Casanova liet 'alternative facts' voor wat ze waren
Anna Binetti was een Venetiaanse prima ballerina, van 1765 tot 1767 verbonden aan de Koninklijke Saksische Opera in Warschau. Bij zijn bezoek aan die stad zocht Casanova haar op in haar loge, na een theatervoorstelling waarbij hij zich stierlijk had verveeld, want hij verstond geen Pools. De balletintermezzi hadden hem evenwel zeer bekoord, en hij wilde Binetti daarmee complimenteren. Nu was de ballerina in die dagen de minnares van koninklijk luitenant-generaal graaf Franciszek Ksawery Branicki, van graaf August Fryderyk Moszyński en waarschijnlijk ook een van de geliefden van koning Stanislaus II, August Poniatowski.
Graaf Xavier Branicki betrapte hem in die loge, en bezag hem zoals een kleermaker, van kop tot teen: ‘Ik heb niet de gewoonte rivalen te dulden.’ De Venetiaan —Casanova vertelt het verhaal in de derde persoon— antwoordde dat hij van die passie niet op de hoogte was, en afzag van alle aanspraken die hij mocht hebben op de beminnelijke schone. Maar dan zei Branicki: ‘En maar goed ook, alleen ...als een schijtluis [poltron] moet zwichten, il fout le camp.’* En aan een viertal officieren die daar stonden gaf hij mee: ‘Die schijtluis van een Venetiaan deed er goed aan er vandoor te gaan, j'allais l'envoyer se faire foutre.’Casanova publiceerde deze geschiedenis in het Italiaans, lang voor hij zijn Histoire de ma Vie schreef waarin de episode uiteraard ook voorkomt, zij het in verschillende bewoordingen en in de ik-vorm.** Een Franse vertaling van Il Duello verscheen destijds bij Éditions Allia als tweede in een reeks van vijf boekjes. Het vijfde is overigens van prins de Ligne: Fragment sur Casanova, gevolgd door hun briefwisseling.***
Maar, nu wilde ik eigenlijk iets helemaal anders vertellen! ...alleen is de stijl van Casanova zo verleidelijk dat een mens zijn draad kwijtraakt. Hij vertelt ons namelijk, nog voor die duelkwestie, hoe je met alternative facts moet omgaan! Onze fact-checkers zullen van il veneziano wellicht iets opsteken:
Acht dagen nadat hij in Warschau was aangekomen, had hij de eer om ten huize van principe Adam Czartoryski te dineren met deze vorst waar heel Europa van sprak en die hij zo graag wilde leren kennen. Aan de ronde tafel zaten acht mensen die allemaal veel of wat minder veel aten, op de prins en de Venetiaan na, want zij praatten de hele tijd over Rusland, dat de prins goed kende en over Italië dat hij, hoewel hij er zeer nieuwsgierig naar was, nog nooit had gezien. Dan te bedenken dat in Rome, Napels, Firenze en Milaan veel mensen me hadden verteld dat ze hem in hun huis hadden ontvangen. Ik liet hen dat maar zeggen en geloven, want in deze wereld loopt iemand groot gevaar die zich waagt aan het moeilijke ambacht**** van het ontnuchteren van gedupeerden.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten