9 juli 2007

Cultural History

.
In de Standaard der Letteren verschijnen vaak recensies waar ik de redactie dankbaar voor ben. Al bij het zien van hun koppen weet ik dat bepaalde boeken niet voor mij bestemd zijn.
Vorige week besprak Marijke Arijs onder de kop “Parijs is een oude hoer” een soort stadsgids, geschreven door een assistent-professor in cultural history, zekere Andrew Hussey, afkomstig van Liverpool. Dat laatste zal nu velen doen denken aan voetbal en hooligans, en ook het begeleidend portret van Hussey helpt niet, maar de man leeft meestentijds in Parijs en geeft er les aan een afdeling van de University of London. Ze hebben daar Engelse lessen voor Fransen, en lessen Frans voor Engelsen.
Zopas verscheen bij de Arbeiderspers de vertaling van zijn boek: .Paris. The Secret History –– Parijs. De verborgen geschiedenis.
Hussey’s belangstelling gaat opvallend vaak uit naar prostitutie en pornografie, zegt Marijke Arijs, en ik zou dat geen bezwaar vinden, ware het niet dat Hussey meent dat hij ook over serieuze onderwerpen zijn licht mag laten schijnen. Bijvoorbeeld over de Franse (hij zegt Parijse) rellen van november 2005 – die zoals wij weten tot een eind in 2006 aanhielden.
Tegenwoordig wordt de burgeroorlog uitgevochten tussen de politie en de jongeren uit de banlieue, vertelt ons Hussey, en hij weet ook hoe dat komt: [...] eigenlijk maken die rellen deel uit van de aloude Parijse traditie van rebellie en contestatie.
Dit is een interessante visie. Die rellen duidden dus op een vorm van integratie, ik zou willen zeggen, zelfs op een bijna verwerpelijk traditionalisme bij de relschoppers!
Parijs heeft nooit bekendgestaan om zijn tolerantie, maar de verhouding met de islam is nog nooit zo gespannen geweest, pikt Arijs in, en de assistent-professor antwoordt:
Historisch gezien valt die slechte reputatie te verklaren vanuit de achttiende eeuw. Toen kwamen massa's mensen uit het Nabije Oosten naar Parijs, de hoofdstad van de vrijheid, maar paradoxaal genoeg kwamen ze in de hoofdstad van het absolutisme terecht [tiens? ...kleine mensenmassa's wellicht]. Tegenwoordig komen mensen uit de Maghreb en van elders naar Parijs in de naam van waarden als vrijheid, gelijkheid en broederschap, maar ze worden geconfronteerd met racisme en werkloosheid. Die mensen zijn natuurlijk verbitterd.
Alweer een verrassend inzicht, want ik wist helemaal niet dat vrijheid, gelijkheid en broederschap de grote motor waren achter de massale immigratie. Velen onzer medeburgers denken wellicht nog dat de modale mohammedaan verondersteld wordt het Westen te verachten, vanwege de valse waarden die hier gemeengoed zijn.
Nog verrassender is echter dat onze gasten zich collectief vergissen, want zoals Hussey wél weet en zij niet: juist in het Westen zijn die waarden niet voorradig. Wij doen daar niet aan. "Wij-en-volge-me dienen artikel nie", zeiden vroeger Gentse winkeljuffers als je hen vroeg naar iets dat ze niet in huis hadden.
In de oude tijden hadden immigranten veel platvloerser redenen om een streek in te palmen.
In The Fall of Rome, and the End of Civilization, van Bryan Ward-Perkins (Oxford University Press 2005) lezen wij bijvoorbeeld:
Fortunately for the Romans, invading Germanic peoples did not despize them, and had entered the empire in the hope of enjoying the fruits of Roman material comfort – but, equally, the invaders were not angels who have simply been badly maligned (or 'problematized', to use modern jargon) by prejudiced Roman observers. (alles wordt onderaan vertaald)
Bryan Ward-Perkins, een Oxford-archeoloog die in Rome geboren werd en er ook woont (zijn vader was al archeoloog), heeft een merkwaardig boek geschreven dat nogal tegen de gangbare opvattingen indruist, omdat het weinig politiek-correcte ideologie bevat maar des te meer feiten (de man is een autoriteit wat potscherven betreft).
Het heeft eeuwen geduurd zegt hij, voor de beschaafde wereld deze catastrofe te boven kwam: [...] the long-term effects of the dissolution of the empire were dramatic [...]. Weinigen van zijn collega's durven dat op die manier nog neer te schrijven, en zij gebruiken liever neutrale termen zoals "overgangsfaze", "transformatie", "evolutie" en dergelijke. Die correcte collega's moeten zichzelf dan soms enig geweld aandoen. Zo bijvoorbeeld de Yale-professor Walter Goffart: ‘what we call the Fall of the Western Roman empire was an imaginative experiment that got a little out of hand’. {W. Goffart, Barbarians and Romans AD 418-584: The Techniques of Accommodation (Princeton, 1980). Ik lees dat bij Ward-Perkins, maar Goffart verdient deze accolade.}
Ward-Perkins maakt zich graag vrolijk over dit soort inspanningen van zijn collegæ, en in zijn onderkoelde Engels schrijft hij voornamelijk over waterleidingen en riolen, over dakpannen en bruggen en wegen, grafitti en munten en vazen. Dat levert zinnetjes op als: [het leven van de heilige Severinus] makes it clear that the process of invasion was highly unpleasant for the people who had to live through it, although it is difficult to specify quite how unpleasant – partly because intervening periods of peace are not recorded, and partly because it is always impossible to quantify horror, however vividly described.
Hij besluit zijn boek met: I also think there is a real danger for the present day in a vision of the end [of Rome] that explicitly sets out to eliminate all crisis and decline. The end of the Roman West witnessed horrors and dislocation of a kind I sincerely hope never to have to live through; and it destroyed a complex civilization, throwing the inhabitants of the West back to a standard of living typical of prehistoric times. Romans before the fall were as certain as we are today that their world would continue for ever substantially unchanged. They were wrong. We would be wise not to repeat their complacency.

The Fall of Rome is een prachtboek, gericht tot de geïnformeerde leek, en Oxford University Press bewijst hier ten overvloede wat een schitterende uitgever al niet vermag.
Helaas heeft OUP laatst het eigen blazoen ernstig bezoedeld met de uitgave van
"In the Footsteps of the Prophet", van de bekende oplichter Tariq Ramadan. Deze "biografie" van de Profeet – en geprezen zij zijn naam, maar wetenschappelijk gesproken weten wij eigenlijk niets over hem, zelfs niet of de goedheilig man ooit wel bestaan heeft – ontlokte in de Neue Zürcher Zeitung van 12 juni volgende bedenking aan de bekende Arabist Tilman Nagel: "...de tot voor kort als wetenschappelijk bekend staande Oxford University Press."
___________________

Gelukkig voor de Romeinen koesterden de invallende Germaanse volkeren geen verachting voor hen, en waren zij enkel binnengevallen in de hoop de vruchten te plukken van het Romeinse materiële comfort – maar, net zo goed waren die invallers geen engeltjes, die eenvoudigweg zwartgemaakt werden (of ‘geproblematiseerd’ om het modern jargon te gebruiken) door bevooroordeelde Romeinse waarnemers.

[…] op lange termijn waren de effecten van de verdamping (oplossing, verdwijning) van het keizerrijk dramatisch.

{‘wat wij de Val van het West-Romeinse Keizerrijk noemen, was een geïnspireerd experiment dat lichtjes uit de hand liep.’}

[het leven van de heilige Severinus] laat duidelijk zien dat het verloop van de invasie hoogst onplezierig was voor de mensen die het moesten meemaken, al blijft het moeilijk om precies te zeggen hoe onplezierig wel – deels omdat tussenliggende periodes van vrede niet geboekstaafd werden, en deels omdat het altijd moeilijk is om gruwelijkheden te quantificeren, hoe levendig de beschrijving ook mag zijn.

Ook denk ik dat een visie omtrent het einde [van Rome], die er uitdrukkelijk werk van maakt om elk begrip van crisis en verval uit de weg te gaan, een reëel gevaar vormt voor de dag van vandaag. De eindtijd van het Romeinse Westen was getuige van afschuwelijkheden en ontwrichtingen die ik in alle eerlijkheid hoop zelf nooit te hoeven meemaken; en hij vernietigde een complexe samenleving, en sloeg de Westerse inwoners terug naar een levensstandaard die overeenkomt met de prehistorie. De Romeinen van vóór de Val waren net zo overtuigd als wij vandaag, dat hun wereld voor altijd en zonder noemenswaardige veranderingen verder zou gaan. Zij vergistten zich. Wij zouden er verstandig aan doen, hun meegaandheid niet te herhalen.

3 juli 2007

The doldrums

.
Wat de politieke toestand in België betreft word ik met de dag optimistischer. Vorige weken in het Nieuws hoorden wij nog van uur tot uur de luchthartige woordjes die Reynders kwam placeren, maar aangezien hij nooit iets te vertellen had, schiet daar weinig van over dat een mens zich kan herinneren. Er lijkt simpelweg geen federale dynamiek meer te bestaan. De wind is uit de zeilen. Het schip van staat bevindt zich in de zogenaamde stiltegordel. In the doldrums zeggen de Engelsen, en bij Melville en anderen kun je nalezen hoe een lange poos van volmaakte windstilte scheepsbemanningen onrustig kan maken – maar aangezien onze tijdelijke schipper Didier goedgemutst blijft, om niet te zeggen dolgelukkig, hoeven wij ons niet nodeloos zorgen te maken of onze slaap te laten. Het schip zelf komt niet meteen in het ongerede.
Ik zou zelfs zeggen dat de windstilte onze schipper zeer te stade komt, want zo krijgt de bemanning de tijd om te vergeten wat voor een ongelukkige koers hijzelf de laatste jaren heeft gevaren. Stilliggen is voor hem nog het minste kwaad, aangezien hij de excuses van de jeugd of de argeloosheid niet kon inroepen toen, noch vanzelfsprekend die der schoonheid.
Ook onze respectvolle journalisten gedragen zich gepast. Hun kalmte en waardigheid, hier en daar gepaard gaand met een vorm van blijmoedigheid zelfs, dwingt algemeen bewondering af. Pogingen om de stilte te doorbreken zullen er van hun kant alvast niet komen. Zo heeft vandaag Le Standaard zijn eerste 9 paginaatjes bijna heroïsch volgekregen met foto's en human interest stories, en pas op de pp.10-11 laten zij zich met min of meer politieke praatjes in. Geen nieuws, goed nieuws dus wat ons eigen landje betreft, maar: .denk ik Europa in de nacht, dan is er niets dat mijn slaap verzacht.
Bernard Bulcke schreef zaterdag een artikel onder de spannende titel “Socrates moet ook Sarkozy bedwingen” (DS p.17). Betreft dit een bokswedstrijd tussen twee kampioenen? Nee, het artikel gaat over het EU-voorzitterschap van Portugal en over de grenzen van de Unie. Zoals alle democraten weten, hebben de Franse kiezers aan citoyen Nicolas Sarkozy een overweldigend mandaat gegeven om deze kwestie aan de orde te stellen, en met een eenvoudigere term heet de hele kwestie trouwens gewoon Turkije.
Bulcke heeft als ancien régime-mens – de man is bijna baron – vanzelfsprekend het volste recht om de wil van een natie te reduceren tot één man, en net te doen alsof die op eigen houtje regeert, maar dat is een vergissing. Tel est mon plaisir is niet wat Sarkozy zegde, Bulcke: ..Sarkozy vertegenwoordigt een land dat massaal is gaan stemmen, en hij is nu voor een tijd hún stem.
Aan sommige journalisten moet je alles uitleggen, bijvoorbeeld dat Parlementsverkiezingen geen Kanseliersverkiezingen zijn, of ook dat de Europese bevolking als geheel niet anders zou oordelen dan de Franse …als zij de gelegenheid ooit nog zou krijgen. Noch Socrates, noch Sarkozy als personen met hun eigenaardigheden horen thuis in de analyse van een journalist die zich in zijn onschuld democraat zal noemen. Overigens is het een uitgemaakte zaak dat de EU helemaal niet van plan is om enige vorm van democratie nog te dulden: je kunt dat zien aan de stijl van Socrates bijvoorbeeld, maar niet enkel van hem want die stijl is algemeen aanvaard.
Bulcke schrijft: Premier José Socrates wilde het zeer informeel houden. Jeans, hemdsmouwen, geen lang exposé en een wandeling in de tuin zodra de vragen wat moeilijker werden. […] Tegen de informele top van de staatshoofden en regeringsleiders in Lissabon op 18 oktober […]. Voor mij mag een samenkomst van democratisch verkozen leiders best wat formeler zijn, met zelfs bindende kledijvoorschriften, met notulen ook, én klare afspraken waar een mandaat voor bestaat. Liever niet dat sfeertje van stoere jongens in hemdsmouwen .…maar áls je wil, is Bulcke hier nog enigszins kritisch.
Als je wil, want verder lezen wij: Maar voor de verdragskwestie aan bod komt, zal Portugal sneller dan gewild met een ander probleem zitten: Nicolas Sarkozy. ...[…] ...In de tuin van Socrates’ residentie werd er al geklaagd dat Sarkozy de Unie niet de hele tijd kan meeslepen in zijn ‘permanente staat van opwinding’. Personalizeren waar het kan, maar op tijd ook de passieve vorm gebruiken zonder namen te noemen. Spreek over politiek Bulcke! of over inhoud zoals journalisten dat tegenwoordig fier zeggen, en doe niet zo denigrerend over een ernstige verkozene des volks, en laat uw stripverhaalfiguren uit de riddertijd thuis liggen. En lees op uw gemak thuis ook nog iets anders: lees over democratie en haar beginselen misschien. Er zijn over dat onderwerp al geschriften ter beschikking van tweehonderd vijftig jaar oud, en zelfs van twee-en-een-half duizend jaar oud.
.

23 juni 2007

Vogue la galère

.
Laatst stond ik met een collega in de lift, en hij vertelde me dat hij in De Volkskrant een heel artikel had gelezen over een op komst zijnd nieuw model van Toyota. Het artikel had hem totaal niet geïnteresseerd zei hij, want had hij geen belangstelling voor auto’s, laat staan voor Toyota’s. Dat moest hij mij overigens niet zeggen, want ik zie hem nooit anders dan op zijn Brompton-vouwfietsje. Maar de journalist van de Volkskrant had hem aan het lijntje gehouden omdat zijn artikel zo goed geschreven was. Mooi Nederlands, goede toon, grappig, al wat je wilt.


Met voetbalreportages op de radio had ik dat in de tijd ook. Je stond in de keuken ajuin te snipperen en dan begon op de transistor Jan Wauters aan een zin, of liever aan een periode, en hij noodzaakte je te wachten op zijn finale substantief of werkwoord, terwijl hijzelf dringend nog enkele aanhalingstekens en haakjes en gedachtestrepen aan het sluiten was. Als zijn werkwoord of verleden deelwoord of substantief eindelijk gevallen was, kon je met een gerust gemoed een opwellende traan uit je ooghoek wissen.

Wat is echter het lot van de Standaard- of .Morgenlezer?
Als er in de Marollen een gruwelijke moordpartij moet verslagen worden, dan schrijft in De Morgen ene Sue Somers over de verdachte:
Van een onschuldige student burgerlijk ingenieur die het weekend aan zee doorbracht om te blokken voor zijn examens tot de voorlopig enige verdachte van de moord op zijn ouders en zijn zus: het was niet bepaald de week van Leopold Storme. […] Reconstructie van een allesbehalve rimpelloze week.
Preliminair aan een goede stijl is natuurlijk dat de hersenschors van de schrijfster niet geheel rimpelloos is. Maar het was misschien bepaald niet Sue haar weekje, en laten we daarom wat verder bladeren.

Op p.42 heeft zekere Paul Baeten Gronda iets te vertellen over Salman Rushdie, die zich voortaan Sir Salman mag laten noemen. Niet echter Sir Salman Rushdie, zoals onze Paul Baeten Gronda meent. Baeten lijkt anders wel een bepaalde affectie voor het Engels te vertonen, tenminste als ik mag afgaan op de woordkeuze in zijn korte artikeltje: can’t have it all, gimme a reason, motherfucker-from-hell, cool, nordic walken &cet.
Ook een bijna-Nederlandse uitdrukking als Hoe dan ook, zo’n fatwa, dat is geen ritje op de paardenmolen toont dat zijn hart elders ligt.

De Ezel van Buridanus is zoals wij weten van honger omgekomen omdat hij niet kon kiezen tussen twee gelijk lekkere hooioppers, en iets dergelijks dreigt er voor Engelssprekenden die niet tijdig weten te kiezen tussen my ass en my arse. Hier lijkt mij Baeten Gronda’s vertaling met mijn reet een heel gelukkige greep.

De koningin van Engeland zal niet gauw van honger omkomen, want naar het schijnt verorbert die elke ochtend twee bokkingen. Zij heeft zelfs een bediende die zich speciaal ontfermt over de aanschaf van deze beesten. Ik vertel u dat lezer, omdat onze Paul meent dat de koningin niet rauwig zal zijn om de recente heisa rond Sir Salman. Vroeger kon een journalist zijn kemels afschuiven op de zetter…

Klein feitelijk foutje moet ik nog signaleren:
De fatwa is ondertussen opgeheven, maar de extremen onder de extremisten, of slimme strategen die 'gimme a reason' op het voorhoofd hebben staan, willen daar niet van horen.
Een fatwa kan niet opgeheven worden Paul, ook niet door de gematigdsten onder de gematigden.

Nu hebben we De Standaard nog niet gehad, maar zij moeten niet bang worden. N'ayez pas peur! .het was helemaal niet erg deze keer.
De allermeeste artikelen heb ik overgeslagen, maar ik las wel het interview met Jean Galler, de Luikse chocolademaker. Dat gesprek ging in het Frans, maar de journaliste Isa Van Dorsselaer had het voor ons vertaald. Galler vertelde:

Alles brengt me aan het lachen. (lacht) Soms is mijn vrouw gegeneerd als we naar het theater gaan. Mensen rond ons horen niets meer van wat op het toneel gebeurt, omdat ik er te luid en te vaak overheen lach. Ik heb le sourire facile.

Hoe zoet de chocolade van Galler ook mag zijn, ik geloof dat zijn vrouw beetje een verzuurd type is. Als een mens al niet meer mag glimlachen!
Maar als ik nu goed lees, dan heeft zij misschien toch gelijk, en beschikt haar man over een hinderlijke, bulderende rire facile ?

Blijven roeien jongen en meisjes !
___________________

P.S. van 25 juni. Luc Van Braekel merkt mij op dat Jean Galler waarschijnlijk gezegd heeft: "J'ai le fou rire facile". Natuurlijk! dat ik daar zelf niet aan gedacht heb ...maar bij de journaliste had hoe ook een belletje mogen rinkelen.
.
.

14 juni 2007

Rebelsheid of ecclesiastische bonhomie?


.
Dat hij een goed entertainer is op de televisie weet iedereen, maar oordelen over bijvoorbeeld  Rik Torfs zijn canonieke capaciteiten kunnen weinigen onder ons denk ik. Evenmin lezer, zullen u en ik ooit weten of Torfs zondag een kans had gemaakt als hij zich op een willekeurige lijst had aangemeld.
Misschien net niét moet hijzelf overwogen hebben, want tenslotte had hij ervaring, weze het enkel met academische verkiezingen.
Als columnist anderzijds kan ik Torfs van tijd tot tijd wel smaken in De Standaard. Ja! in het land der blinden hoor ik roepen maar ik zou toch willen opmerken dat binnen de cirkel van het politiekcorrecte hij zich al eens in de nabijheid van de krijtlijnen durft te wagen. Het ontbreekt mij aan de tijd om voorbeelden te geven, maar minstens een stoute collegejongen is die Rik toch.
Elkeen zal zijn eigen afwegingen maken, en elk schrijft wat hem goeddunkt, maar feiten mogen altijd kloppen. In zijn laatste column had Rik enige moeite. Zijn bedoeling was begrijpelijk: hij moest op een relativerend toontje Jean-Marie Dedecker even op zijn plaats zetten als populist.

Maar stemmen voor Jean-Marie? Nooit. 'Ik zeg wat de mensen denken', meldt hij. Dat vind ik jammer. Want waarom denkt hij niet gewoon zelf na? Hij zou het kunnen. En het is zijn plicht. Een politicus moet naar de mensen luisteren, maar heeft niet het recht hen naar de mond praten. Dat laatste is trouwens een vorm van minachting. Een politicus mag niet zomaar nazeggen wat de mensen denken. Als er niet overal politici waren geweest die zich ondanks de volkswil tegen de doodstraf hadden verzet, bestond ze nu in de meeste Europese landen nog. Dat heb je nu eenmaal met gezond verstand. Het is niet genuanceerd. Het is wreed. Het is niet gezond. Gezond verstand is de ultieme vlucht voor de complexiteit van het leven. Misschien zijn normen en waarden wel de iets beschaafdere versie ervan. Gezond verstand in een zondags kostuum. Dit terzijde.

Wel, dit eveneens terzijde:. in Zwitserland, het enige land waar bovenstaande stelling getest kan worden, is juist de vraag om de doodstraf weer in te voeren de laatste jaren al twee of drie keer in referenda aan de bevolking voorgelegd, en telkens werd zij afgewezen. Torfs weet dit wellicht niet niemand weet alles maar meer ten gronde: als het er echt om spant, dan gelooft Torfs niet in de democratie is mijn vrees.
Laat ik hem nu volgende schrikwekkende mededeling doen: de Zwitserse burgers kunnen morgen die vraag opnieuw stellen! Zij kunnen die aan zichzelf stellen alstublieft ...want het volstaat daar dat enkele Eidgenossen genoeg handtekeningen bij hun andere samenzweerders weten te ronselen, om een beslissend referendum af te dwingen.
Niet zo'n plezierige gedachte, hé Rik? En het wordt nog ongezelliger: zelfs al zou het Zwitserse Parlement morgen de doodstraf invoeren, of wat voor wet ook invoeren of afschaffen, dan nog zou de bevolking die wetten weer ongedaan kunnen maken, of alsnog weer invoeren. Wat die volksvertegenwoordigers eerder beslisten wordt dan nul et non avenu.
Het initiatief daartoe ligt in Zwitserland bij de burger, professor!
Goed, misschien speelt een term als initiatiefrecht niet echt een rol in uw ecclesiastisch vak, maar professor Torfs, u bent toch doctor in beide Rechten, niet?
.

6 juni 2007

In Leterme en in Vande Lanotte zit te veel flogiston

.
Naarmate de kiescampagne vordert gaan sommige politici in moreel opzicht vooruit, anderen weer achteruit.
Tot deze laatste categorie behoren helaas Leterme en Vande Lanotte. Wat die de jongste dagen hebben uitgekraamd over de Armeense genocide is, laten wij het woord maar gebruiken, mensonwaardig.
Nu het er begint om te spannen, beginnen zij tekenen van morele en intellectuele incontinentie te vertonen.
Intellectueel gesproken leven beide heren altijd al een beetje boven hun stand is mijn indruk (ils pètent plus haut que leur cul, zegt de Fransman), maar als er toevallig niets dringends omhanden is valt dat niet aan iedereen op. Deze week echter wreekt zich hun gebrek aan intellectueel gewicht en moreel besef. Ze gaan vanzelf zweven.
Voor Leterme is het natuurlijk vervelend dat zijn kandidaat-soldaat, tegelijk senaatskandidaat Ergün Top ronduit incivieke verklaringen heeft afgelegd over Armenië, en zelfs over het opnemen van de wapens tegen België, in het geval Turkije in conflict zou komen met ons Koninkrijk !
Hypothetisch geval natuurlijk …alhoewel? Turkije bezet militair een stuk van Cyprus, van Europa dus. Volstrekt illegaal, en strikt genomen zou men kúnnen spreken over …een toestand van oorlog.
In eer en geweten moest Leterme zijn senaatskandidaat Top voor elk van deze beide verklaringen laten schrappen van de ledenlijst van zijn partij (en Top zijn burgerrechten moeten trouwens eens bekeken worden). In Nederland gebeuren zulke dingen.
Vande Lanotte is zijn toekomstige coalitiepartner nu bijgesprongen: tegen de Belgische wet in trekt hij de Armeense genocide in twijfel. “Er moet vooral méér onderzoek naar gebeuren”. Het antwoord van iemand die de situatie niet meester is, het intellectueel allemaal niet aankan.
Nu, ook op het moment dat de BHV-kwestie heet was, net toen wist onze professor niet goed of hij als jurist of als politicus moest spreken, want die twee zielen in zijn borst gaven hem twee verschillende antwoorden. Het werd de politicus die sprak, en Vande Lanotte veracht de wet moesten wij besluiten.
Karel De Gucht dan weer, die misschien moed heeft geput uit de standpunten van Sarkozy, verklaart nu: "Wat hij [Leterme] zegt, is een platte tjevenstreek, die ik enkel kan verklaren door het feit dat hier meer Turken dan Armeniërs wonen."
Dat staat zo in De Morgen, en het is heel flink van Karel want vroeger – toen hij als Buitenlandminister nog stage liep – sprak hij heel andere taal.
De Gucht heeft dus, in tegenstelling met zijn collega's, vooruitgang gemaakt in het zicht van de eindmeet.
Maar graag wil ik nu snel het standpunt horen van de Turkse kandidaten op de VLD-lijsten. Kan dat nog vóór zondag? Zou ergens een journalist zich kunnen vrijmaken voor dit karweitje?
.

Een fors uitgevallen bunsenbrander

.
Mooie foto in De Morgen met een grappige commentaar van de journalisten "TS" en "KM".

.


Preventief ingrijpen tegen de processierups kan niet meer. Nu de rupsen van schadelijke haartjes voorzien zijn, kunnen alleen een bunsenbrander en natuurlijke vijanden de diertjes verdelgen.



Preventief ingrijpen tegen iets dat al aanwezig is lijkt mij inderdaad bijna onmogelijk, behalve voor professor Barabas met zijn teletijdmachine.
Maar dat ze bij De Morgen niet te sterk in hun schoenen staan als het over scheikunde of wat voor exact vak ook gaat, bleek hier eerder al. Daarom hiernaast een tekening van een meer gebruikelijk model van de bunsenbrander.

__________________________

P.S. Overigens hoor je nergens iets vertellen ten gunste van deze vrome rupsen, en dan schiet Gaia in dezen toch wel te kort, wilde ik nog gauw zeggen. En ter intentie van "TS" en "KM" : is het begrip "natuurlijke vijanden" wel helemaal koosjer of halal op jullie redactie?

4 juni 2007

Onze eigen Drie-Keizersslag

.
Het grote debat vanavond tussen de drie kanseliers heb ik niet kunnen zien, omdat ik juist op dat ogenblik in elegant gezelschap een pint aan het drinken was op de Graslei. De conversatie daar ging weliswaar over koetjes en kalfjes, maar was toch levendig en interessant genoeg om ons bezig te houden, ook al gingen vanzelfsprekend de gedachten van tijd tot tijd uit naar de historische veldslag die zich op het kleine scherm aan het voltrekken was.

.Ik hoor nu in de samenvatting van het radionieuws, dat het een evenwichtig debat is geworden, mét inhoud. Bravo, dat is al een opluchting. En, anders dan in Austerlitz: .geen van de drie kanseliers ging af.
Dat kon ook moeilijk zou ik denken want de zelfgekozen thema’s waren blijkbaar werk, justitie en milieu. Drie zaken waarover je het wel eens kunt worden, aangezien je aan twee ervan weinig kunt veranderen. Justitie dan: hier inderdaad valt het mennèdzjment nog wat te verbeteren moet Guy gezegd hebben.
Thema’s als BHV, of nog immigratie, nationaliteitsverwerving, importbruiden, of tout court de verenigbaarheid van de islam met een beschaafde Westerse maatschappij …die lijken geen rol van betekenis te hebben gespeeld. Wellicht omdat er een kanselier ontbrak in het debat, en tegelijk alle anderen de oude Burgermanifesten vergeten waren.
Verbeter mij lezer als die zaken wél ter sprake kwamen, maar nu lijkt het mij haast alsof dit debat, zoals men zegt een maat voor niets is geweest.
.

22 mei 2007

Het moeten daar ruwe zeden zijn geweest

.
Van het Hasseltse caféleven ben ik nooit goed op de hoogte geweest. Als in de loop der voorbije decennia dit specifieke onderwerp zich toch aandiende in een gesprek, dan betroffen mijn weinige associaties jeneverkruiken. Meer niet. Ik heb mij met andere woorden nooit een levende voorstelling kunnen maken van dat caféleven.
Dat is een ernstige lacune besef ik, na lectuur vandaag van wat Steve Stevaert in De Morgen vertelt:

“In de alternatieve en hippe milieus waarin ik me tijdens mijn jeugd bewoog, was Das Kapital verplichte literatuur. Niet opgelegd door school, maar door de caféscène. Ik heb het dus gelezen. Het maakte vooral een vreselijk moeilijke indruk op mij.”


Dat was in Gent wel even anders. Niet dat in Gentse scholen Das Kapital op het programma stond –op dat punt was er geen verschil met Hasselt– maar het caféleven moet er anders hebben uitgezien.
Het zal iets vóór Stevaert zijn tijd zijn geweest, maar nogal vaak (of toch vier à vijf keer per week) kwam ik vroeger in een studentencafé aan de StPietersnieuwstraat, 't Keetje: . vlak naast de drukkerij Het Licht waar ze de Vooruit drukten.
Rond een uur of twaalf~één gingen wij ons gratis exemplaar van de band wegrissen, vers van de pers om zo te zeggen.*

Er waren natuurlijk klanten die zich niet lieten afleiden en die onverstoord doorgingen met Kleurenwiezen of Snelbieden (soms zelfs met Manillen, want er kwamen ook wel West-Vlamingen), maar de meesten vonden na een cursorische blik in de verse krant weer nieuwe gespreksstof voor de conversatie waar zij de hele avond al mee bezig waren. Want het ging daar altijd over politiek. Het Keetje zat vol met Trotskisten, en hier en daar een anarchist bij wijze van antagonist.
't Kapitaal
van Marx was vaste kost. Nu kan het aan mij liggen, omdat ik misschien toch de juiste mensen niet sprak, maar ik heb daar nooit één klant staalhard horen beweren dat hij dat boek gelezen had. Bezitten natuurlijk wel, en liefst in een Duitse uitgave.
De omgangsvormen in het Keetje lieten in het algemeen al geen intimiteiten toe – Eddy tange, onze cafébaas stond niet bekend om zijn subtiele omgangsvormen als het over dergelijke zaken ging – en naar analogie wellicht kwam het ook nooit bij ons op om iemand te vragen of hij een bepaald boek werkelijk gelezen had.

Maar paulo maiora canamus, laten wij ook over serieuze zaken spreken: naast Steve kwam in hetzelfde artikel in De Morgen ook Geert van Istendael aan het woord, en die vertelt ook iets merkwaardigs:

"Ik heb stukken van Das Kapital gelezen tijdens mijn studie sociologie. Dan las je dat. Ik begreep niet alles. [...] Maar Das Kapital blijft een van de geniale werken van onze beschaving. Vooral als Marx het heeft over gebruikswaarde en ruilwaarde, die alle andere waarden verdringen. Bad money drives out good money. Dat is een centrale gedachte die tot nu toe niet overtroffen is."

Ik vond het vanmorgen op de trein direct al eigenaardig dat Marx hier in het Engels werd 'geciteerd' door Geert van Istendael. Die man is nogal germanofiel, en hij is zelfs, en ik ben evenmin vrij van die smet, al eens gevoelig voor blonde zingende en jodelende tweelingzusjes, zoals je die soms op de ZDF kunt zien. Zo iemand citeert Marx niet in het Engels.
Het lijkt mij hier bepaald niet het geval, maar het kàn altijd aan de verslaggeefster liggen ...want dat is het eeuwige probleem met de Vlaamse journalistiek: ge keunt er giene stoat op moake. Je weet nooit of ze iemand correct citeren, of een echt feit weergeven, ofwel hun eigen plannetjes proberen uit te voeren, reflexmatig, onbewust soms.
Maar zou van Istendael hier als kerngedachte van Das Kapital een uitspraak citeren die –behalve dat ze puur technisch monetair van aard is en nauwelijks economisch, en al helemáal niet Hegeliaans– ...een uitspraak citeren die daarenboven nog algemeen wordt toegeschreven aan Sir Thomas Gresham (c. 1519 - 1579)?
Allez savoir zeggen ze in Brussel.
____________________

Noot van 23 mei:
Vandaag al stond er in De Morgen een briefje waarin van Istendael alles ontkent. Het is nu afwachten of de journaliste Sofie Vanden Bossche de zaak voor ons wil uitklaren.

In De Morgen van 22 mei word ik verkeerd geciteerd.
Ten eerste, ik heb nooit gezegd dat Karl Marx geniaal is waar hij "het heeft over gebruikswaarde en ruilwaarde, die alle andere waarden verdringen", zoals in de krant te lezen slaat. Dat slaat natuurlijk nergens op. Marx was geniaal omdat hij voorzag wat we nu onder onze ogen zien gebeuren, met name dat de ruilwaarde (en alleen die) alle andere waarden verdringt, zelfs de gebruikswaarde. Ten tweede, bad money drives out good money komt niet van Karl Marx, maar staat bekend als de wet van Gresham. Thomas Gresham leefde in de zestiende eeuw. Marx komt pas drie eeuwen later.
Geert van Istendael, Brussel.

De oplossing die ik nu voorstel luidt: van Istendael heeft gesproken over enkele soorten van waarden, gebruikswaarde, ruilwaarde, misschien ook meerwaarde of gevoelswaarde. Misschien nog andere. Eén van die waarden, de ruilwaarde, heeft alle andere verdreven zal hij gezegd hebben ...ongeveer zoals “bad money drives out good money”. De journaliste, eventueel in de veronderstelling dat Marx in het Engels schreef –tenslotte woonde die in Engeland, en had hij ook nog een vriend die Engels héétte– heeft de vergelijking die van Istendael maakte nu opgevat als zijnde de kerngedachte in Das Kapital ?

o-o-o-o-o

* . Men maakt mij de opmerking dat heel vaak het bijna een uur later was eer wij onze krant konden ophalen... goed, wellicht vergis ik mij, maar daar zijn ook objectieve redenen voor.
Het café sloot om drie uur. Dat was een politiebevel en iedereen wist dat. Hier kon geen betwisting rond bestaan. Maar de klok van het café stond systematisch verkeerd, wat aan de baas de gelegenheid gaf om zéér ruim op tijd zijn rondgang te doen met het gevreesde "Time gentlemen please!" Misschien trok ik systematisch te veel tijd af van de stand van die klok.

.

16 mei 2007

Eerst opzoeken wat "dawa" betekent !

.
Gisteren in Brussel, in het Nederlands-Vlaams Huis deBuren, was er een gesprek tussen de Nederlandse arabist en koranvertaler Hans Jansen, en Omar Luc van den Broeck van de moslimexecutieve. Onderwerp was het tweedelige werk van Jansen: “De historische Mohammed” (Arbeiderspers).

Aan de hand van de oudste verhalen die bij de mohammedanen zelf altijd gemeengoed zijn geweest, vertelt Jansen het weinige dat daaruit met enige zekerheid te puren valt, en geeft hij een overzicht van de vele tegenstrijdigheden die een nuchtere westerse blik ontwaart. Het eerste deel, “De Mekkaanse verhalen” verscheen twee jaar terug, en nu enkele maanden geleden ook het tweede deel: “De verhalen uit Medina”. Samen zowat vijfhonderd uiterst leesbare en vaak grappige bladzijden.

Moderator bij het gesprek was Tarik Fraihi van de SP-a. Helaas, de delicate taak van moderator was voor Fraihi te hoog gegrepen. Gediplomeerd filosoof is hij al, zoals hij ons ietwat overbodig twee keer meedeelde ...maar moderator nog niet, zoals het publiek kon vaststellen. Hij had weliswaar weinig tijd gehad om het boek van Jansen te lezen, dat liet hij ook twee-drie keer weten, en bijgevolg wist hij geen enkel thema aan te brengen en moest het gesprek maar wat aanmodderen. Een opmerking achteraf uit de zaal was dat de avond een rommelig verloop had gekend. Merendeels Nederlands publiek en dan krijg je zulke opmerkingen.
Een rommelig gesprek samenvatten is welhaast zo ondoenbaar als een rij willekeurige getallen samenvatten, maar ik zal toch even de sfeer scheppen.
Jansen steunt zich in zijn boek voornamelijk op de hagio-biografie die zekere Ibn Ishāk, .“de zoon van Isaac”.(704-767), .schreef ruim een eeuw na de veronderstelde [dat zeg ik, niet Jansen] Mohammed. Een vroeger getuigenis is niet voorhanden en noodgedwongen begint Jansen dus met deze late Ibn Ishāk.
Hans Jansen had, bij het begin van wat een gesprek had moeten worden, een kleine filologische bedenking rond de naam Mohammed, zei ook iets over het gebruik van accenten in het Arabisch, die zo hun consequenties hebben als je bepaalde woorden wenst te begrijpen. Want islam betekent vrede had van den Broeck, zijn publiek lichtjes onderschattend eerst geprobeerd, maar langzamerhand weet iedereen ook wel zónder accenten dat islam voorafgaand onderwerping betekent. Meteen leek Omar (die net als de moderator twee of drie keer beklemtoonde dat hij weinig tijd had gehad om het boek van Jansen te lezen; vijfhonderd bladzijden is ook een hele turf om op twee maand te lezen) ...meteen leek Omar enige moeite te ondervinden. Hij voelde zich in nauwe schoentjes scheen het mij toe, zat direct een beetje in een slachtofferrol.

Hij deed daarom een noodgreep, en koos boudweg voor de oplossing om die hele Ibn Ishāk maar tussen grote aanhalingstekens te plaatsen. Jansen deelde hem nog minzaam mee dat hij op die manier een wat aparte positie innam, want dat binnen de mohammedaanse wereld Ibn Ishāk een onbetwist gezag genoot. (Iets als hun Aristoteles begreep ik, of toch een soort verlate evangelist.) Maar nee, het was de koran die telde, en wat kroniekschrijvers zegden was voor van den Broeck ondergeschikt.
De zaal leek deze kwestie interessant te vinden, maar het mocht niet zijn – ik raad de toehoorders aan, mocht iemand van hen dit lezen, om te luisteren naar de Klara-podcast “Rondas” van 11 maart met Jansen, als die er nog is; daar viel meer te rapen – want onze moderator gisteren leek de kwestie niet zo goed te kunnen volgen, en besloot dat "het allemaal te technisch werd" ...voor het aanwezige publiek.
Hij verlegde het accent dus, en begon zelf iets te vertellen over de geschiedenis van Marokko. Een onderwerp dat hij goed beheerste verzekerde hij ...maar dat spijtig genoeg hier niet te pas kwam. Over andere streken in de Arabische wereld moest je hem overigens niets vragen, bekende ongevraagd onze wetenschapper nog. Toch verontschuldigde hij zich daarna, dat hij even uit zijn rol van moderator was gevallen, maar hij nam die dadelijk weer op. De aandacht was ondertussen verschoven, weg van een vervelend wetenschappelijk punt. Ugly facts altijd...
Andalouzië dan maar, waar de verdraagzaamheid van de islam zo groot was in de bloeiperiode. Hier had van den Broeck de literatuur van de laatste dertig jaar niet onder de knie (iets waar hij zich niet voor hoeft te schamen, en waar hij zeker niet alleen mee staat. Dhimmi Lucas Catherine bv. vertelt onvermoeibaar dezelfde fabeltjes, en wordt hier en daar nog geloofd ook).
Even ging het ook over de koran zelf, en over antisemitisme. Jansen merkte op, alweer noodgedwongen, dat er in het heilige boek drie keer staat dat joden apen en zwijnen zijn [voor geïnteresseerden: 5:60, 2:65, 7:166], maar dat er anderzijds in de Bijbel óók onaardige zaken staan, en dat het, wat hem betrof, er vooral toch op aankwam wat gelovigen met dat soort uitspraken vandaag aanvingen. Of ze die nu nog geloven bijvoorbeeld, of er consequenties uithalen en er naar leven.
Hierop kwam geen antwoord, behalve dat van den Broeck vond dat Mohammed juist bijzonder grote eerbied voor de joden en hun profeten had, en meteen begon hij over iets anders ...Auschwitz natuurlijk! . Enzovoortenzoverder.
Om kort te gaan: een gesprek was er niet.
Dat wist ik natuurlijk op voorhand. Met mohammedanen is een redelijk gesprek, met woord en wederwoord, zo goed als uitgesloten zodra hun islam ter sprake komt. Zoals eenieder weet die het zelf al eens probeerde: dawa is dan nog het enige dat uit hun mond komt.
Met een moslimmoderator erbij, dacht ik, zou het misschien anders verlopen? daarom ging ik toch luisteren.
En terecht bleek, want achteraf vroeg ik aan de auteur om zijn boek te signeren, en hij schreef: Voor Marc, had een vrolijk avondje, Hans Jansen. Het was inderdaad een waar genoegen om tot besluit van deze avond enkele redelijke en vrolijke woorden te wisselen met deze geleerde man, onder het genot van een goed glas wijn, ons aangeboden door deBuren.
.

15 mei 2007

Niet lastig worden laat op de avond, hé Guy!

.
Of er een debat moet komen tussen de kopmannen van de eerste en de vierde partij van Vlaanderen betwijfel ik, maar waarvan ik mij zelfs niet bewust was, is dat wij straks eerste-ministerverkiezingen zullen hebben. Parlementsverkiezingen waren het toch? nog geen formateursverkiezingen.
Guy moet niet te lang op zo’n debat blijven aandringen wil ik hem zeggen, want waar blijft zo het respect voor onze Vorst Albert Coburg en diens koninklijke prerogatieven?
Akkoord, het gaat wat stroef in Guy zijn partij, en net dan is onze Noël de oude niet. Een ongeluk komt nooit alleen. Daarom dat ik mijn nederige diensten aanbied.
Ik zie mijn stadsgenoot Guy al niet graag een blauwtje lopen, maar wat ik nog minder graag zou zien is dat hij straks de indruk geeft van iemand die te lang op café is blijven plakken, lastig wordt omdat hij zijn gelijk niet meer haalt, en dan tegen een andere toogpilaar begint te roepen: Koom ne kier mee buiten, joengene! G'hèt gien herte!
.

Overigens is dat soort debatten futiel: Kennedy won omdat Nixon zich die ochtend slecht geschoren had.
De oervorm van dit TV-format.

.

12 mei 2007

Sportreportage op Skandinavisch niveau




Als je in de wereld een bepaalde situatie wilt veranderen, zegt deze man – bv de armoede bestrijden of de gezondheidszorg verbeteren met ontwikkelingshulp en financiële transfers – dan is het niet enkel belangrijk dat je goed onderscheid maakt tussen de landen onderling, maar ook dat je binnen die landen kijkt naar allerhande verschillen. Overal met dezelfde remedies aankomen heeft weinig zin: the improvement of the world must be highly contextualized.
.

2 mei 2007

Lichtblauw en donkerpaars

.
In onze streken is het verschijnsel onbekend, maar bijvoorbeeld in Duitsland moet het geregeld voorkomen. Iemand ergert zich ergens zodanig aan, dat hij op slag katholiek wordt. »Aus Ärger katholisch geworden«, zeggen de machteloze omstanders.
De ergernis waar wij het over zullen hebben, lezer, is gelukkig van geringere orde maar toch een ergernis.
Vaker overkomt het me de laatste tijd, als ik ‘s ochtends in het Sint-Pietersstation een krant koop en uit gewoonte eerst even kop van Le Standaard bekijk –meer dan één kop gaat niet op hun formaat– dat ik dan besluit om De Morgen te kopen.
Dat beschermt een mens nog niet tegen ergernissen! .zult u zeggen, en dat is waar, maar tenminste is er op hun voorpagina al iets meer te zien over de binnenkant van hun krant, en wordt de lezende mens niet pardoes overvallen door een dominerende, resumerende, simplificerende, en vaak nog artistiekerige foto. Die Vandermeersch moest eens een plekje krijgen bij de commerciële TV.
Maar, ook al was vandaag hun foto niet zo erg als gewoonlijk, toch kocht ik De Morgen. Een ergernis kan soms dagen doorwerken. Zodoende las ik, tegen het eind van mijn treinrit, Walter Pauli zijn bespreking van de recente biografie van Ernest Mandel. Ik duidde met rood direct enkele woorden en zinnen aan, en stapte af. Naar het werk.
Daar kwam mij toevallig een artikel uit The New Scientist onder ogen, want met Vlaamse kwaliteitskranten alleen keun ik mijne pap niet koelen, zoals ze in Gent zeggen. Het schijnt dat de Russen verschillende woorden hebben voor lichtblauw en donkerblauw. Voor hen zijn dat twee verschillende kleuren.
Ons kan dit feit wellicht verwonderen, en misschien De Croo weer niet, maar wat De Croo niet weet, is dat de Russen door die loutere eigenschap van hun taal allemaal in staat zijn om significant sneller onderscheid te maken tussen die twee –voor onstinten van blauw. Bon, kleuren zijn één ding, blauw, paars, rood, vind het verschil maar.
Veel interessanter zou het zijn als wij, en de Morgenredacteurs met ons, twee of zelfs meerdere aparte woorden hadden voor de gradaties die er liggen tussen slim en heel slim.
Pauli had die biografie van Mandel echt gelezen verzekert hij ons, maar hij was na lectuur min of meer onbevredigd achtergebleven. Ik heb die biografie ook niet gelezen ...maar ik bespreek enkel de bespreking ervan, en die heb ik wél gelezen.
Een interessante slotbeschouwing van Pauli was: Hoe slim deze intellectueel [Mandel] was, blijft een open vraag.
Kwantificeer dat maar eens inderdaad!
En wat betekent voor jou de term intellectueel, Pauli? .Leer eens duidelijk zeggen wat je te zeggen hebt, in je eigen woorden, woorden die je goed machtig bent, waar je zelfs niet over moet nadenken. Probeer die wapens eerst eens uit. Ach Walter, mensen die Mandel ooit in een lezing bezig hebben gehoord, zoals uw dienaar, of die met hem school hebben gelopen of zelfs met hem in de klas hebben gezeten op het Antwerpse Atheneum (zoals ik iemand heb gekend), die weten dat wijlen Ezra, heu, donkerblauwslim was.
Als dat je slimste bedenking was, Pauli, aan het eind van een boekrecensie, dan is die lichtblauwslim.
En wat ongeveer wit was, ongeveer halverwege jouw recensie ... is dat je Mandels hoofdwerk Das Spätkapitalismus noemt.
Permitteer jezelf eens ne goeien diksioneir man, want dat werk van Mandel lezen, dat moet jij echt niet doen, en om je te troosten: ik heb het ook nooit gedaan.


27 april 2007

Geert van Istendael is een verduldig man

.
Na lectuur van de vele, en ik vind mooie boeken die van Istendael al geschreven heeft, is “verduldig” misschien niet het eerste adjectief dat bij zijn lezer zal opkomen om de auteur te karakteriseren, maar dat oordeel kunnen wij nu bijstellen.
Morgenjournalist Jeroen De Preter had zaterdag een interview met van Istendael, naar aanleiding van diens boek over Duitsland. Ik weet niets af van die wellicht nog jonge reporter, maar Jeroen stelde zijn vragen nogal raar, en ik meen dat van Istendael enkele keren op zijn tanden heeft moeten bijten. Hij deed dat met voorbeeldige gelijkmoedigheid. Gelassenheit had ik bijna geschreven, maar ik wil geen Heideggerianen in het harnas jagen.
Wat vroeg in zijn onschuld die jongeman De Preter zo aan van Istendael? en waarop gaf deze laatste antwoord, met een waar fiat voluntas tua? Twee voorbeelden:
Tot mijn grote verbazing las ik in uw boek dat de fractuur, het typisch Duitse of gotische schrift, hoegenaamd niets te maken heeft met de nazi’s.
en iets verder: Kunt u verklaren waarom zoveel grote componisten – Schubert, Bach, Beethoven, Wagner – uit Duitsland komen?
Tot grote opluchting van zijn uitgever Atlas, zo vermoed ik, sprong Geert van Istendael hier niet uit zijn vel, nee, hij antwoordde gewoon. Hij liet met kalmte na om onze Jeroen er op te wijzen dat de Fraktur al in de vijftiende eeuw voorkwam, en dat Schubert een Oostenrijker is – tot voor de Anschluss nog geen deel van Duitsland.
Misschien heeft van Istendael iets van mededogen, of van een pedagogische eros gevoeld in het bijzijn van zoveel jeugdige argeloosheid?
Lovenswaardig is zijn houding in beide gevallen.

Dertig jaar geleden gaf Karel van het Reve, die schitterende man, al blijk van eenzelfde gelatenheid als die welke ons van Istendael liet zien. In zijn radiopraatjes voor de Nederlandse Wereldomroep (gebundeld in Luisteraars! en uitgegeven bij van Oorschot in 1995) vertelt hij aan de landgenoten in de Overzeese Gebiedsdelen hoe het gesteld is met de feitenkennis van de jeugd in het thuisland:

Als een universitaire docent vroeger op college zei: Byron of Goethe of Marx, dan trok iedereen een gezicht van: ja natuurlijk, hoe was het ook weer, Byron hè? George Gordon lord Byron, Engelse dichter 1788-1824, auteur van Don Juan, Childe Harold, manke poot had hij, groot vrouwenjager, tijdje in Venetië gewoond, erg rijk, hield van zwemmen, paardrijden, gestorven in Griekenland, had de Grieken geholpen in de oorlog tegen de Turken. Dat wísten de studenten van twintig jaar geleden natuurlijk niet allemaal, maar ze wisten wel, dat ze het behoorden te weten, dat ze geacht werden dat te weten. En als ze het niet wisten dan zochten ze het thuis stiekem op of ze vroegen het aan hun moeder, want ook in het gezelschap van hun medestudenten was het een beetje beschamend om openlijk te moeten bekennen dat je nooit van Byron had gehoord.



27 december 1979

25 april 2007

Nadenken gaat nog het best in de schaduw

.
Met het overvloedige goede weer van de laatste weken, lezer, heeft de zonneschijn iets van zijn gebiedende karakter ingeboet. Ik neem aan dat ook voor u de terrasjes en fietstochtjes geen dagelijkse plicht meer zijn, zodat wij met een gerust hart de steengoede Perlentaucher nog eens kunnen raadplegen. Ik vertaal:

Wat integratie betekent voor Moslims

Deze week komen de afgevaardigden van de Islamconferentie voor de tweede keer samen in hun werkgroepen. Het gaat over de integratie van de moslims en bijgevolg over de verhouding van de religie –de islam dus– tot de samenleving, en om mensenrechten die ondeelbaar zijn, ook voor moslimvrouwen en -mannen.
Er wordt gedebatteerd over Europese waarden, als de vrijheid van godsdienst en de seculiere staat.

In een bijdrage voor de Frankfurter Allgemeine Zeitung zet de publiciste en sociologe Necla Kelek (Die fremde Braut) de premissen uiteen, waar deze gesprekken onderhevig aan zijn. Zonder kritisch debat over de historische context, over de koran, over de islamitische zeden en gewoonten, de vijandigheid tegenover vrijheid en het collectivistische maatschappijmodel dat de islam nastreeft, zal er van integratie van moslims in Europa niets in huis komen. Islamwetenschappers als Tariq Ramadan wrijft zij vrouwvijandigheid aan, en een streven naar een Tegenverlichting die de Europese moderniteit wil islamiseren, en het Westen bezoedelen.


Pogingen om “de Europese moderniteit te islamiseren”

“De islam zelf”, schrijft Kelek, “heeft in de 1400 jaar van zijn geschiedenis zo goed als geen wortels kunnen slaan in Europa. Hij kent geen individualiteit, zijn mensbeeld is niet toegerust voor de moderne wereld, want deze heeft behoefte aan individuen met een eigen verantwoordelijkheid. […] De islam bedoelt niet enkel een geloof te zijn, maar beoogt als religie een éénheid van levenswijze, geloof, wetten en politiek. Dat staat haaks op secularisering.” Het dilemma van de islam, schrijft de sociologe: “is dat hij wel een persoonlijke weg naar spiritualiteit kan leveren, waarbij niemand het innerlijke leven van een persoon zal betwisten, maar dat de individuele moslim zich gedráágt als een groepslid dat aan de gemeenschap verantwoording is verschuldigd, en waarbij dier eigen opvattingen als allesomvattend gelden.”
Necla Kelek keert zich tegen Tariq Ramadan, professor islamstudiën aan de universiteit van Oxford [*], die zij beschrijft als een prominente “vertegenwoordiger van de antiVerlichting en de restauratie van de islam”. “Zoals voor Khomeiny zijn ook voor Ramadan de Westerse waarden niets anders dan gesels van het imperialisme”, schrijft de auteur, en zij citeert de Oxfordgeleerde: “De Westerse levenswijze speelt in op, en houdt zich in stand door, verleidingen die aansporen tot de meest natuurlijke en primitieve instincten van de mens: maatschappelijk succes, machtsstreven, vrijheidsdrang, bezitsdrang, seksuele noden enz.” Ramadan zou pogen “de Europese moderniteit te islamiseren”.

Het zelfbeeld van Europa staat ter discussie

Na een kritiek van de “School van Ankara”, een islamitische hervormingsbeweging voorgestaan door de Diyanet, het Turkse ambt voor islamzaken, en door de feministische koranexegese, zoals ontwikkeld door Fatima Mernissi en Nahed Selim, komt Kelek tot een bespreking van de “Mensenrechtenverklaring van Cairo” op 5 augustus 1990, ondertekend door 45 ministers van Buitenlandse Zaken van de Islamitische Conferentie, het hoogste wereldlijke college van de moslims.
“Anders dan in democratische grondwetten” schrijft zij, “is hier van het individu geen sprake, maar van het collectief, van de umma, de gemeenschap der gelovigen. Consequent doorgaand, kent deze Verklaring enkel dié rechten aan moslims toe, die in de koran vastgelegd zijn, en – geheel volgens de shari’a – merkt zij enkel zulke daden als misdaden aan, die ook door de koran en de sunna als dusdanig beoordeeld worden.”
Over de islam in Europa spreken, besluit Necla Kelek, houdt in dat men uiterst grondig over het zelfbeeld van Europa spreekt. Als er voor de “islamcultuur” een plaats wordt opgeëist, dan gaat het om vrijheid, secularisering en om mensenrechten. “Kunnen wij”, vraagt zij, “zoals Tariq Ramadan eist, het aan de moslims overlaten om ‘zelf te beslissen’ wat integratie voor hen inhoudt?”


Het volledige artikel is te lezen in het F.A.Z.-feuilleton van vandaag.

P.S. Die "Mensenrechtenverklaring van Cairo" bevat 25 artikelen, met allerlei lovenswaardige zaken erin, het gaat soms zelfs over vrouwenrechten, maar de laatste twee artikelen lijken mij iets af te doen aan de 23 voorgaande:

Article 24: All the rights and freedoms stipulated in this Declaration are subject to the Islamic Shari'ah. (alle rechten en vrijheden zoals in deze Verklaring gestipuleerd, zijn onderhevig aan de islamitische shari'a)

Article 25: The Islamic Shari'ah is the only source of reference for the explanation or clarification to any of the articles of this Declaration. (de islamitische shari'a is de enige referentie om de artikelen van deze Verklaring uit te leggen of uit te klaren)


Tja, we zijn er nog niet hé jongens!

_______________

[*] Over dat professoraat van deze Tariq valt nog wel één en ander te zeggen: hij is helemaal geen "Oxfordprofessor" zoals ook de Frankfurter schijnt te geloven. In Genève mag Tariq zichzelf dan professor noemen, maar in Oxford werd hij enkel uitgenodigd voor gastcolleges : "Oxford's new visiting Professor" werd hij in Engelse kranten voorgesteld, en dat lijkt mij al gek genoeg.
Cfr. wat Bassam Tibi hierover te zeggen heeft op de Perlentaucher: "Tariq Ramadan [...] der sich selbst falsch als Oxford-Professor vorstellt (er ist dort nur zeitlich begrenzt als Fellow - eine Fellowship ist keine Professur; so geht er auch mit anderen Fakten um)"
.

10 april 2007

Even Terzake: bent gij een debiel?

.
Niet iedereen wellicht zal geneigd zijn om op mijn beledigende vraag in te gaan, maar de eerste burger van het Koninchrijk Balguy, de bekende herenboer De Croo, een man die in zijn tijd nog rechtswetenskappen heeft gestudeerd, en daarna even zelfs onderwezen meen ik, zal haar ongetwijfeld met een beleefd en duidelijk ja! beantwoorden.
Onze Herman staat immers tot in het verre Kongo, zelfs tot in het nog verdere Laeken bekend om zijn vranke en loyale taal. Hij moet er niet op knabbelen, il ne mâche pas ses mots! En integriteit is voor hem een tweede natuur.
Deze man, die zich terecht een expert in paardentuig mag noemen, die met evenveel gemak ook over het ijzeren paard der spoorwegen zijn woordje kan placeren, en over de stalen vogels van onze maatskappij der luchtwegen, welnu deze Herman zal ruiterlijk erkennen dat iemand die na de redelijke termijn van een heel leven niet in staat is om één korte correcte Nederlandse zin te produceren, ook in mijn posterijen rustig als een debiel mag worden bestempeld.
.
_______________________

P.S. Wat zou de zoon van de alom heiligverklaarde Hugo Schiltz denken over de anti-nationalistische klap van zijn boegbeeld De Croo? En al die andere Open-VolksunieVLD-ers, Bartje, Quickie, Fons, Krunk &cet. ?

"Sag mal, verehrtes Publikum: bist du wirklich so dumm?" (Kurt Tucholsky)
.

2 april 2007

Over vogels en vissen

.
Verschuivingen in de toonaard van kranten- en radioberichten merk je elke dag wel, en bij de meest verschillende gelegenheden. Soms zijn het niet eens verschuivingen, maar regelrechte koerswijzigingen. Gisteren wordt éénzelfde feit overal nog zus verslagen, vandaag zo. Hoe komt dat?
Neem nu weer die Franse non, sœur Marie-Simon-Pierre, die van de ziekte van Parkinson genezen is nadat zij tot de pas gestorven Karol Józef Wojtyła een devotie had gericht. Een grap zult u denken, want een beschaafde West-Europeër zijn die schellen al langer van de ogen gevallen. Ook katholieken zullen vrezen dat die Franse dokter er met zijn eerste diagnose lichtjes naast zat. “D’ailleurs”, mag Albert Coburg aan die dokter terecht opmerken, ”iedereen beeft al eens, en dat is daarom nog geen Parkinson”.
Ik moet nu denken aan die oude prof in de psychiatrie, zijn naam ontschiet mij spijtig genoeg, maar die verklaarde: “Als ik een schizofrenie diagnosticeer, dan is zij ongeneeslijk. . Zulke mannen hebben wij nodig, een dokter naar mijn hart, maar misschien was zijn diagnose eenvoudiger dan een Parkinson.
Ernstige mensen glimlachen als zij horen vertellen over wonderen, vliegende schotels, telepathie of openbaringen. Tot voor kort deden ook kwaliteitsjournalisten dat.
Maar de laatste tijd valt het mij op hoe geweldig serieus deze laatsten worden zodra het Bovennatuurlijke ter sprake komt. Daarnet konden zij hun collectieve lach nauwelijks bedwingen, en nu kunnen zij niet respectvol genoeg klinken. Die coördinatie, dat synchroonzwemmen intrigeert mij, want journalisten zijn tenslotte geen troep soldaten die, zoals Leni Riefenstahl zo mooi heeft aangetoond, op commando de meest ingewikkelde figuren kunnen uitvoeren. Maar Riefenstahl toonde een eenvoudig geval; er was vooraf geoefend dunkt mij, en alleszins werden de commando’s ter plekke luid en duidelijk geroepen. Van een triomf van de gezamenlijke wil is onder die omstandigheden geen sprake meen ik.
Ons geval is stukken complexer. Ik geloof al niet dat de journalisten eerst geoefend hebben, en evenmin hoorde ik ergens een bevel. Élisabeth Lévy, van onder meer France Culture, lichtte ooit de pensée unique van journalisten toe met : Pas besoin d’aucune censure formelle: il suffit que tout le monde pense la même chose au même moment.
Maar dat is net het probleem! Hoe komt die synchroniciteit tot stand? Bij sociologen of politicologen wil ik niet te rade gaan, u zult daar begrip voor hebben lezer, maar biologen buigen zich al langer over dit vraagstuk.
Een school vissen kan ook plotseling van richting veranderen, of een klad vogels, en hun wonderbaarlijke, tijdloze coördinatie boezemt verbazing in. Alle mogelijkheden werden door de biologen onder ogen genomen. Misschien zijn er chemische signalen in het spel, zogenaamde gradiënten? Of fysische, bijvoorbeeld drukverschillen? Of misschien is er toch gewoon een Leider die het voorbeeld geeft? want met hoge-snelheidscamera’s zien zij, weliswaar infieme, tijdsverschillen in de bewegingen van de groepsleden. Wiskundige hulpwetenschappers werden ingeschakeld, en computermensen, en wat nog, en die werken samen aan een oplossing van dit heel moeilijke raadsel. Een antwoord dat eenieder bevredigt is er geloof ik nog niet.
Even ingewikkeld als een school vissen of een vlucht vogels zijn gelukkig journalisten weer niet. Met eenvoudig analogiedenken komen wij al een heel eind.
Aangezien journalisten tegenwoordig niet meer mogen twijfelen aan ridicule verhaaltjes die afkomstig zijn uit andere godsdiensten dan het katholicisme, en aangezien tegenwoordig niemand het zelfs nog zou wagen te lachen als de een of andere kwiet hem in ernst vertelt dat de engel Gabriël in de zevende eeuw een boek heeft gedicteerd aan een kamelendrijver …enkel daarom profiteert ook het door journalisten nog altijd verachte katholicisme mee van hun panische non-discriminatiedrift, en daarom ook kan de ziekte van Parkinson nu genezen worden.
.

http://victacausa.blogspot.com/victacausa.blogspot.com5edf7b715d0afaa3d68201fa2d94715a304487db.html