdieping, maar echt nieuw is het woord ook weer niet.
Bunker – mijn golf spelende lezers kennen dat woord – is in het Frans geattesteerd halfweg de XVIIIde eeuw, en betekende toen een soort
bank die ook als koffer dienst deed. Bij Van Dale lezen we ‘bergplaats voor
kolen, oorspronkelijk Schots dialect', maar lezers die de golfsport niet
beoefenen zullen eronder verstaan: betonnen militaire constructie zoals je die
aan de Noordzeekust wel aantreft als overblijfsel van de Atlantikwall.
Ja, de gemoederen raken verhit en de woordenschat wordt geleidelijk
aan ruwer, tot zelfs belliqueux.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten